Advertentie: bereik met Marokko.nl vrijwel alle Marokkaanse jongeren


PDA

Bekijk originele versie : Over de anderen zei mijn moeder altijd: 'Dat is Gods schepping'



Pagina's : [1] 2 3

Marsupilami
25-03-2003, 09:24


Assalamu Alaikum, vrede zij met u allen Om over respect te kunnen praten, ben ik in mezelf gaan kijken. Wat heeft mij gevormd. En eruit kwam mijn moeder, een kleine molukse vrouw, met een groot moslimhart. Respect kan je krijgen, maar daar moet je niet vanuit gaan in het leven. Respect moet je geven of beter gezegd: delen. Respect is iets dat binnen in je zit, hoe meer je ernaar zoekt in jezelf, hoe meer je zal merken dat het naar de oppervlakte komt vanuit jezelf, dat het zich gaat manifesteren als een waarde. Respect is de ander accepteren, zoals die is. Sinds de onlusten op de Molukken zijn wij, moslims en christenen, elkaar aan het verkennen. Het was een schok toen we beseften dat we elkaar zo naar het leven kunnen staan. Wat drijft een mens om een ander mens te verwonden. Survival - overleven? Ik zag hoe mijn oude moeder reageerde bij de eerste tv-beelden. Hoe kunnen ze dat doen, hoe kunnen ze elkaar aanvallen. Mijn moeder voelde het aan den lijve, terwijl ze het op tv zag. Ik zag haar verdriet. Toen de Molukse gemeenschap zich begon te roeren en zich in beweging zette door stille tochten te lopen, liep zij mee, mijn 72-jarige moeder. De laatste stille tocht, door haar eigen dorp, zat ze in een invalidenwagentje, voorop. Mijn moeder, nu anderhalf jaar geleden overleden, was een krachtige vrouw, een vrouw met gezag en anderen hadden ontzag voor haar. Als vrouw van een knil-soldaat kwam zij met mijn vader met de Groote Beer, een grote stoomboot, vanuit de kampong, overge-plaatst naar Nederland. De eerste 15 jaar leefden wij in een geïsoleerd moslim-barakkenkamp in Wyldemerck bij Balk in Friesland. Pas in de jaren 60 gingen we in een wijk van Ridderkerk wonen tussen de Nederlanders. Zij had alleen de koranschool gevolgd. Zij las Maleise boekjes in Arabisch schrift. In de 50 jaar dat zij in Nederland leefde, heeft ze zichzelf ontwikkeld door zich te verdiepen in haar geloof. Vanuit die kennis heeft ze haar kinderen bepaalde principes bijgebracht, die essentieel zijn in hun bestaans-recht. Mijn moeder was ons levend voorbeeld. Haar levensstijl haalde zij niet alleen uit de religieuze boekjes en uit de Koran, maar ook uit haarzelf, haar godsbesef. Haar liefde voor haar Schepper kon zij uitstralen in de normaalste dingen. Voor mijn moeder bestonden geen grenzen. Zonder haar moslimidentiteit te verloochenen, kon ze omgaan met andersdenkenden en mensen van andere culturen, uit andere werelddelen. Dat was voor haar de normaalste zaak van de wereld. Terwijl wij in bepaalde gevallen soms een gevoel van gêne ten toon kunnen spreiden of een beetje afstandelijk kunnen doen wanneer we iemand voor het eerst ontmoeten, en vooral niet meer dan een hallo of daag naar elkaar kunnen produceren, kan mijn moeder gewoon iedereen die ze tegen-komt, uitnodigen. Haar gastvrijheid is van een grenzeloze generositeit. Zo kan de bel gaan, terwijl wij, haar kinderen, binnen zitten en een grote Somalische vrouw met een kindje op haar arm staat in de deuropening of we zien haar met haar Marokkaanse vriendin samen eten. Of anders met onze Hollandse buren, Hans en Ditta, die ze met elke islamitische feestdag een schaal met eten liet brengen, vooral in de Ramadan. Over de ander, zei mijn moeder altijd tegen ons: itu hamba Allah,wat zoveel betekent als "dat is Gods schepping", een waarschuwing naar ons, wees respectvol naar Gods schepping. Mijn moeder was een oprechte gelovige vrouw, die dat ook kon uitdragen in haar doen en laten. Haar opvoeding was essentieel voor onze ontwikkeling en onze omgang met anderen. Mijn moeder leerde ons de ander te respecteren in zijn anders-zijn. Zij leerde ons verantwoordelijkheidsgevoel voor elkaar te ontwikkelen Mijn moeder had een taak: haar kinderen en kleinkinderen - ze had 14 kleinkinderen en 4 achterkleinkinderen - tot verantwoordelijke mensen opvoeden, gewoon door haar voorbeeld uit te dragen. Zij zocht altijd naar het goede in de mens. Ze zag eerst de mens en dan pas wat hij is. Eerst hamba Allah, Gods schepping, en dan pas zijn etniciteit. Zij geloofde vooral in het doen van het goede, door letterlijk te geven, of beter gezegd te delen. De ander bij voorbaat liefhebben, omdat hij of zij een schepping is van God, is voor haar een vorm van aanbidding. Geen theologische opleiding, geen psychologische bijscholing, gewoon zoeken in jezelf, in je innerlijk. Gekscherend noemen wij haar wel eens de God-Mother, want zij kon haar clan, haar achterban, wij, haar kinderen en kleinkinderen, goed begeleiden en sturen. Zij sprak gebroken Nederlands, maar zij communiceerde in de taal van haar hart. Zij heeft in ons het gevoel van erbarmen voor de ander bijgebracht. Ik merk dat ik door mijn moeder gevormd ben. De kracht van een vrouw, met heel haar wezen, in dienst van de Schepper. Zij leerde ons, hoe we met respect met de ander moeten omgaan. Zij gaf alles, met het diepe geloof dat God in Zijn Goedheid teruggeeft. In al haar handelingen zocht ze de zegening van God. Wij hebben geleerd om onszelf weg te cijferen om de ander te helpen. Soms komen we thuis en heeft een broer een vriend meegenomen die uit huis is gezet of geen onderdak had en die tijdelijk bij haar onderdak en zorg kreeg. Er zaten voortdurend andere mensen in de wekelijkse zikrkringen die zij organiseerde bij haar thuis voor ons, haar kinderen. Eens per week, op zaterdagavond, kwamen alle kinderen met echtgenoten en kroost bij haar thuis, voor een gebedsmeditatie en om gewoon bij elkaar te zijn. De bedoeling is de onderlinge band te verstevigen en onze kinderen, haar kleinkinderen, de familieband te laten voelen. U moet weten dat wij geen andere familieleden in Nederland hebben, en al onze familie zit in Indonesië. Dus mijn moeder was onze familie. Alles draaide ook om haar. Zij was voor een vrouw best revolutionair bezig geweest, zeker in een gemeenschap, die vrij gesloten en passief is. Zij stelde altijd haar huis ter beschikking voor allerlei manifestaties en zij was altijd en overal aanwezig. Zij ging om met andersdenkenden zonder haar eigen identiteit te verliezen, eigenlijk ging ze daardoor zich meer verdiepen in haar eigen godsdienst. Zij is een bron voor ons geweest, haar kinderen. Op haar begrafenis, liep mijn Hollandse schoonzuster, bij ons bekend om haar nuchterheid, naast mij, achter de baar, en zei: Mamma is iemand die niet discrimineert, of je nou wit bent of zwart, iedereen is belangrijk voor haar. Sinds 2 jaar zit ik in een interreligeuze molukse vrouwengroep, Vrouwen voor Vrede op de Molukken. Ik ben als moslim-molukse, samen met Vera Tentua, mijn christen-partner, voortrekker van onze beweging. Wij treden overal samen op. Heel bewust profilerend, christen en moslim, adik-kaka, gezusters. Wat heeft mijn moeder met mijn voortrekkersrol te maken in Vrouwen voor Vrede op de Molukken. Ik merk dat ik makkelijk met andersdenkenden omga. Mijn omgang met Vera, mijn christenzuster in Vrouwen voor Vrede op de Molukken, kent ook geen grenzen. Zelfs zo dat Vera soms vergeet dat ik moslim ben en geen kerkelijke liederen kan zingen, als ik naast haar zit in de kerk als we een toespraak moeten houden. Zij zegt zelfs tegen mij dat ik mag meezingen als ik wil. Tijdens de ontmoetingen met Vera, of wanneer we samen ergens naar toe reizen, praten we over elkaars achtergrond. Ik merk dat ik voortdurend aan 'vergelijkende godsdienst' doe. Het feit dat christenmolukkers God aanspreken met Tuhan Allah, is ook heel bijzonder. Ook Vera is erg geïnteresseerd in mijn religieuze achtergrond en zegt steeds Salam Alaikum tegen mij en dan grinniken we. En de afgelopen Ramadan heeft ze met me mee gevast. De allereerste keer dat ik op uitnodiging van een molukse dominee, ds. Seth Mustamu, een korte speech hield in een kerk vol christenmolukkers, was na een stille tocht in Amsterdam op 24 april 1999. Het was de tijd dat kerken en moskee n in brand werden gestoken in Ambon. Wij liepen met z'n drietjes, mijn man, mijn dochter en ik, de enige moslims, in een stoet van 700 tot 800 christen-molukkers. Later hoorde ik van ds Seth dat ik vooral indruk had gemaakt bij de jongeren. Ik sprak 4 minuten, maar lang genoeg om in zo'n kort tijdsbestek duidelijk te maken dat de koran niét aanmoedigt om andersgelovigen te bestrijden, maar juist om de vrijheid van godsdienst te verdedigen: 'En indien God sommige mensen niet door middel van anderen tegenhield, zouden ongetwijfeld kloosters, kerken, synagogen en moskeeën, waarin dikwijls de naam van God wordt herdacht, zijn afgebroken (...) " (22:39-41) (surah al-Hadj). Elke gelovige moslim heeft de opdracht om plaatsen waar Gods naam veelvuldig herdacht wordt te beschermen. Christenen zouden zich veilig moeten voelen bij moslims. Later werd ik uitgenodigd om in zijn eigen kerk te spreken op 13 december 1999. het thema was: moeten we kerst vieren of niet. Stille nacht of geen stille nacht op Ambon? Wat is mijn mening als moslim. Het was in de vastenmaand Ramadan. Ik zei o.a.: Kerst vieren, zeker, juist nu. Moslims kennen Jezus als Isa. Over Isa denken en praten is niet alleen van het christendom. Jezus is een van de profeten van de islam, een van de vertegenwoordigers van God op aarde. Een van de gezondenen. Jezus (vrede zij met hem) is een voorbeeld, een rasoel, een nabi voor de hele mensheid. (surah Maijam, 19:34). In de Koran zegt Jezus (vrede zij met hem) over zichzelf: "Vrede was met mij op de dag van mijn geboorte en zal met mij zijn op de dag van mijn dood en ook op de dag dat ik ten leven zal worden opgewekt." Na afloop kreeg ik reacties van molukse christenen die verbaasd waren, dat in de Koran zo over Jezus wordt geschreven en dat ik als moslim met respect over Jezus kon praten.

Marsupilami
25-03-2003, 13:05
In de afgelopen 2 jaar kwam ik in aanraking met veel christenmolukkers, die door de samenwerking met moslimmolukkers pas beseften dat zij verschillende keren al naar Ambon gereisd hadden, maar altijd in de christelijke sfeer bleven, en pas nu geconfronteerd werden met moslimmolukkers en dat ze gedwongen werden om erover na te denken en om zich in die ander te verdiepen. Mijn samenwerking met christenmolukkers maakt natuurlijk binnen mijn eigen moslimachterban nog al wat los. Er zijn verschillende reacties. Wat mij opviel is dat de molukse moslimgemeenschap in Nederland zich slachtoffer voelt, terwijl toch onder de christenen in Ambon heel veel slachtoffers vielen en duizenden in vluchtelingenkampen zitten. Er is natuurlijk hiervoor een verklaring; en dat is dat de moslims zich altijd historisch gezien al achtergesteld voelden door de Nederlanders die zich vaak alleen met christenmolukkers hebben bemoeid, neem bijvoorbeeld maar het onderwijs in de koloniale periode. Dat was alleen maar bestemd voor christenmolukkers. Als moslimmolukker hebben wij het moeilijk door de negatieve beeldvorming. We worden negatief belicht. We worden hier aangekeken als de aanstokers van het conflict. Jullie zijn de aanvallers, wordt gezegd, kijk maar naar de Laskar Jihad en de vluchtelingenkampen vol met christenen. Het kost voor ons, de vrouwen, veel energie om sommige elementen binnen onze achterban te overtuigen dat het goed is om samen te werken met christenen. Omdat het goed is voor de toe-komst van Maluku. Vanuit onze eigen achterban krijgen we dus reacties van mensen die zeggen: "Weten jullie wel wat jullie doen? Je moet je niet laten gebruiken door de tegenpartij!" Zowel aan christenkant als aan moslimkant heb je groepen die radicaal zijn. die niets willen weten van de vijand. Dat heb je bij ons natuurlijk ook en soms lijkt het vechten tegen de bierkaai. Het kost je vooral veel energie als de tegenwerking uit je eigen gemeenschap komt. Dan moet je weer extra bewijzen dat je toch goed bezig bent. Voor je iets klaar krijgt moet je eerst een zware discussie voeren in eigen kring. Het kost enorm veel energie maar als je dan achteraf ziet dat het dan toch geaccepteerd wordt dan doet je dat weer goed. Dat zijn dan misschien je beproevingen in het leven. Als moslim geloof je daarin. Op weg naar het goede moet je over allerlei heuvels en bergen. En daar moet je allemaal overheen. Ondanks dat molukse moslimvrouwen niet eerder zo intensief met christenvrouwen hebben samengewerkt is het opvallend binnen onze moslimgemeenschap dat de vrouwen van de enige twee molukse moslimwijken in Ridderkerk en Waalwijk het actiefst zijn en goed samenwerken. Toch zijn we ondanks de goede samenwerking voorzichtig. Wat een groot obstakel vormt in de samenwerking met christenen is de rms-kwestie. Daar zijn we gewoon allergisch voor. Moslimmolukkers hebben het hier daardoor moeilijker. Het krijgt zijn effect bij de familie in Indonesië. Ik heb persoonlijk al vragen gekregen van mijn familie uit Ambon of het waar was over geruchten dat ik bij Front Kedaulatan Maluku zit, een soort vernieuwing van de rms. Op mijn antwoord dat dat toch echt leugens zijn, kreeg ik per omgaande een opgeluchte e-mail terug dat ik vooral moet doorgaan met het goede werk. Maar de boodschap was duidelijk. Ik krijg ook allerlei opmerkingen naar mijn hoofd geslingerd dat ik naïef ben en dat ik wordt gebruikt door christenmolukkers om subsidie binnen te halen, en laatst hoorde ik nog iemand over mij zeggen dat ik een eenzame strijd voer. Waarom ik samenwerk met christenen. Ik verbaas me waarom ze zo denken, want ik zie het als iets wat op mijn weg komt en waar ik mee geconfron-teerd word en dat ga ik niet uit de weg. Ik voel het niet als een eenzame strijd. Ik voel alleen maar warmte en zegening van God. Het is soms moeilijk omdat je wordt tegengewerkt door bepaalde elementen in je eigen achterban. Maar ik laat me niet door hen ontmoedigen; ik hoop dat ik hun juist kan doen inzien dat door de ander liefde te geven je liefde terugkrijgt. Ik vergader veel met christenvrouwen en kom de laatste tijd regelmatig in molukse christenkringen, en ik profileer me met behoud van mijn eigen moslim-identiteit. Ik denk maar zo, als ik aan de vrede wil werken tussen christenen en moslims dan moeten zij mij accepteren zoals ik ben, want ik ben nu eenmaal zo en niet anders dan zij. Zo heb ik in een speech, nadat we in een stille tocht gelopen hadden, woorden gebruikt, die rechtstreeks uit mijn hart kwamen, omdat ik me als moslimmolukker identificeer met de christenmolukker. Voor een publiek van ongeveer 2000 christenmolukkers en misschien 20 moslimmolukkers voor het Vredespaleis begon ik mijn speech met hen aan te roepen: "Christenmolukker, hoor mij aan, wij zijn geen vreemden van elkaar, jouw geluk is mijn geluk, jouw pijn is mijn pijn, jouw verdriet is mijn verdriet, want jouw land is mijn land met eeuwenoude tradities, niet voor niets door onze voorouders ingeplant in ons wezen. Christenmolukkers, moslimmolukkers, wij zijn kinderen van één volk, wij zijn de kleinkinderen van Pattimura, wij lopen deze tocht in stilte voor onze knilvaders en moeders, die in de afgelopen 50 jaar tweemaal het gevoel van verscheurdheid aan den lijve ondergingen, toen ze afscheid namen van familie en hun geliefde eilandenrijk en met grote stoomboten naar een onbekend land voeren." Ik zie weer mijn moeder zitten, midden in haar houten barakkenkamertje voor zich uitstarend met een brief uit het verre vaderland in haar schoot. Nu hetzelfde gevoel van verscheurdheid, de onzekerheid over de familie, machteloosheid en verdriet over trieste berichten van doodgeschoten en verminkte familieleden. In stilte schreeuwen wij om aandacht voor de pijn daar en het verdriet hier.... Ik heb heel veel reacties gekregen van christenmolukkers, die emotioneel werden en mij vertelden dat zij bijzonder geraakt waren door mijn woorden. Een jongere vertelde mij dat het een ommekeer werd in zijn kijk op moslimmolukkers en dat hij ons zag als medeslachtoffer. En van moslims kreeg ik reacties dat ik precies dat verwoordde wat zij voelden, maar niet wisten hoe het te verwoorden. Ik denk dat ik de woorden uit mijn innerlijk naar boven heb gehaald doordat ik de ander niet zie als iemand anders, maar als medemolukker met wie ik in onze machteloosheid wil omarmen en samen wil huilen om dat wat over ons heenkwam. Ik ben pas medemens als ik ook de ander kan aanvoelen. In dit geval hetzelfde verdriet. Ook hier lopen Molukkers met hun ziel onder hun arm, zowel christenen als moslims. Een manier om pijn en verdriet te verwerken is het samen lopen in stille tochten en ook het uiten tegenover elkaar van gevoelens van verdriet. Wij weten dat in dit molukse drama grote belangen spelen. Waar wij ons nu van bewust worden is, dat wij vanuit Nederland aan dialoog en ontmoeting met de andersdenkende moeten werken en zorgen dat het dialoogvirus overvliegt naar Ambon. Eerst moet het vertrouwen worden hersteld. Werken aan de basis, zorgen dat het fundament waarop de vrede kan rusten stevig wordt. We moeten werken aan mentaliteitsverandering. Wij moeten elkaar in de ogen durven kijken. En tegen elkaar kunnen zeggen: Zie jij jezelf in mijn ogen? Want jij bent hetzelfde als ik. Wat jij voelt, voel ik ook, wat jij bent ben ik ook. De werkelijke betekenis van alé rasa beta rasa. Soms vond ik het nodig om als moslimmolukker op bepaalde berichten uit de Molukken te reageren in lezingen voor moluks publiek: Er komen berichten vanuit het moederland die soms deprimerend zijn, zoals gedwongen bekeringen en besnijdenissen. Dit zijn oorlogsmisdaden die voor de rechter gebracht moeten worden. Want de islam verbiedt het om mensen tegen hun wil in te bekeren en besnijdenissen onder dwang is helemaal uit den boze. Dit is on-islamitisch, on-indonesisch en onmoluks en wij als moslimgemeenschap in Nederland veroordelen dit volledig. Deze gruwelijke feiten zijn ook weer om twee religieuze groepen te provoceren. De moeilijke weg is die van dialoog en verzoening, en de makkelijke weg is die van agressie en elkaar uit roeien. Dat kunnen we nu zien aan de reacties op de mensen die staan voor dialoog en verzoening. Zij worden van huis en haard verdreven. Maar waar ze voor staan, dat is de toekomst voor de Molukken: samenwerkingsprojekten op basis van fifty-fiftydeelname van moslims en christenen. We moeten ons dus niet laten ontmoedigen, want beproevingen zullen wij en zeker onze mensen daar op hun weg naar vrede blijven tegenkomen. Ik blijf geloven dat vrouwen, mannen en jongeren, die werkelijk vrede willen, ook vrede zullen krijgen. De ibu radja van Paso, ibu Maitimu, een dappere christenvrouw liet zien wat werken aan vrede betekent. Zij bezocht onlangs de vrouw van de radja van Seith, een moslimdorp, die net van de bedevaart van Mekka terugkwam. Zij liet hiermee zien, dat zij een voorbeeldfunktie bekleedde en zij liet zien dat werken aan vrede is werken aan dialoog en ontmoeting. En dat betekent letterlijk "interesse in elkaar tonen", oprechte interesse, zodat je geen vreemde voor elkaar blijft. Want als we vreemden voor elkaar blijven, blijft die afstand. Als we elkaar kennen als broeders, kunnen we ook in tijden van moeilijkheden bij elkaar aankloppen en voor elkaar instaan. Want vrede is pas, als de moslimmolukker de christenmolukker beschermt en de christenmolukker de moslimmolukker. Verantwoordelijk zijn voor elkaar. Mensen die ons hier hoop kwamen brengen, dat was het ontroerende gevoel dat ik kreeg toen de Baku Bae (verzoening/ weer goed maken)- groep hier was. Deze mensen, die zelf uit het oorlogsgebied komen, brengen ons hoop. De omgekeerde wereld. Zij laten ons zien dat wat zij nodig hebben in Ambon, maar ook wij hier, een teken van liefde is voor elkaar. Ik ben niet meer of minder dan jij. Christen of moslim, wij zijn van dezelfde oorsprong. Wij moeten voor elkaar kunnen instaan en op elkaar kunnen rekenen. Farida van Bommel

HalfBlood
27-03-2003, 00:44
verveelde je in maroc.nl ? :D

Marsupilami
27-03-2003, 00:49
Origineel gepost door Half Blood verveelde je in maroc.nl ? :D Een beetje wel ;) :p

HalfBlood
27-03-2003, 00:57


Origineel gepost door Marsupilami Een beetje wel ;) :p en ben je al moslim geworden of nog niet ? :D.

Marsupilami
27-03-2003, 01:02
Origineel gepost door Half Blood en ben je al moslim geworden of nog niet ? :D. Nah, ik wil geen overloper zijn. Eerder bruggenbouwer. God zal wel oordelen. Als het uiteindelijk fout loopt mag jij mijn advokaat zijn ;)

HalfBlood
27-03-2003, 07:50
Origineel gepost door Marsupilami Nah, ik wil geen overloper zijn. Eerder bruggenbouwer. God zal wel oordelen. Als het uiteindelijk fout loopt mag jij mijn advokaat zijn ;) Christenen geloven dat de Profeet (ja zo zien wij hem nog steeds) Jezus Christus (moge Allah vrede over hem schenken) dat hij de bemiddelaar voor hen wordt. dus verwacht niets van mij sinds op de Dag des Oordeels iedereen omzichzelf zal bekommeren. dus onderzoek en verdiep je in Islam dat is mijn tip naar jou Marsupilami.. jij hebt een massa die werkt, nu ook gebruiken voor de juiste doel ;).

HalfBlood
27-03-2003, 07:51
Origineel gepost door Marsupilami Een beetje wel ;) :p Yehya is hier ook actief wist je dat :D ik had hem gelijk door ;).

HalfBlood
27-03-2003, 07:53
Origineel gepost door Marsupilami Nah, ik wil geen overloper zijn. Eerder bruggenbouwer. God zal wel oordelen. Als het uiteindelijk fout loopt mag jij mijn advokaat zijn ;) Overloper voor de waarheid ? hoe kan je voor iets blijven dat al weggevaagd is ;).

Marsupilami
27-03-2003, 10:13
Origineel gepost door Half Blood Christenen geloven dat de Profeet (ja zo zien wij hem nog steeds) Jezus Christus (moge Allah vrede over hem schenken) dat hij de bemiddelaar voor hen wordt. dus verwacht niets van mij sinds op de Dag des Oordeels iedereen omzichzelf zal bekommeren. Als er een oordeel komt, dan zal God niet mijn religie maar mij gaan beoordelen. Niet de boodschap of de voorschriften maar wel wat ik daar mee gedaan heb in mijn leven. Als ik het zo bekijk dan is mijn gedrag in de praktijk niet zoveel on-islamitischer dan wat ik de meeste moslims in mijn omgeving zie presteren. Maar daarover kan je natuurlijk van mening verschillen. Verder is solidariteit met je medemens, een belangrijke waarde in mijn religie. Mijn religie verbiedt me niet om jouw advokaat te zijn, mocht het ooit nodig zijn. ;)

HalfBlood
27-03-2003, 14:37
Origineel gepost door Marsupilami Als er een oordeel komt, dan zal God niet mijn religie maar mij gaan beoordelen. Niet de boodschap of de voorschriften maar wel wat ik daar mee gedaan heb in mijn leven. Als ik het zo bekijk dan is mijn gedrag in de praktijk niet zoveel on-islamitischer dan wat ik de meeste moslims in mijn omgeving zie presteren. Maar daarover kan je natuurlijk van mening verschillen. Verder is solidariteit met je medemens, een belangrijke waarde in mijn religie. Mijn religie verbiedt me niet om jouw advokaat te zijn, mocht het ooit nodig zijn. ;) “Wie iets anders dan de Islam (de overgave aan God) als godsdienst wenst, van hem zal het dan niet worden aanvaard. Hij behoort in het hiernamaals tot de verliezers.(Al ‘Imraan 3:85). “En de joden zeggen: ‘‘Oezair (Ezra) is Gods zoon’ en de christenen zeggen: ‘De masieh is Gods zoon.’ Dat is wat zij met hun monden zeggen. Zij benaderen zo wat zij, die vroeger ongelovig waren, zeiden. God bestrijd hen, hoe kunnen zij zo afwijken! Zij(Joden en Christenen) namen hun schriftgeleerden en hun monniken tot heren in plaats van God (door ze te volgen in dingen die zij toegestaan of niet toegestaan maakte volgens hun eigen verlangens zonder dat ze bevolen waren door Allah) en ook de masieh, de zoon van Marjam(Maria). En hun (Joden en Christenen) werd slechts bevolen (in de Tauraat (Thora) em om de Injeel (Psalmen)) één God (Allah) te dienen. Er is geen god dan Hij. Hij zij geprezen, verheven als Hij is boven wat zij aan Hem als metgezellen toevoegen.(al-Tawbah 9:30-31). “Voorwaar, degene die niet in Allah geloven en Zijn Boodschapper: zij willen onderscheid maken (in het geloven) tussen Allah en Zijn Boodschappers (door te geloven in Allah en door niet te geloven in Zijn Boodschappers), en zegge: “Wij geloven in sommigen en verwerpen anderen.” En zij willen daartussen (tussen geloof en ongeloof) een weg vinden. Zij zijn degene die waarlijk ongelovigen zijn: en Wij hebben voor de ongelovigen een vernederende bestraffing voorbereid. (al-Nisa’ 4:150-151). Degene die gezegd dat Christenen geen kaafirs zijn, is ongelovig aan het woord van Allah (interpretatie van de betekenis): “Voorzeker, zij waren ongelovig, degenen die zeiden: “Voorwaar, Allah is de Masih, zoon van Maryam.”… (al-Maa’idah 5:17). “Voorzeker, zij zijn ongelovigen die zeggen: “Allah is de derde van de drie (van de drie-eenheid).” Want er is geen god dan de Ene God (Allah). En indien zij niet ophouden met wat zij zeggen: dan treft zeker een pijnlijke bestraffing degenen van hen die ongelovig zijn. (al-Maa’idah 5:73). ;).

KoRnOnTheCops
27-03-2003, 15:13
ik vond het een mooi stukje hoor

Mark
27-03-2003, 16:26
Denk maar niet dat je van me af bent Mars Ik kom vanaf NU ook hier kijken :haha: :haha: :haha: :haha: :haha:

HalfBlood
27-03-2003, 16:27
Origineel gepost door Mark Denk maar niet dat je van me af bent Mars Ik kom vanaf NU ook hier kijken :haha: :haha: :haha: :haha: :haha: Mark !!!! :D.. waar blijft je Vegeta pic ?

Mark
27-03-2003, 16:29


Origineel gepost door Half Blood Mark !!!! :D.. waar blijft je Vegeta pic ? Vegeta komt eraan maar die staat thuis op de comp :) Ken ik u? Ik ben nieuw hier, hoe werkt zo'n forum? :cool:


Pagina's : [1] 2 3