Bekijk volle/desktop versie : De vriendschap met El-Shayatan



08-08-2002, 18:14
Dit verhaal is mijn eerste verhaal dat ik heb geschreven. Mijn tweede is Wat wil ik, nou? Dat ook op dit forum staat. Mijn eerste verhaal sloeg niet echt aan, maar mijn tweede verhaal wel. Dus nu heb ik besloten om mijn verhaal nog een keer te plaatsen. Om te kijken of deze dit keer wel aanslaat, dus als je denkt dit verhaal heb ik al een keer gelezen dan kan dat wel kloppen.

Ik hoop dat jullie het mooi vinden en een beetje begrijpen.

Dit is deels autobiografisch geschreven dus..........


De stilte die hier heerst is nergens zo bevredigend. Het licht dat hier schijnt is nergens zo mooi. Hoe verder ik in de gang kom hoe feller het licht word. Op de muren hangen foto’s van mensen die me bekend voor komen, maar ik kon ze niet plaatsen. Als mensen die je altijd bij de bushalte tegen komt en als je ze dan op een andere plaats tegenkomt je ze vaag zou herkennen. In de verte staat een man die een gebaar maakt, hij gebaart om dichterbij te komen. Opnieuw kijk ik naar de muren en kijk naar de foto’s. Ik krijg een koude rilling over mijn rug er staat kippenvel op mijn armen. Op de foto’s staan dode mensen. Mensen waar ik veel om gaf, die ik nog een dag langer naast me had willen hebben. Mijn gevoelens geven het gevoel dat ik hier weg wil. Ik kijk achter me. Wat me nog een onprettiger gevoel geeft. Het is donker en grauw. De man die gebaart, glimlacht me vriendelijk toe en vertelt om niet bang te zijn. Hoe dichter ik bij de man kom, hoe beter ik zijn gezicht kan zien. Ik krijg een brok in mijn keel. Het is mijn opa! Mijn hoofd draait, zwarte stipjes verschijnen voor mijn ogen. Ik probeer te blijven staan tot de stipjes voor mijn ogen zijn weggetrokken. Mijn ogen laten zich opnieuw op de foto’s vallen en ik verlies volledige controle over mezelf. De tranen stromen over mijn wangen van de zenuwen. De foto’s van mijn tante, oom, neven en nichten raken een gevoelige snaar. Ik wil mijn tranen drogen, maar mijn opa is me voor. Hij neemt me in zijn armen en fluistert me toe; “Kom mijn meisje, droog je tranen. Zijn armen om mij heen is een warm onthaal. Dit gevoel is niet te omschrijven. Om door iemand in de armen te worden genomen die je zoveel lief is, maar je hebt zijn liefde in geen jaren gevoeld. Mijn opa draait zich om en opent een deur. Voor mijn gevoel was die deur er eerst niet of ik realiseerde me niet dat die deur er stond. We kwamen in een kamer terecht. Ik voel me wat ongemakkelijk, want in die kamer zijn alleen mannen aanwezig. Op de tafel staat nah-nah thee, rijk gevulde schalen met zoete, honingachtige koekjes. Mijn oom ton-ton Mustapha staat op en loopt naar me toe. Er verschijnt een glimlach op zijn gezicht en zijn ogen worden klein, ze stralen van vreugde. Hij neemt mijn hoofd tussen zijn twee handen en geeft een kus op mijn voorhoofd. Hij kijkt me diep in mijn ogen en zegt me gemist te hebben. Hij vertelt hoe goed het hem doet zijn Nederlandse nichtje weer te zien. Voorzichtig lach ik hem toe en sluit mijn ogen knipogend. De mannen in de kamer genieten van de koekjes en thee. Ze maken grapjes over dingen op de televisie. En groeten me vriendelijk in koor. Voorzichtig mompel ik ;”Salam aleikoem” . Mijn opa staat voor een kralen gordijn en gebaart te komen. Hij schuift het kralen gordijn opzij en wijst naar de keuken. Overal staan dozen met dadels, pruimen, pepermunt en nog meer exotische voedselmiddelen. Er staan grote schalen met couscous. Hij doet een deur open die tot een andere kamer leidt. De kamer zit vol vrouwen. Iedereen is sierlijk gekleed in mooie jurken en draagt gouden sieraden. Ze maken henna tatoeages bij elkaar. Mijn nicht rent van vreugde op me af, ze slaat haar armen om me heen en geeft de vier gebruikelijke zoentjes. “Alles goed, Fadia?”;vraag ik belangstellend. “Natuurlijk mijn lieverd”; antwoord ze vrolijk. Mijn nichtje Miriam pakt me bij mijn been vast. Langzaam til ik haar op en geef een zoentje op haar wang. Ik krijg een natte smak terug en trek er een vies gezicht bij, want het kwijl van mijn nichtje blijft op mijn wang hangen. “Viespeukje!”,pest ik haar en kietel haar op haar buik. Er verschijnt een onschuldig lachje op haar gezicht. Ik en mijn nicht moeten lachen om het ondeugende gedrag van mijn nichtje. “Kom is hier meisje”;roept mijn tante Kheira. Ga zitten Fi Fi (dat was de bijnaam die ze me gegeven had) en ze legde haar hand op mijn been en geeft een knipoog. Een vrouw vraagt of ik een kopje thee wil, uit beleefdheid weiger ik niet. Een vrouw dwingt me een koekje te proeven, ik neem een slok van mijn hete, zoete thee. Een meisje rond de twintig jaar staat erop dat ik ook een henna tatoeage laat zetten. Ik leg mijn hand op haar been en ze maakt mooie sierlijke afbeeldingen op mijn hand. Ik vraag haar wat de reden is van deze feestelijke bijeenkomst. Voor ze antwoord kan geven komt mijn anderhalf jaar jongere nichtje Samia zingend de kamer in lopen met een vrouw die straalt van geluk. De tranen vloeien over haar wangen en de vrouwen slaan luid kreten en klappen uit vreugde. Ik klap ook mee ook al weet ik niet wat de reden is voor dit feestelijke gedrag. Het meisje dat rond de twintig jaar is vertelt me dat de vrouw een visum had gekregen voor Europa. Haar man was twee jaar geleden overleden en ze had alleen nog twee dochters. Een van haar dochters is een jaar geleden met haar man naar Spanje geëmigreerd. Hopend op een betere toekomst voor hun en de kinderen. Jammer genoeg realiseren ze zich niet wat het betekend als hun kinderen daar zullen opgroeien. Hun kinderen zullen nooit Algerijns zijn. Ze zullen hun cultuur niet ervaren zoals hun ouders dat doen en ze zullen andere normen en waarden hebben.
Zo te zien aan de vrouw realiseert ze zich het niet en geniet ze met volle teugen van het goede nieuws. Ze denkt dat ze een ticket naar het paradijs had gekregen en de geldboompjes vol in de bloei staan in Europa en het geld zo voor het plukken is. Ik heb medelijden met haar, ze realiseert zich niet waar ze aan begint. Mijn gedachten worden stop gezet door mijn nicht Fadia. Ze sleurt me van de bank en begint met me te dansen. De vrouwen klappen mee en zingen

Zacht hoor ik heel ver weg haar stem,” Sarah…..! Sarah…..!” De stem komt steeds dichterbij en harder. “Sarah zou je nou niet eens opstaan?” Ik voel een koude rilling over mijn benen gaan, mijn moeder heeft het dekbed van me afgetrokken. De zon die de kamer in schijnt voelt als een warm onthaal voor een mooie dag. Maar al snel kom ik tot de conclusie dat het vast een doodgewone dag op school zal worden, maar ik besluit niet te wachten en nog op tijd te komen. Ik pak een handdoek uit de kast en loop richting de badkamer de tegels op de vloer voelen koud aan. Ik draai de kraan van de douche open het water klettert op de tegeltjes. Ik maak mijn haar los en stap onder de douche. Het warme water dat langs mijn rug stroomt voelt lekker aan. Als ik het water voor mijn ogen weghaal kijk ik naar mijn handen. Geen henna tatoeage te bekennen. Het was maar een droom die zo dicht bij de realiteit was en die zo een fijn gevoel gaf. Ik draai de kraan dicht en stap uit de douche. Vervolgens veeg ik mijn gezicht af en wikkel de handdoek om me heen. Snel trek ik kleren aan kam mijn haar en snel de trap af. Mijn moeder stond in de keuken borden in de vaatmachine in te ruimen. Snel neem ik een slok van mijn thee en werk mijn boterham naar binnen. Ik poetst mijn tanden en groet mijn moeder. Rennend loop ik naar mijn tram en stap in. Hijgend zoek ik een plaatsje. Ik kijk uit het raam en observeer hoe mensen op hun fiets fietsen en voor het stoplicht wachten. Mijn gedachten dwalen af naar mijn droom die zo realistisch had geleken en me een fijn gevoel had gegeven.
Ik krijg een naar gevoel in mijn buik en er verschijnt kippenvel op mijn armen. Ik word weer geconfronteerd met de harde realiteit die me zoveel pijn doet. Tranen verschijnen in mijn ogen. Ach, het kon me niet meer schelen; wie ziet me nou? Langzaam stromen de tranen over mijn wangen.

Soms sluit ik mijn ogen en probeer te vergeten wat er is gebeurd.
En wat de ongeschreven toekomst te bieden heeft.
Hoop dat ik in slaap val en de mooiste droom van mijn leven heb.
Wakker wordt en de wereld op mijn mooiste droom lijkt.
Maar de realiteit is pijnlijker dan de ergste nachtmerrie die ik heb.

08-08-2002, 19:00


WE WANT MORE!!! WE WANT MORE!!!

08-08-2002, 22:39
Het was twee weken geleden begonnen al die ellende. Het was de grootste nachtmerrie die iemand zich kon voorstellen. Al mijn lessen waren afgelopen en ik had mijn vader nog beloofd te bellen. Mijn vader moest aangifte doen voor de verzekering, want mijn fiets was gestolen. Ik draaide het nummer van mijn vaders werk en ik werd doorverbonden. Ik hoorde een trieste stem die zich ook niet vrolijk probeerde voor te doen. Ik deelde hem mee dat hij nog aangifte moest doen en ik wilde afscheid van hem nemen. Hij liet een stilte vallen en wou me iets vertellen. Ik durfde geen woord uit me mond te brengen. Hij vertelde bod en snel het schokkende nieuws. Mijn tante, oom, neven en nichten waren omgekomen in een massamoord in een klein dorpje. Haouch Bougfi el Khemisti liggend in het noorden van Algerije.Hij had snel afscheid genomen en de hoorn op de haak gegooid. Ik probeerde kalm te blijven en haastte me snel de school uit. Het enige wat ik wilde was dat ik hier zo snel mogelijk weg kwam. Of dat mijn problemen zou oplossen wist ik ook niet. Ik realiseerde het me eigenlijk niet tot ik paar meter verder van het telefooncel was. De tranen stroomden over mijn wangen en niets of niemand kon ze tegen houden. Ik probeerde snel naar de deur te komen, want ik had gewoon liever niet dat iemand me zo zag. Want dan zouden ze gaan vragen wat er aan de hand was en daar had ik gewoon geen behoefte aan. En ze zouden het waarschijnlijk toch niet goed begrijpen. Het was al te laat een groepje jongens hadden me opgemerkt. Waarop de een tegen de ander zei :”Wat is er met haar aan de hand?”. Een Pakistaanse jongen genaamd Shakeel kwam naar me toe lopen en vroeg wat er was. Ik negeerde hem volledig. Voor ik het wist stond een lief Hindoestaans meisje voor me Risha, waar ik een redelijk goed contact mee had. Ze sloot me in haar armen, ik trilde op mijn benen en ik kon mezelf amper staande houden. Ze veegde met haar hand de tranen weg en kalmeerde me als een klein kind. Ze vroeg niet eens wat er aan de hand was en dat stelde me wel gerust , want het laatste wat ik nodig had was iemand die aan me hoofd kwam zeuren wat er met me aan de hand was. Ze vroeg of ik ook naar het centraal station moest, en besloten we er samen naartoe te lopen. Ik wist eigenlijk niet goed wat ik moest zeggen en probeerde de stilte te breken door te vragen hoe het met haar ging? Vervolgens barstte zij uit in huilen . Wat zij net vijf minuten geleden bij mij had gedaan deed ik nu bij haar. “Meisje wil je er over praten?” vroeg ik. Ze mompelde dat ze het had uitgemaakt met haar vriend het ging niet meer. “Waarom ging het niet meer dan?”vroeg ik vervolgens. Hij loog tegen me over dingen. Hij zei dat hij niet meer zou blowen en vervolgens hoorde ik van mensen dat hij weer aan die shit was begonnen . Het ging slecht met zijn cijfers op school en hij was met een contract aangenomen. Als hij geen goede cijfers haalde moest hij van school af. Hij maakte alleen maar ruzie met zijn ouders. Het ging gewoon niet meer, weet je? Ik knikte haar toe en gaf haar een dikke knuffel. Bij centraal station aangekomen namen we afscheid ik gaf haar kusjes en stapte de tram in.

“Haai”; roept Marcello. Marcello is een Surinaamse jongen die bij mijn vriendin Jennifer in de klas zit. Ze heeft uitgebreid verhalen over hem verteld hoe lekker en lief hij wel niet was. Ik snap wel wat ze in hem ziet, maar het is gewoon niet mijn soort jongen. Daarbij durf ik niet eens met een jongen te nemen. Als mijn broer me alleen met een jongen ziet kan ik verwachten dat er problemen mee komen. Mijn vader heeft mijn broer duidelijk gemaakt dat ik het meisje ben die de eer van de familie moet behouden. Als ik een vriend zou hebben zou het slechte invloed hebben op mijn studie en ik zou dan sneller de kans hebben om geen maagd meer te zijn als ik trouw. Ook al neem je jezelf voor maagd te blijven voor het huwelijk, de liefde voor iemand kan je blind maken. Maar ik hou teveel van mijn vader om hem teleur te stellen. Als ik soms vertel aan vriendinnen dat ik nog nooit een vriendje heb gehad staan ze me verbaasd aan te kijken en geloven ze me niet. Als ze mij niet geloven, is het niet mijn probleem zolang ik maar de waarheid weet.
“Fawaka?” vraag ik in negertaal. Iedereen spreekt tegenwoordig in straattaal tegen elkaar. Ondertussen is hij naast me komen zitten. Hij antwoordt traag in het Surinaams ”a boeng”. Waarop hij zegt;”fafu you?” Ja, goed hoor. Waarom zie ik dan tranen in die mooie ogen van jou, meisje? “Haha”;lach ik, nergens om je druk over te maken! Klein beetje ruzie met mijn moeder gehad, lieg ik. Ik probeer hem gewoon gerust te stellen. Hij begint gelijk te vertellen, hoe zijn moeder soms ook aan zijn hoofd kan zeuren. Hij praatte aan een stuk door maar ik volg de helft niet. Ik voel een por in mijn buik.We moeten er hier uit. Ik sta op en we lopen samen de tram uit. Het is koud, maar de zon zorgt ervoor dat het een prettige kou is. In snel tempo lopen we naar school ik heb geen zin om te laat te komen. De schoolleiding begint te zeuren aan mijn hoofd dat ik niet meer te laat mag komen, anders zouden ze contact opnemen met mijn ouders. Ik leg mijn jas in mijn locker en haast me naar het engels lokaal. Ik ging hijgend naast Charlotte zitten en leg snel mijn boeken op tafel. De leraar heeft niet door dat ik snel het lokaal in geglipt was en ik moet het hem ook niet laten merken. De leraar liep langs de tafels en deelde velletjes papier uit, het waren de proefwerken van twee weken geleden. Ik moet een voldoende hebben, want mijn cijfers waren aan de lage kant. En als het niet beter gaat blijf ik zitten. Een 3.5! Ik schrik behoorlijk, dit kan ik niet gebruiken. Het was eigenlijk wel begrijpelijk, want die dag voor het proefwerk had ik gewoon niet de gelegenheid gehad om tijd te besteden aan dit stomme proefwerk.

08-08-2002, 22:43
Toen ik thuis kwam was de hel begonnen. Mijn moeder weigerde te praten, te drinken, te eten zelfs naar de toilet te gaan . De enige menselijk handeling die ze kon uit voeren was huilen en op bed liggen. Ze was kapot van het verlies van haar schoonzus waar ze een ontzettend goed contact mee had gehad. Als ze met elkaar waren kon je ze niet bij elkaar weg slaan. In mijn vaders familie was de familie heel belangrijk. Je zou zelfs bereid zijn om je leven te geven voor je oom of nicht. Ik probeerde alles om mijn moeder uit haar vreselijke situatie te halen. Het deed me pijn om haar zo te zien. Mijn moeder was zelf geen vechter ze had nooit zulke erge dingen in haar leven meegemaakt in tegen stelling tot mijn vader. Misschien kwam het omdat vrouwen sneller huilen dan mannen, of omdat ze Nederlands is. Nederlanders staan er om bekend dat ze snel huilen. Ik weet tenminste niet wat de oorzaak is. Ik heb mijn vader nog nooit voor mijn ogen zien huilen. Ik liep met een kopje thee de trap op en eiste dat ze een slok nam. Ze had de deur op slot gedaan en schreeuwde dat ik weg moest gaan. Ik kon er toch ook niets aan doen dat ze waren vermoord. Ze hoefde toch niet zo een toon aan te slaan tegen mij. Het maakte me kwaad en mijn ogen voelde prikkelend aan waarop tranen stroomden uit mijn ogen. Ik sloot mezelf op in het toilet en na een kwartier kwam ik tot de conclusie dat het geen zin had om mijn verdriet weg te stoppen. Ik besloot snel een douche te nemen, en dat deed me goed.
Ik realiseerde me dat het al half vier was en dat mijn zusje nog op school zat. Snel stapte ik op mijn fiets en haastte me naar school. Toen ik voor de deur van haar lokaal stond zat ze huilend op haar stoel met een knuffel in haar armen als of ze wist wat er gaande was. “Soraya kijk eens wie daar is”:zei de jufvrouw vrolijk. Ze rende naar me toe en ik sloot haar in mijn armen en ze ging nog harder huilen. Kom laten we snel naar huis gaan dan krijg je een snoepje van me. Het was al half vijf en mijn vader zou om zes uur thuis komen. Ik besloot snel de kamer aan te vegen en wat eten te maken, want als hij thuis zou komen en het zou een troep zijn en geen eten dan kon er heftige ruzie ontstaan. En meestal ben ik degene die de wind van voren krijgt, omdat ik het oudste meisje ben. Hij irriteerde zich altijd aan die bepaalde dingen en ruzie zou het laatste zijn dat we nodig hadden. Mijn zusje keek braaf televisie met een bakje chips in haar handen. Het was al kwart voor zes en mijn broer was nog steeds niet thuis gekomen. Beter hing hij niet met vrienden op straat. Hij was al een keer eerder met politie in aanraking gekomen, omdat vrienden van hem paar mensen in elkaar hadden geslagen. Later had hij vertelt dat hij er helemaal niet aan mee wilde doen, maar dat hij geen matennaaier wilde zijn.
Hij had de intelligentie om VWO te doen, maar de motivatie was er niet. Al zijn vrienden zaten op MAVO en hadden voor mijn gevoel slechte invloed op hem. Hij had vroeger wel Nederlandse vrienden gehad, maar hij had zich nooit op zijn gemak gevoeld bij hen. Ik begreep wel wat hij bedoelde.

Voor ik het weet zijn de lessen afgelopen en de bel van de eerste pauze gaat. Het meisje dat naast me zat bij Duits loopt naast me. Ik ben met haar in gesprek over het feit of het wel veilig is voor meisjes om uit te gaan. Waarop zij vraagt of ik uit mag. “Nee”;Antwoord ik kort. Ze vraagt verbaasd of ik het niet erg vind.
Ik haal mijn schouders op en loop rustig door. “Boe!”; hoor ik een stem in mijn oor schreeuwen. Iemand doet zijn handen voor mijn ogen en verplicht me te stoppen met lopen. Ik trek de handen voor mijn ogen weg en zie het gezicht van Jennifer. “Heej, meisje! Alles goed met je?” vraag ik. “Jah, hoor” antwoord ze vlug. Maar kom snel want Visser zoekt me. “Wat is er dan met Visser? Wat heb je nou weer gedaan?” vraag ik. “Ik heb me verslapen en hij wil me dood hebben”; zegt ze lachend. Visser is de conrector en houd er van mensen zoveel mogelijk strafuren te geven.“Weet je wat?” vraagt Jennifer. Zeg het eens. “Het is weer aan met Marciano” verteld ze uit vreugde. Ik kijk haar glimlachend aan, maar ben er niet blij mee. De liefde maakt haar blind ze ziet niet dat hij player is en haar straks weer even veel pijn zal doen. Ze had drie weken met Marciano gehad, maar had van mensen gehoord dat hij er meerdere meisjes op na hield.
Als ik er iets van zou zeggen zou ze het waarschijnlijk verkeerd opvatten. We gingen voor de school zitten. Ik nam een hap van mijn broodje en keek voor me uit. Het was koud en mijn ogen voelden vermoeid aan. Jennifer steekt een sigaret op. Ik pak de sigaret uit haar hand en gooi hem op de grond. “Van mij mag je niet roken. Als je dat wilt doen doe je het maar ergens anders! Maar niet voor mijn ogen!” ;schreeuw ik kwaad. “Wat is er met jouw aan de hand?”;vraagt ze verbaasd. “Niks!”; zeg ik kort af. “Sinds wanneer rook jij? Heeft Marciano je aan het roken gezet?” vraag ik. “Nee, hoezo?” Antwoord ze boos. Marciano rookt ook en ik weet dat Jennifer makkelijk beïnvloedbaar is. Ik had geen zin om ruzie te krijgen over zoiets. Ik neem nog een hap van mijn broodje en vraag wat ze na school gaat doen. Ze zegt dat ze met Marciano heeft afgesproken. De bel gaat en ik loop naar mijn lokaal. Als alle lessen zijn afgelopen haast ik me naar centraal, want ik had afgesproken met mijn tante dat ik om half vier zou komen. Als ik in de tram stap zie ik een jongen van mijn school. Hij glimlacht me toe en gebaard dat ik naast hem moet komen zitten. “Heej, waar ga jij heen?” vraagt hij belangstellend. “Naar mijn tante.” Antwoord ik. Hij kijkt me onderzoekend aan van boven naar beneden. Ik voel me wat ongemakkelijk en kijk naar beneden. “Jij bent toch die vriendin van Jennifer?” vraagt hij. Ik knik van ja. “Sarah, toch?” vraagt hij zacht. Weer knik ik van ja. Niet erg spraakzaam merkt hij op. Ik voel het bloed naar mijn hoofd stijgen. En begin te blozen. Jij bent toch Wouter? “Dat heb je goed geraden.”zegt hij. Wat is dit gevoel dat ik voel? Wat doet hij met mij wat niemand anders met mij doet. “Jij bent niet Nederlands, he!” merkt hij op. “Nee, klopt” ;antwoord ik. “Wat is je afkomst?” vraagt hij. “Ik ben half Nederlands half Algerijns.” Vertel ik hem. “Word je uitgehuwelijkt?” vraagt hij. Nee, joh! En als het zover komt dan laat ik het echt niet gebeuren. Mijn moeder is Nederlands, maar ergens ben ik bang dat mijn vader me wilt uithuwelijken. Mijn moeder stelt me altijd gerust als ik vraag of ik word uitgehuwelijkt. Altijd beweerd ze dat ik daar niet bang voor hoef te zijn. Maar wat als iemand om mijn hand zou komen vragen en het de “perfecte” schoonzoon zou zijn. Zou ik dan mijn vader durven teleur te stellen? En zou ik dan nog mijn eigen man zelf uitzoeken? In de Koran staat dat een meisje niet tegen haar wil in mag uitgehuwelijkt worden. Maar vaak weten die meisjes niet wat ze willen, maar nemen ze dezelfde beslissing die hun ouders nemen om hun niet teleur te stellen. Mijn vader maakt mij altijd duidelijk dat als ik later met iemand zou willen trouwen, dat die man om mijn hand moet komen vragen. Mijn moeder zou er dan niet grote inspraak over hebben. Mijn vader heeft het laatste woord erover. Ik ken mijn moeder ze vecht nooit in op mijn vaders beslissingen of meningen. Of ze zijn beslissingen of meningen accepteert weet ik niet. Misschien doet ze het om de dingen goed te houden. Ik kon mezelf soms zo ergeren aan de manier waarop zij handelt in sommige situaties. Maar als ik goed naar mezelf kijk doe ik hetzelfde als haar. Of was het toch anders. Ik ben zijn dochter en hoor respect voor hem te tonen. Het is anders!
“Heb jij een vriendje?” vraagt hij. “Nee, joh!” antwoord ik vlug. “Ik ken genoeg Marokkaanse meisjes die vriendjes hebben” verdedigde hij zichzelf. “Maar dat zijn vaak meisjes die uit gaan, drinken en roken.”reageerde ik agressief. Geloofde ik zelf wel in wat ik zei? Hij had gelijk. Ik ken genoeg meisjes die niet roken, drinken of uitgaan, maar wel een vriendje hebben. “Jij bent ook niet vol Nederlands?”; vroeg ik nieuwsgierig. “Nee, ik ben half Indonesisch” vertelt hij.
Hij moet er hier uit en wenst me veel plezier bij mijn tante. Hij loopt richting de deur en draait zijn hoofd en geeft een knipoog. Het was echt een leuke jongen om te zien. Ik mocht niet zo denken dit was niet het gene waar in voor leefde. Dit was niet wat de Koran wil en wat mijn ouders willen. Ik moest terug op Aarde komen. Ik moest hem weg uit mijn gedachten bannen. Ik kijk voor me uit. Weer moest ik denken aan die dag toen al die ellende was gebeurd.

08-08-2002, 22:45


Ik keek op de klok. Vijf voor zes. De deur ging open en mijn broer Said stond in de opening. Met wallen onder mijn ogen van het huilen keek ik hem onderzoekend aan. “Wat heeft jouw hier gebracht?”;vroeg ik hem kwaad. “Wat dacht je van eten” zei hij kortaf. “Is dat wat jouw hier brengt eten en slapen. Denk je dat het hier een hotel is. Als je er zo over denkt dan kan je maar beter helemaal weg blijven. Jij hebt geen respect meer. Voor niks en niemand! Jij bent net zoals al die klootzakken van je vrienden geworden. Zo hebben pappa en mamma jouw niet opgevoed. Om alleen rotzooi op straat te schoppen. “Laten we niet over jouw vriendinnen beginnen, want dat zijn allemaal puta’s ! ” schreeuwde hij. “Puta’s! Puta’s! Puta’s!” ; krijste ik woedend. ‘Jah, hoertjes!
Dat is het wat ze zijn. En als jij niet uit kijkt wordt jij er ook een.’“Oh, daar hoef jij niet bang voor te zijn, want de grootste xxxx hier. Zul jij hier altijd zijn!” ; slaakte ik uit het laatste kleine beetje adem dat ik had. Een harde klap van een dichtgegooide deur stopte de heftige ruzie. Ik draaide me om met wazige ogen zag ik mijn vader in de hal staan. Er viel een onprettige stilte. Ik keek hem aan of ik iets zag dat ik nog nooit eerder had gezien. “Waar wacht je op?Tot de hemel op de aarde valt?”vroeg mijn vader cynisch. Rustig hing hij zijn jas op en deed zijn schoenen uit. Hij vroeg aan mijn broer waarom hij nog zijn schoenen en jas aan had. Said liep naar de kapstok en hing zijn jas op en deed zijn schoenen uit. Mijn vader liep de keuken in om zijn handen te wassen. Hij nam plaats aan tafel. “Sarah breng mij wat soep” commandeerde mijn vader rustig. Met een kop soep liep ik naar de tafel. Soraya die inmiddels huilend achter de bank was weggekropen haalde ik achter de bank vandaan. “Kom mijn meisje ga maar wat soep eten.”zei ik haar. We zaten met zijn vieren soep te eten en niemand durfde een woord uit te brengen. Er heerste een vervelende stilte. Mijn vader had zijn soep op en keek naar mijn broer Said. “Waar is je moeder?” vroeg papa. Ik deelde hem mee dat ze sliep. Hij knikte met zijn hoofd naar links en gebaarde dat ik Soraya naar boven moest brengen. Ik liep naar boven en draaide de kraan open voor Soraya’s bad. Toen Soraya haar soep op had bracht ik haar naar boven. Ik deed haar pyjama aan en stopte haar in. Ik liep naar beneden en liep de kamer in. Hij vertelde in het Arabisch wat hij me in de middag al had mee gedeeld. Ik zag de ogen van Said groter worden. Uit woede stond hij op, de stoel viel om. Hij gooide de vazen om die op het kastje in de hal stonden. Het gebonk op de trap van de voetstappen die steeds harder klonken en steeds harder werden bleven in mijn hoofd na klinken. Ik hoor de klap van een dichtgegooide deur. Ik hoorde een stoel omvallen, dingen op de grond gesmeten worden. Het leek of een tornado door die kamer ging. Ik wilde naar boven lopen. Mijn vader pakte me bij mijn arm en hield hem stevig vast. Hij knikte met zijn hoofd. Ik ruimde de tafel af, deed de vaat in de vaatmachine en veegde de scherven op. Me vader vertelde mijn gezicht, voeten en handen te wassen om rein voor Allah te verschijnen. Hij had kaarsen aan gestoken en de Koran gepakt. We zitten geknield in de richting van Mekka en heffen eerst de handen op tot de oren. Zachtjes mompelden we in het Arabisch uit; “Lof aan Allah, de Heer der wereldwezens. De Barmhartige Erbarmer. De Heerser op de Dag des Gerichts. U dienen wij en U vragen wij om bijstand. Leid ons langs het rechtvaardige pad. Het van degenen, de Gij Uw weldaden schenkt; Over wie geen toorn is en die niet dwalen.” We baden de hele nacht om vergeving aan Allah voor ons en de overledenen. Bij het moslim geloof wordt de overledene door de familie verzorgd. Eerst wordt de dode gewassen, want hij moet rein voor Allah verschijnen. Als hij wordt begraven, dat gebeurd zo snel mogelijk, wordt de overledene met zijn voeten richting de zon begraven.

Ik moest hier uitstappen en pak mijn tas en loop de tram uit. Waarom kon ik het maar niet uit mijn hoofd zetten die ellende die me kapot maakt. Ergens geloof ik niet dat ze dood zijn. Als ik in de zomer weer naar Algerije zou gaan, zouden ik en Samia op het strand krabben vangen. Ik zou met ta-ta Kheira koekjes bakken tot diep in de nacht, omdat er een trouwerij is. Ik zou een siësta houden met Miriam en Fadia zou mijn haar vlechten. Ik wil er niet over horen er niet over praten, maar waarom word ik er dan steeds mee geconfronteerd.Waarom moet ik dan steeds huilen? Is dit Allah’s keuze? Allah zou nooit zoiets doen. Zulke jonge mensen van hun leven nemen. Als er echt een Allah zou zijn zou hij dit niet doen. Ik ben gewoon zo kwaad. Is dit el mektoub (het lot)? Waarom? Ik sta voor de deur van ta-ta Remika. Ta-ta Remika is de zus van mijn vader en is 25 jaar geleden samen met mijn vader naar Nederland gekomen. Mijn vader kwam naar Nederland om politieke redenen. De situatie in Algerije was slecht er was geen werk. Veel emigreerden naar Europa voor een betere toekomst. Mensen waren bang voor de ongeschreven toekomst die ze zouden hebben in Algerije. Maar wat ze toen niet zagen was dat ze in hun eigen land respect en eer zouden hebben. Niet onder discriminatie zouden leiden. Hun kinderen niet verloren zielen zouden zijn. Maar in het leven moet je nemen en geven. Ik druk op de bel. De deur gaat open en ta-ta Remikia neemt me in haar armen. “Meisje, toch! Kom binnen.” ;zegt ze me. Er gaan gemengde gevoelens door me heen. Ta-ta Remikia en ta-ta Kheira hebben jaren lang geen woord tegen elkaar gesproken. Ta-ta Kheira was uitgehuwelijkt aan haar verre neef Amar. Dit was jaren lang van te voren af gesproken en in een contract opgesteld. Over de bruidsschat was ook al onderhandelt. Vlak voor de bruiloft gaf ta-ta Remikia toe dat ze gevoelens had voor Amar. Amar besloot om met Remikia te trouwen. Kheira heeft het haar nooit vergeven. Hoe kon zij de eer van de familie zo ten schande brengen. Ton-ton Amar en ta-ta Remikia emigreerden naar Europa, omdat ze het gevoel hadden dat ze faalden tegen over hun familie, hun respect en eer. Vond ze het echt erg dat ze waren vermoord of was het juist een opluchting. Ik wist niet wat ik moest denken. Nee, zoiets kon je niet denken. Dat kon alleen iemand denken die door de duivel bezeten was.
Ik doe mijn schoenen uit en ga op de bank zitten. Mijn nicht Shakira komt binnen lopen met thee en koekjes. Ze zet het dienblad op de tafel en geeft me vier zoentjes. “Wouchrakie?”vraag ik. “Redelijk”antwoord Shakira. “Mogen Allah de zielen hebben.” vraagt ze bijna smekend. Ik knik haar toe.
Ta-ta Remikia komt naast ons zitten op de bank. Ta-ta Remikia is normaal de gangmaker op een feest het vrolijke liedje in een stilte. Maar dit keer wist ze niet goed wat ze moest zeggen. “Je ziet er vermoeid uit.”merkte ze op. Ik voelde me ook vermoeid ik had grote wallen van het huilen en ik had dagen lang slecht geslapen. Ik had mijn wallen met make-up willen wegwerken. Maar mijn vader had het mij verboden. Als iemand overlijd in de familie mag je 40 dagen niet feesten, in een ander huis slapen, je feestelijk kleden, make-up of parfum dragen. Om de ziel te laten zien dat je in rouw bent. “Ik wil waarschijnlijk naar Algerije gaan” zegt Remikia. Ik kijk haar verbaasd aan. “Is dat wel verstandig?”; vraag ik haar. Negen jaar is ze niet naar Algerije geweest. Spanningen in de familie liepen hoog op. Er was oorlog en de sociale controle was slecht de ene na de andere terreur aanslag werd gepleegd. Dan explodeerde weer een bom op de markt. Politiek gezien was het ook niet veilig om naar Algerije te gaan. Mijn moeder is er ook niet 11 jaar geweest. Zij is Nederlandse en dat kon je duidelijk aan haar zien. Ze zou onmiddellijk een kopje kleiner gemaakt worden. Ik zeg haar voorzicht dat misschien in deze situatie de spanningen alleen maar hoger op kunnen lopen. “Hoe gaat het op school?” vraagt Shakira om van onderwerp te veranderen. “Gaat wel.” zeg ik. Eigenlijk wil ik ta-ta Remikia duidelijk maken dat ze niet naar Algerije moet gaan. Niet in deze situatie. Nu alles zo gevoelig ligt. Shakira kijkt op haar horloge. “Ik heb nog met een vriendin afgesproken.” zegt Shakira voorzichtig. Ta- ta Remikia zegt niets en kijkt voor zich uit. Na een tijd stilte zegt ta-ta Remikia; “Ga maar.” Shakira vraagt of ik mee ga. Ik trek mijn schoenen en jas aan. We lopen naar buiten het is koud en ik kruip met mijn nek diep in mijn jas. We lopen door een steegje en Shakira draait zich om en glimlacht naar me. Ik glimlach terug met een gemaakte glimlach. Als we uit het steegje zijn stopt ze en draait zich om. “Ik heb een vriendje” zegt ze glimlachend. “Jah, serieus!?”vraag ik verbaasd. “Jah, maar mondje dicht!” maakt ze duidelijk. We lopen richting de bushalte. In het bushokje zit een jongen met een sigaret in zijn hand. Voorzichtig kijkt hij omhoog en steekt zijn hand uit en groet me. Zijn groene ogen op zijn getinte huid maken hem bijzonder. Hij zag er goed gekleed uit en zijn haar was in model gekamd naar achteren. Hij stond op en gooide zijn sigaret op de grond. Hij gaf voorzichtig een kusje op Shakira’s mond en pakte haar bij haar heupen. “Labes, ma habiba? vroeg hij. Er verscheen een glimlach op Shakira’s gezicht. Ik begreep meteen wat ze in die jongen genaamd Salim zag. We liepen wat rond in de wijk en praatten wat. Na een uurtje namen we afscheid en keerden terug naar huis.

08-08-2002, 22:48
Toen we thuis kwamen stond het eten al klaar. De geur van de cous cous rook door het hele huis. Met een gevulde buik vertrok ik naar huis. Ik moest alleen met de tram naar huis en kon het niet te laat maken. Shakira bracht me naar de tram. Als we naar de tram lopen zeggen we niets tegen elkaar. We weten niet goed wat we tegen elkaar moeten zeggen. Normaal kunnen we uren achter elkaar door tegen elkaar praten. Maar waarom waren we nu zo stil? We staan bij de tramhalte en Shakira wil het ijs breken. “Ben je teleurgesteld in me?” vraagt ze. “Waarom zou ik?”zeg ik bod. “Nou omdat ik een vriendje heb. Ik weet hoe je altijd tegen me opkeek. Ik was jouw voorbeeld en dat weet ik net zo goed als jij!” probeerde ze uit te leggen. Het kan me niet schelen wat je met je leven doet zolang jij maar gelukkig bent. Er verschijnt een geshockeerde blik op Shakira’s gezicht. Hoe kon ik zo bod zijn. Ik krijg spijt van wat ik gezegd heb, maar weet niet goed hoe ik mijn excuses moet aan bieden. Mijn tram komt er aan en ik neem koeltjes afscheid van Shakira. Ik beloof haar nog te bellen. Ik stap mijn tram in en zoek een plaatsje.

Als ik voor de deur van mijn huis sta gaat mijn hart steeds sneller. Het is al half negen en ik had beloofd tussen zeven uur en half acht thuis te zijn. Snel kijk ik nog op me telefoon. Mijn moeder had me nog niet gebeld dus dat zal wel goed zitten. Ik steek mijn sleutel in het sleutelgat. Als ik in de kamer kijk zie ik paar mannen zitten. Snel doe ik mijn schoenen en jas uit en vlucht snel naar boven. Als ik boven ben hoor ik onder aan de trap mijn broer Said mijn naam roepen. Zenuwachtig loop ik de trap af. Ik zou toch niet een preek krijgen waar al die mannen bij zijn. Alle ogen zijn op mij gericht en de mannen kijken nieuwsgierig naar me. “Fodil ik wist niet dat je een dochter had” ;zegt een man. Waarop een ander zegt; “Hij heeft haar verborgen”. Er klinkt gelach door de kamer. Voorzichtig zet ik een glimlach op mijn gezicht. Me vader vraagt of ik de gasten niet groet. Ik geef alle mannen in de kamer vier kusjes en stel me voor als Sarah de dochter van Fodil. Me vader vraagt of ik de gasten misschien drinken bijschenken wil en wat koekjes brengen. Ik haal koekjes en schenk koffie bij. Dan loop ik naar boven, want ik heb nog een Aardrijkskunde proefwerk te leren voor morgen. Als ik op de gang loop zie ik de kamer van Soraya op een kier staan. Voorzichtig doe ik de deur open en loop de donkere kamer binnen. Ik pak een stoel en ga naast haar zitten. Ik luister en hoor hoe ze langzaam in en uitademt. Ik kijk naar haar gezicht en zie onschuld, onwetendheid en geen zorgen. Was ik nog maar jong geen zorgen en nog zo onschuldig als een engeltje. Na een tijdje sta ik op en geef een kusje op haar wang. Ik loop de kamer uit en sluit de deur achter me. Als ik in me kamer kom ruim ik wat op en ga op bed liggen. Ik voel me helemaal uitgevloerd. Het laatste beetje kracht kan ik niet meer vinden. Na een kwartiertje sta ik op en wil mijn proefwerk gaan leren. Ik loop naar de badkamer en haal een washandje over mij gezicht. Ik open het medicijnenkastje en zie dat die voor de helft leeg is. Verbaasd loop ik naar de kamer van mijn ouders. Ik zie kleding op het bed liggen. De kast staat open alle kleding van me moeder is weg. Ik ren naar de gangkast en zie dat paar koffers weg zijn. “Willie! Willie!” ;schreeuw ik. Ik beuk de deur van Said’s kamer open. Geen Said te bekennen. Geen moeder te bekennen. Ik zoek door het hele huis voor mama. Beneden hoor ik gelach en zo te horen missen ze mama niet. Ik loop de trap af en trek mijn jas en schoenen aan. Ik sla de deur achter me dicht. Ik begin te rennen zo hard als ik kan. De tranen vloeien over mijn wangen. Ik hoor in de verte mijn naam geroepen worden door mijn broer. Het kon me niet meer schelen. Nog sneller begin ik te rennen. Er klinkt een hol gebeuk door mijn hoofd. Ik moest haar vinden. Ze kon me niet alleen laten. Niet nu. Waar kon ze zijn? Het centraal station! Ik pakte de tram en besloot naar het centraal station te gaan. Ik kijk overal. Loop elk perron af. Misschien is ze bij haar familie? Nee, dat kon niet. Ze had jarenlang niet met hun gesproken. Nadat ze met mijn vader was getrouwd is de band met de familie vervaagd. Me vader vond ze racisten en had liever geen hypocrieten in zijn huis. Waar kon ze zijn? Misschien bij paar vriendinnen. Ik loop naar een telefooncel en wil gaan bellen. Hoe kon ik bellen ik wist hun telefoon nummer niet eens. Ik wist niet eens hoe ze van hun achternaam heten. Dit was hopeloos. Helemaal verward plof ik neer op een bankje. Een man komt naar me toe lopen. En begint worden als schatje en schoonheid naar me te schreeuwen. Ik sta op en ren weg. Waar moest ik nu heen? Ik kon niet meer naar huis. Daar waren mijn vader en me broer. Ik wou naar me moeder, maar ik kon haar niet vinden.

Ik liep naar het park het was donker en eng. Maar hier waren geen mensen die me lastig konden vallen. Ik ging op een bankje zitten en keek naar het water. Ik wou mijn gedachten op orde krijgen dit ging allemaal te snel. Mijn oom Mustapha had me ooit gezegd nooit in het donker bij het water te komen, omdat daar de djinnen (boze geesten) ronddwalen. Ik word nog banger en besluit hier weg te gaan. Ik loop naar de tramhalte en besluit naar mijn vriendin Jennifer te gaan. Als ik voor haar huis sta bel ik aan. Ik kijk op mijn horloge kwart over twee. Ik ben nog nooit zo laat alleen op straat geweest. Na 5 minuten staat Jennifer in haar pyjama met een verslapen gezicht voor de deur. “ Sarah! Wat doe jij hier?”;vraagt ze verbaasd. Ik ben van huis weggelopen. De tranen stromen over mijn wangen. “Kom binnen, meisje!”; zegt ze me. Zijn je ouders wakker? Nee, die slapen. Ze haalde wat te eten en te drinken voor me. Dan komt ze met een groot T-shirt aanzetten en vraagt of dat genoeg is. We zitten op de bank en ze vraagt of ik een sigaret wil. Normaal zou ik weigeren, maar nu voelde ik een zwak moment. Zullen je ouders niks merken vraag ik haar nieuwsgierig. “Oh, die weten al dat ik rook.”; of het de normaalste zaak van de wereld is. Jennifer en ik steken een sigaret op. Ik voel me lichaam langzaam rustig worden. Ik voel mezelf ontspannen. Dit gevoel is rustgevend. Ik voel me ineens zo relaxt vertel ik Jennifer. “Ik weet wat!” zegt Jennifer opgewekt. Dit laat je zo in slaap komen. Ze loopt naar boven en komt terug met een pot. Als ze de pot open doet stinkt het verschrikkelijk. Het is wiet! Ze haalt een fluw en begint te draaien. Hoe kom je hier aan? In de koffieshop gehaald. Als ze klaar is met draaien steekt ze hem op en neemt een hijs. Ik probeer een hijs te nemen. De rook brand aan de binnenkant van mijn keel. Ik heb het gevoel of ik moet overgeven. Jennifer ik moet overgeven. Wacht ik haal water voor je. Jennifer komt met een flesje water aanlopen. Ik neem een slok. De brandende pijn verdwijnt langzaam weg uit mijn keel. Mijn benen en lipspieren trillen na van de inspanning. Ik probeer aan mijn problemen te denken. Ze doen geen pijn meer. Ik wil denken, maar het lukt niet.
Alles voelt prettig aan. Jennifer geeft me een duw. Ik val van de bank af. Het lukt me niet goed mezelf te verweren. Jennifer begint te lachen en we krijgen de slappe lach. We kijken nog wat tv en vallen naast elkaar in slaap op de bank………………………………………⠀¦â€¦â€¦â€¦â€¦..

08-08-2002, 22:49
Ik probeer mijn nek op te tillen. Mijn hoofd voelt zwaar aan en mijn mond is uitgedroogd. Ik voel iets op mijn buik liggen. Ik kijk naar beneden en zie het hoofd van Jennifer op mijn buik liggen. Langzaam til ik haar hoofd op en haal mijn benen er onder vandaan en leg haar hoofd weer op de bank. Ze wordt langzaam wakker. Mijn nek doet pijn en draai daarom paar rondjes met mijn hoofd. Ik loop richting de toilet, de tegels voelen koud aan mijn voeten. Ik ga zitten op de bril en kijk voor me uit. Ik zie een spinnetje langs lopen. Ik kon het niet meer plaatsen. Waarom was ik bij Jennifer? Wat heb ik gister gedaan? Waarom sliepen we niet gewoon op haar kamer? Ik sta op en trek door. Ik was mijn handen en loop de toilet uit. Als ik het licht van de toilet zoek om het uit te doen staat de moeder van Jennifer voor mijn neus. Sarah! Wat een verassing om jouw hier te zien. “Jah……….ehhhhhhhh”: zeg ik stotterend. Voor ik het weet staat Jennifer naast me. Vragend kijkt de moeder van Jennifer haar aan. “Mam, ik moet even met je praten” : zegt Jennifer. In de keuken! benadrukkend. Eyy, Ga je maar alvast douchen anders komen we te laat op school. Je weet het allemaal te vinden, toch? Ik knik van ja. Pak maar wat je nodig hebt. Ik en Jennifer leenden zo vaak kleding van elkaar dat ik wist waar alles lag. Ik loop naar boven en neem een douche. Ik droog me af, kleed me aan en maak me op. Ik moest die wallen weg werken ze waren veel te duidelijk. Als ik naar beneden wil lopen hoor ik geschreeuw. Ik word bang. Waarom schreeuwde haar moeder? Ging het over mij? Ik hoorde woorden als: Ik heb ook mijn verantwoordelijkheden, hoe zullen die ouders zich nu voelen, ben je gek in je hoofd; door de kamer vliegen. Ze maakten ruzie en het kwam door mij! Ik bracht alleen maar ellende in de wereld. Ik moest huilen. Alles kwam ineens terug en drie keer zo hard. Dit was allemaal mijn schuld ik bracht alleen maar mensen in problemen. Ik rende de trap af, ik pakte mijn jas, rende de deur uit en klapte hem achter mij dicht. Ik kon niet naar school ik wist zeker dat mijn vader of broer al naar school had gebeld. Waar moest ik heen?

08-08-2002, 22:56
hey meid echt ene leuk verhaal.wat raar dat niemand m eerts las maar toen was ik zeker nog geen lid!!!!want je weet nu dat ik je op de voet volg

doegggg saidax

09-08-2002, 00:04
ieder mens is wel eens beste maatjes geweest met de duivel!

12-08-2002, 11:39
Neej, maar zij gaat hele goede maatjes worden met de duivel.
Maar dat komt verder in het verhaal.

Ik ben best wel hopeloos en besluit om naar een vriend te bellen die in Rotterdam woont. Nog maar 70 eurocent beltegoed. Ik laat hem over gaan, maar er wordt niet opgenomen. Ik bel nog een keer en zeg tegen mezelf”Lamine neem alsjeblieft op!” Die luie Marokkaan ligt zeker nog in zijn bed. Nu heb ik mijn laatste beltegoed verspilt aan hopeloos gevalletje als hij. Ik besluit om naar het centraal station te gaan en de trein naar Rotterdam te nemen. Ik stap de tram in en tegelijkertijd gaat me mob af. Op mijn nummer vermelder staat Lamine. “Ewa!”zeg ik. Ewa, schatje alles goed?Ik heb je hulp nodig Lamine.
Lamine was al 20 jaar en hij woonde al op zichzelf. Hij was echt een lieve jongen ik had hem leren kennen via een vriendin van mij Hanan. Later zag ik hem op een trouwerij en toen kwamen we aan de praat. Toen pas leerde ik hem goed kennen en sinds dien zijn we goeie vrienden geworden. Mijn ouders of familie kenden hem niet dus bij hem zouden ze niet zoeken. Kun je me komen halen in Den Haag ik zit in deep shit. Je moet me helpen. Hij begint te lachen. Waarom lach je Lamine. Jij in deep shit?Hahahaha. Wat? Waarom lach je?
Jij bent nog heiliger dan de heilige maagd Maria. Jij zou nooit in deep shit kunnen komen, lieverd. Hoe kon hij over zoiets een grapje maken. Ik begin te huilen het werd me net eventjes te veel. Het werd stil aan de andere kant. Sarah? Ben je daar nog? Jah …….snik…snik. Lieverdje, niet huilen. Wacht ik kom er al aan. Waar ben je nu? Ik sta bij het centraal station. Ga weg daar. Wat doet zo een meisje als jij bij het centraal station. K, ik ga al weg. Waar spreken we af?
Shit, man ik heb een afspraak. Ik kan nu niet komen, echt waar deze afspraak is belangrijk voor mij. Wacht ik geef je een adres van een vriend van mij. Je moet naar zijn huis gaan, ik zal hem bellen voor je. Hij gaf me een adres dat in Den Haag was. Delfslaan, die kende ik wel. Schatje, ik kom je daar om 5 uur op halen. Ik verwacht ook dat je daar om 5 uur bent, hè! Natuurlijk, habibi. Hoe kan ik je ooit bedanken. Geen dank. Beslama. Thallah.Tuuut….tuuuttt………
Ik pak de eerste tram richting delfslaan. Ik moest zwart rijden, want ik had geen strippen meer.Toen ik aan kwam bij het huis, moest ik eerst een trappetje op.
Ik belde zenuwachtig aan. Een Marokkaanse jongen die nog in zijn boxershort stond deed open en gaf me een hand. Jij bent die vriendin van Lamine, hè!Niet de vriendin, maar een vriendin. Maakt niet uit, is allemaal hetzelfde voor mij. Zijn vrienden zijn mijn vrienden. Kom verder. Moet je iets eten, drinken? Ja, graag heb niet ontbeten namelijk. Met een slaperig hoofd liep hij zijn keuken in. Hij gebaarde me dat ik moest gaan zitten aan een klein tafeltje dat in de keuken stond. Ik deed mijn jas uit en hing hem over de stoel. Hij pakte brood en beleg en zette het op de tafel. Hij pakte jus d’orange uit de koelkast en schonk het voor me in een glas. Ik bedankte hem en at gulzig mijn eten op, want ik had echt honger. “Wat is je naam eigenlijk?” vroeg hij. Sarah. Ik ben Said. Said zo heete mijn broer ook. Ineens moest ik aan thuis denken. Zou hij mijn broer kennen.
Ik voelde een angst op komen. Ik was bang voor mijn eigen familie. Hij ging voor mij zitten met zijn net gezette kopje koffie. Hij stak een sigaret aan. Hij bood me een sigaret aan. Ik nam een sigaret aan. Wat deed ik rookte niet eens en toch nam ik er een aan. Ik stak hem aan en nam er een trek van. Ik voelde me lichaam langzaam ontspannen. Ik voelde de angst uit mijn lichaam vloeien.
Daar zaten we dan totaal onbekenden. Tegen over elkaar met een sigaret in ons handen. Als ik het vragen mag. Ik knikte van jah.Waarom ben jij nu niet waar je hoort te zijn. Verbaasd keek ik hem aan. Je bedoeld op school? Ja, of thuis. Ik heb een beetje ruzie thuis en ik heb vannacht niet thuis geslapen. En als ik nu naar school zou gaan dan zouden mijn vader en me broer me gelijk vinden. Maar als je een beetje ruzie hebt hoef je toch niet bang te zijn. Ik heb niet een beetje ruzie ik heb erge ruzie. Hij haalde zijn schouders op. En blies zijn geïnhaleerde rook uit. Een Nederlands meisje kwam in een badjas de keuken binnen gelopen. Ze gaf Said een kusje op zijn mond en ging op zijn schoot zitten. Ze glimlacht lief naar mij. “Wie is dat meisje?”: vroeg het meisje aan Said. Ik ben Sarah, aangenaam. Ik stond op en gaf haar een hand. Terwijl ik haar hand schudde deelde ze me mee dat ze Denise heette. Ze nam een trek van de sigaret van Said en deed haar hand heel subtiel langs zijn gezicht glijden. Ze gaf hem een kus en liep weg. Hey, als je iets nodig hebt. Staat in de koelkast enne ga maar in de huiskamer tv kijken of op de playstation. Whatever……! Hier heb je sigaretten als iets wilt roken!

12-08-2002, 13:38
echt een leuk verhaal mang kom op met dat vervolgje...

13-08-2002, 13:51
heel leuk verhaal kahinaaaa

24-08-2002, 18:32


Ik stak een sigaret op. Daar zat ik dan doelloos met een sigaret in mijn handen achter een tafeltje. Ik liep met de sigaret en de asbak de huiskamer in en ging op de bank zitten. Ik zette de tv aan. Geen enkel interessant of leuk programma op televisie. Ik zet de tv weer uit en loop richting het raam. Ik zie auto’s voorbij passeren een vrouw die de Marokkaan uit komt lopen met plastic tasjes aan haar hand. Ik bleef misschien wel een kwartier naar buiten kijken. Ik voelde een vreemd gevoel bij mijn buik ik had pijn. Ik liep naar de keuken en dronk iets maar de pijn ging niet weg. Ik liep naar het toilet. Langzaam trek ik mijn broek uit. Oh, wilie ik begin ongesteld te worden. Wat moest ik nu doen? Oh, gewoon even aan dat meisje vragen. Ik loop richting de slaapkamer. Zonder er goed over na te denken doe ik de deur open zonder te kloppen. Het meisje Denise zie ik snel grijpend naar en laken en Said pakt snel een badjas. Ik loop helemaal rood
aan. Zij waren daar gewoon de liefde aan het bedrijven en ik kwam zonder pardon binnen lopen. “Godverdomme, rot op!” ;roept Said. Sorry, Sorry, Sorry!
Ik trek de deur dicht. Verstijft sta ik voor de deur. Alles ging bij mij fout. Hoe kon ik zo stom zijn om niet te kloppen. Mijn ogen prikken en de tranen komen.
Huilend ga ik op de bank zitten. Dit keer zie ik Denise in een badjas voor me staan. Je moet niet huilen, hoor? Als je gaat huilen ga ik met je meehuilen.
Ik kijk haar lachend. Zie je nou wel dat het allemaal niet zo erg is want je kan nog lachen. Ze geeft me een por in mijn buik. Ze loopt naar de keuken en haalt een glas water voor me. Ik vertel haar hoe ik hier terecht ben gekomen. Snikkend vertel ik haar mijn verhaal. Ik kon niet meer stoppen met huilen, de tranen bleven maar komen. “Hey, misschien moeten we je moeder gaan zoeken?” ;stelde ze voor. “ Is Said je vriend?” ;vroeg ik belangstellend. Ja en nee. Hoe bedoel je ja en nee. Nou we hadden eerst een relatie, maar hij hield er andere meisjes op na. Dan maak je het toch gelijk uit. Als een kill dat bij mij zou flikken. Kijk ik kon nergens naar toe. Ik had nergens om te slapen. En ik werk niet. Wat bedoel je daar mee? Dat je met hem naar bed gaat voor geld. Ze knikte van jah. Ik kijk haar geschokt aan. Maar……stotter ik. Je bedoeld dat ik veel beter kan, nee? Jah, je kan toch wel beter. Ja, maar dit is een makkelijkere manier. En je ouders kan je daar niet heen? Of broers of zussen. Ik ben in een tehuis opgegroeid. Mijn moeder was een tienermoeder en kon gewoon weg niet voor mij zorgen. Mijn vader en moeder ken ik niet en ik weet niet of ik nog broers of zussen heb. Ik kreeg ineens medelijden met haar. Wil je ze niet leren kennen? Heb je er nooit aan gedacht om ze op te zoeken. Hahahaha, zo vaak. Maar zij hebben vast hun eigen leven opgebouwd en mij hoeven ze dan niet nog in hun leven. Misschien niet. Misschien zullen ze heel blij zijn dat ze nog een zus hebben of een zusje. Misschien ja! Heb je geen diploma dan? Zullen we het maar niet over mijn verleden hebben. Ze steekt een sigaret op. Doe je het met nog meer mannen voor geld? Teleurgesteld knikt ze van ja. Een ding wist ik zeker mijn leven zou nooit als haar leven worden. Ik zou nooit mijn respect weg geven voor geld. Hoe oud was ze nou eenmaal misschien net over de twintig.
Ik heb een gevoelige snaar bij haar geraakt. Ze kijkt als een dode voor zich uit. De ene na de andere sigaret rookt ze op. Said kom de kamer binnen gelopen gewassen en aangekleed. Hij ziet er uit als een echte heer met zijn haar netjes naar achter gekamd. Hij zet een papieren zakje op de tafel voor Denise. Hij zegt dat hij nog een afspreek heeft en over twee uurtjes terug komt. Hij groet me en zegt dat hij het net niet zo bedoelde. Ik groet hem en hij loopt richting de deur. De deur klapt dicht. Ik loop richting het raam en zie hem in een zilveren mercedes stappen. Niemand kon zich zo een dure auto veroorloven. Hier klopte iets niet. Ik vraag kalm aan Denise of hij dealt of xxxxxx is. Hij zit een beetje in allebei de zaken. Ben je dan nooit bang van hem. Neej, hoor! Hij is ook gewoon net een mens zoals jij en ik. Ik had niet moeten beginnen over haar verleden nu heb ik haar depressief gemaakt. Ze kijkt stilletjes voor zich uit met de zoveelste sigaret. Soms, he! Ik knik haar toe, afwachtend wat ze gaat zeggen. Heb ik spijt van wat ik gedaan heb in mijn leven. Ik wil het beteren maar dan………..er valt een stilte. Afwachtend kijk ik haar aan. Dan zie ik hoe moeilijk het is gewoon om uit dit leventje te komen. Ik knik haar toe alsof ik weet waar ze het precies over heeft. Ze drukt haar sigaret uit in de asbak tussen tientallen andere sigaretten. Ze maakt het papieren zakje open dat ze heeft gehad van Said. Ze haalt er een zakje hasj uit. Ze legt het op de tafel. Dan haalt ze er een zakje uit met witte poeder er in. Ze pakt een rietje uit het zakje. Ze loopt naar de keuken en komt terug met een mes. Ze veegt met haar hand de tafel schoon. Ze strooit een klein beetje van de witte poeder op de tafel en begint te snuiven via het rietje. Er verschijnt een glimlach op haar gezicht. Ze pakt het rietje en geeft het aan mij. Ze trekt me richting haar en zorgt dat ik nu op de plaats zit waarzij eerst zat. Je moet gewoon langzaam snuiven gebaard zegt ze me. Ik kijk haar argwanend aan.

09-03-2004, 13:28
wejoooooooo super goed verhaal je kan wel schrijfster worden.ga pleas verder!!!!!!!!!!

09-03-2004, 14:09
ewa je gaat wel snel een hele lange vervolgje maken he dese verhaal is super de super tofffffff