De betekenis van een soetrah: letterlijk betekent dit: "scherbedekking", in de contekst van het gebed, verwijst het naar een
voorwerp vlak voor de plek van de sazjdah, waartussen niets mag
passeren, zoals in dit stuk tot in detail wordt besproken.

"Hij vrede zij met hem stond dicht bij de soetrah, zodat er ( een
afstand van ) drie el (3 keer 69 cm. Red.) tussen hem en de muur
was" (al-Boechari & Ahmad) en "tussen de plaatsen van zijn soezjoed
en de muur (was er) genoeg ruimte voor een schaap om langs te
lopen." (al-Boechari & Moslim)

Hij vrede zij met hem zei altijd: "Bid niet tenzij het naar een
soetrah is, en laat niemand voor je langs gaan, maar als iemand
blijft proberen (om er langs te komen), vecht dan tegen hem, want
hij heeft een qarien (dat wil zeggen een metgezel, shaitaan) bij
zich."(ibn Choezaimah in zijn sahieh (1/93/1) met een zuivere
isnaad).


Hij vrede zij met hem zei ook:"Wanneer iemand naar een soetrah bidt,
moet hij er dicht bij komen zodat shaitan zijn gebed niet kan
verbreken". (Aboe Dawoed, Bazzaar (p.54-Zawaaid) &Haakim, die het
sahieh verklaarde en Dhahabi en Nawawi waren het er mee eens)

Soms "bad hij vrede zij met hem voor de pilaar die in zijn moskee
was". ( al- boechari)
De soetrah is verplicht voor de imaam of degene die alleen bidt,
zelfs in een grote moskee. Ibn Haani zei in zijn Masaa`il van imaam
Ahmad (1/66): "Aboe 'Abdoellaah (dus imaam Ahmad ibn Habal) zag me
op een dag bidden zonder soetrah voor me, en ik was in een grote
gemeentelijke moskee, dus zei hij tegen me: 'Neem iets als soetrah`,
dus nam ik een man als soetrah."Dit geeft een aanwijzing dat imaam
Ahmad geen verschil maakte tussen groten of kleine moskeeen in het
nemen van een soetrah - en dat is zeker juist, maar het is iets dat
wordt verwaarloosd door de meeste mensen, inclusief imaams van
moskeeen, in ieder land dat ik heb bezocht, inclusief Arabie, dat ik
in staat was te bezoeken in Rajab van dit jaar (1410), dus de
'oelama zouden de mensen hierover moeten vertellen en adviseren, de
regelgeving ervan uitleggen en dat het ook vereist is in de Twee
Heilige Moskeeen.


"Als hij bad ( in een open ruimte waar er niets was om als soetrah
te gebruiken) zette hij een speer in de grond voor zich en bad
ernaar met de mensen achter zich" (al-Boechari, Moslim & ibn Majah
); Soms " zette hij zijn rijdier zijwaarts en bad ernaar"
(al-Boechari & Ahmad)

maar dit is niet hetzelfde als gebed in de rustplaats van kamelen
(d.w.z. hun neerkniel plaats), dat "hij verbood" (al-Boechari &
Ahmad), en soms "nam hij zijn zadel, zette het in de lengte en bad
richting het einde ervan" (Moslim, ibn Choezaimah (92/2) & Ahmad.)

Hij zei: Als iemand van jullie zoiets als de stok aan het eind van
een zadel voor zich plaatst, zou hij moeten bidden, en zich niets
aantrekken van iemand die daarvoor langsloopt. (moslim & Aboe
Dawoed)

Op een keer "bad hij voor een boom" (Nasaa`i & Ahmad met een sahieh
isnaad) en soms "Bad hij voor het bed waar 'Aisha (moge Allah
tevreden met haar zijn) op lag ( onder haar laken) (al-Boechari,
Moslim & Aboe Ya `laa (3/1107)

Hij vrede zij met hem liet niets tussen hem en zijn soetrah
passeren, zo gebeurde het eens dat "hij aan het bidden was, toen er
een schaap voor hem langs kwam rennen, dus hij pakte het vast totdat
hij zijn buik tegen de muur had gedrukt (en het passeerde achter hem
langs) ( ibn Choezaimah in zijn sahieh (1/95/1),. Tabaraani
(3/140/3) & Haakim die het sahieh verklaarde en Dhababi stemde
daarmee in.)

Ook, op een keer "tijdens een verplicht gebed, balde hij vrede zij
met hem zijn vuist (tijdens het gebed), dus toen hij vrede zij met
hem klaar was, zeiden de mensen: 'O boodschapper van Allah vrede zij
met hem, gebeurde er iets tijdens het gebed?"Hij vrede zij met hem
zei: "Nee, behalve dat de duivel voor me langs wilde, dus ik wurgde hem totdat ik de kou van zijn tong op mijn hand kon voelen, bij
Allah! Als mijn broeder Soelaiman me er niet in had verslagen, (
Verwijst naar het volgende gebed van de Profeet Soelaimaan (moge
Allah tevreden met hem zijn) dat door Allah werd verhoord, zoals
beschreven staat in de Qoraan: "En zei "O mijn Rabb, vergeef mij, en
schenk mij een koninkrijk hetwelk na mij voor niemand anders is;
zeker, U bent de Milddadige."Wij onderwierpen de wind aan hem, die
op zijn gebod zachtjes waaide waarheen hij wilde, en shaitaan en
allerlei bouwers en duikers, alsook anderen, die met ketenen geboeid
waren." (Saad 38: 35-38) , had ik hem (de duivel) aan 1 van de
pilaren van de moskee vastgebonden zodat de kinderen van Madinah om
hem heen zouden kunnen lopen. (Dus eenieder die kan voorkomen dat er
iets tussen hem en de qiblah komt, moet dat doen)" (Ahmad,
Daaraqoetni & Tabaari met een sahieh isnaad, en Hadieth
overeenkomstig in betekenis aan deze Hadieth worden gevonden in
al-Boechari en Moslim en andere hadieth op gezag van meerdere
metgezellen. Het is 1 van vele hadieth waar de Qaadiani groep niet
in gelooft, want zij geloven niet in de wereld van de jinn die in de
Qoraan en de Soennah wordt genoemd. Hun methode om de tekst ervan te
ontdoen is welbekend: als het van de Qoraan is veranderen ze de
betekenis, bijvoorbeeld de uitspraak van de Verhevene "Zeg: "Het is
aan mij geopenbaard dat een groep van de djinn heeft geluisterd (72:
1); zij zeggen "d.w.z. een groep mensen"! waarbij ze voor het woord
"djinn" het synoniem "mens" maken! Zo spelen ze met de taal en de
religie; als het van de Soennah is, dan veranderen ze het zo
mogelijk met een valse interpretatie, en anders is het makkelijk
voor hen om het vervalst te verklaren, zelfs als alle imaams van de
Hadieth en de hele oemmah die achter hen staat het eens zijn over
zijn authenicteit, jazelfs als het moetawaatir is. Moge Allah hen
leiden. )

Ook zei hij vrede zij met hem:
Als iemand bidt voor iets dat een soetrah tussen hem en de mensen
vormt en iemand wil voor hem langs lopen, dan moet hij hem tegen
zijn keel duwen (en hem zoveel hij kan afweren), (in een andere
overlevering: hij moet hem tegenhouden, tot twee keer toe) maar als
weigert (niet te passeren) dan moet hij tegen hem vechten, want dan
is hij voorzeker de duivel. (al-Boechari & Moslim, en de toegevoegde
overlevering is van ibn Choezaimah 1/94/1)

Ook zei hij vrede zij met hem: Als de persoon die voor iemand langs
loopt ( de zonde) zou weten die op hem rust, dan zou het beter voor
hem zijn om veertig te wachten dan om voorlangs te lopen. (Aboe
An-Nadr zei, "Ik weet niet precies meer of hij veertig dagen,
maanden of jaren zei". (Ibid)