Bekijk volle/desktop versie : Bepaalde lessen vanuit Soerate al-Fatiha



23-07-2013, 00:30
Bepaalde lessen vanuit Soerate al-Fatiha




Door imam Mohammed Ibn ‘Abdelwahhâb

Bron: Dourar Saniyya volume 13 pg. 73


« Alle lof aan Allah, de Heer der werelden. De Meest Barmhartige, de Meest Genadevolle. De Koning van de Dag des Oordeels. »



Deze 3 verzen bevatten 3 thema’s:



Het eerste vers:

Dit bevat de liefde, want Allah voorziet in de genade en degene die deze genade ontvangt, zal met betrekking tot deze genade van Hem houden. En de liefde kent 4 categorieën:



1) De liefde voor afgoderij

Het is de liefde die Allah aangeeft in het vers:

« En er zijn er onder de mensen die naast Allah deelgenoten toekennen, die zij liefhebben met de liefde als (die) voor Allah, maar degenen die geloven zijn sterker in de liefde voor Allah. En als degenen die onrecht pleegden, zouden weten wanneer zij de bestraffing zien, (dan zouden zij weten) dat alle macht aan Allah behoort en dat Allah hard is in de bestraffing. Wanneer degenen die gevolgd werden zich los verklaren van degenen die hen volgen: en zij zagen de bestraffing en (dat) de banden met hen verbroken waren. En degenen die volgden zeiden: "Was er voor ons nog maar één keer (de gelegenheid om naar de aarde terug te keren), dan zouden wij ons onschuldig verklaren aan hen, zoals zij zich aan ons onschuldig verklaarden". Zo laat Allah hen hun daden zien, als (een bron) van spijt voor hen. En zij zullen de Hel niet verlaten. »

(Soerate 2 vers 165-167)



2) De liefde voor de leugen en de leugenaars en de haat voor de waarheid en de waarachtigen: dit is een eigenschap van de hypocrieten.



3) De natuurlijke liefde, dit is de liefde voor de rijkdommen of voor de kinderen. Zolang de persoon zich niet afwendt van de gehoorzaamheid van Allah en deze liefde niet leidt tot het schenden van Zijn bevelen, is dit soort van liefde toegestaan.



4) De liefde voor het monotheïsme en de haat voor de polytheïsten: dit is het sterkste onderdeel van het geloof en de grootste aanbidding van een dienaar, gewijd aan zijn Heer.


Het tweede vers:

Bevat hoop.


Het derde vers:
Bevat angst.

« U alleen aanbidden wij »



Dit wil zeggen: ik aanbid U, O Heer, door deze 3 zaken: uit liefde voor U, uit hoop op U en uit angst voor U.

Deze 3 elementen zijn de pijlers van de aanbidding. Deze elementen tot iets of iemand anders wijden dan Allah, is afgoderij.

En deze 3 verzen spreken degenen tegen die zich vastklampen aan slechts één ervan, zoals degenen die zich enkel vastklampen aan de liefde, degenen die zich enkel vastklampen aan de hoop of degenen die zich enkel vastklampen aan de angst. Degene die één van deze zaken aan iets of iemand anders wijdt dan Allah, is een polytheïst.


We kunnen dus uit deze verzen het volgende leren:

Een tegenspraak voor de 3 sektes die zich vastklampen aan slechts één van deze elementen:

1) Degenen die Allah alleen aanbidden uit liefde.

2) Degenen die Allah alleen aanbidden uit hoop, dit zijn de Moerdji’a.

3) Degenen die Allah alleen aanbidden uit angst, dit zijn de Khawâridj.



« U alleen aanbidden wij en U alleen vragen wij om hulp. »



Dit versbevat de Eenheid van Allah in Zijn Goddelijkheid en in Zijn Heerschappij:



- « U alleen aanbidden wij »bevat de Eenheid van Allah in Zijn Goddelijkheid.

- « En U alleen vragen wij om hulp »bevat de Eenheid van Allah in Zijn Heerschappij.



« Leid ons op het rechte pad »



Dit vers is een tegenspraak voor de ketters.



Wat betreft de 2 laatste verzen, zij leren ons onder andere:



- Dit zijn de mensen; Allah heeft hen opgesplitst in 3 categorieën:

§ Degenen aan wie U gunsten hebt schonken.

§ Degenen op wie de toorn rust.

§ De dwalenden.



Ø Degenen op wie de toorn rust, zijn degenen die de waarheid kennen, maar deze niet in praktijk omzetten.

Ø De dwalenden zijn degenen die wel praktiseren zonder te weten dat wat ze doen, de waarheid is.

En zelfs al is de reden van de openbaring van dit vers, de joden en de Nasara , het heeft betrekking tot elke persoon die deze eigenschappen heeft.

Ø Degenen met de eigenschap de kennis en de praktijk, zijn degenen die de gunsten hebben ontvangen.



Deze soerate leert ons ook:


- Om zich te ontdoen van kracht of macht, want Hij is het die jou zegent met de gunsten.

- Allah perfect te kennen en alle gebreken tegenover Hem te bestrijden.

- Het leert de mens om zichzelf te leren kennen, eveneens zijn Heer, want:



Ø Als er een Heer is, is er noodzakelijkerwijs een dienaar.

Ø Als er een aanbidder is, is er noodzakelijkerwijs een Aanbedene.

Ø Als er een Gids is, is er noodzakelijkerwijs een geleide.

Ø Als er iemand is die de gunsten krijgt, is er noodzakelijkerwijs Een Schenker van gunsten.

Ø Als er iemand is op wie de toorn rust, is er noodzakelijkerwijs iemand Die woedend is.

Ø Als er een gedwaalde is, is er noodzakelijkerwijs iemand Die laat dwalen.



Deze Soerate bevat dus de Goddelijkheid, de Heerschappij, betwist elke imperfectie aan Allah en het bevat de definitie van aanbidding en haar pijlers.



En Allah is de Alwetende.







Daarnaast , de woorden / zinnen die gebruikt worden bij de bepaalde bewegingen tijdens het knielen bv in het gebed , zijn ook heel bevredigend als je stil staat bij de betekenissen ervan .