Bekijk originele versie : PLEASE!!!!!!!!!!!!!Lees dit even en sta er bij stil wat er met onze meisjes gebeurt!!
Helaba,
ik heb hier een verhaal dat ik zo aangrijpend vond en hier wil plaatsen!!!Lees het eens(ik heb er in totaal een halfuur over gedaan om het te lezen)en laat jullie mening horen want het is zeker en vast bijzonder!!!!!
kisskisskisskiss
sorry als sommige zinnen kunnen shockeren maar het is dus naar het schijnt echt gebeurd!!!!!
[COLOR=darkblue]NIET MEER MIJN LEVEN.
Vroeg in de ochtend werd ze wakker door het gegil van haar moeder.
"Lieverd, er is iemand voor je mijn mooie lieve dochter" zei haar
moeder tegen Hayat. Hayat deed langzaam haar ogen open en keek naar
de wekker die naast haar hoofd lag. Half zeven. "Wat, zo vroeg a
moi, wie is er?" vroeg Hayat.
"Jallah, niet zoveel vragen. Ga doucen, kleed je netjes en mooi aan
en kom dan gelijk naar beneden." Hayat snapte er niets van. Was
het, nee dat kon toch niet? dacht ze. Ze deed wat haar moeder zei.
Ze was per slot van rekening een keurig kind. Die alles wat haar
ouders haar vermelde deed. Maar haar ouders luisterden nooit naar
haar. Hoe konden ze nou willen dat hun net 18 jarige dochter al met
iemand trouwde, iemand waar ze niet van hield.
Ze stapte nadenkend de douche in, en bleef daar zolang mogelijk
totdat haar moeder hard op de deur bleef bonzen. "A lefrita, schiet
op! Je bent echt soms een schande voor ons AibadAllah.!" Hayat deed
de douche uit en wikkelde zichzelf in een handdoek, ze deed de
badkamer deur open en liep haar moeder negerend voorbij. Haar
moeder liep snel mompelend naar beneden. Hayat liep haar kamer in.
Ze keek rond. "Wat moet ik in Godsnaam aan?" dacht ze. Een stiekeme
gedachte was dat ze gewoon naakt de huiskamer binnen zou lopen. En
dan maar de reacties van haar aanstaande bruidegom afwachten... Ze
kreeg een glimlach op haar gezicht. Hayat deed de kastdeur open. In
haar kastdeur zat een lange spiegel en ze bekeek zichzelf. Een
slank lichaam was wat ze te zien kreeg. Hayat vond zichzelf altijd
te dik, te vol. Ze pakte snel haar ondergoed, een nette zwarte
lange rok die ze zelf verschrikkelijk vond, maar goed, zeer gepast
voor dit soort daagjes, en een zwarte blouse. Haar haar deed ze in
een knot. Ze deed de kastdeur open en bekeek zichzelf. Ze haalde
diep adem en liep de kamer uit om vervolgens naar beneden te gaan.
Zachtjes ging de deur open en precies zoals ze had verwacht zat
haar hij daar. Het was een achter neef, Faisel. Hij was lang, had
een fijn gezicht maar Hayat voelde zich totaal niet tot hem
aangetrokken. Ze wilde niet, maar had geen keus. Ze moest.
De ochtend leek wel een eeuwigheid te duren. Eindelijk gingen ze
weg. Faisel had zijn nummer voor haar achter gelaten zodat ze hem
eventueel kon bellen om elkaar beter te leren kennen. Hayat's
moeder had er zo op door gepushed hem nog diezelfde middag te
bellen dat ze het deed. Ze was immers een goed meisje, ze moest
wel, ze moest alles goed doen, alles het beste doen, anders was ze
niet goed genoeg voor haar familie.
Ja" hoorde Hayat een norse zware stem aan de andere kant van de
lijn zeggen. "Met Hayat, is dit Faisel?" zei Hayat. "Eeeeh ja, hoe
is het met je my lady" zei Faisel gelijk enthousiast. "tfoe" dacht
Hayat. "Eh ja goed." Ze wilde het liefst gelijk ter zake komen en
zei er dus meteen achterna "Faisel, kan je straks afspreken, dan
kunnen we elkaar beter leren kennen". Die woorden kwamen niet uit
haar hart. Ze kwamen als het aan Hayat lag uit haar ****.
Ze hadden die avond afgesproken. Faisel kwam haar ophalen van haar
huis. Hayat had zich niet extra mooi aangekleed. Ze droeg een
lichtblauwe spijkerbroek, met een zwart truitje. Ze had een open
hals en had daarom een zwarte halsketting om die ze had gehad van
haar beste vriendin, Imane. Een kwartier te laat ging de bel.
Ze deed zelf open. "Hoi" zei hij met die zware stem van hem.
"Salaam aleikoum" zei hij tegen haar ouders. Faisel was niet echt
lelijk. Hij kon genoeg meiden krijgen maar Hayat viel gewoon niet
op hem. Ze hield niet van hem. Vanavond zou ze proberen onder het
huwelijk vandaan te komen. "Zullen we gaan?" zei ze.
Eenmaal in de auto aangekomen vielen er geen woorden. Totdat Faisel
de stilte wilde doorbreken. "Zo eh Hayat. Wat doe je allemaal in
het dagelijkse leven.?" vroeg hij. "Ik zit op school, ik doe de
opleiding secretaresse" zei ze. "Oh wat leuk" zei hij. Hij legde
ineens zijn hand op haar been. "Dus mijn vrouwtje gaat binnenkort
haar diplomaatje halen, nou lieverd, dan mag je lekker van je leven
gaan genieten, ik zal hard voorons tweetjes werken." zei hij. Hayat
glimlachtte. Een nepglimlach.
Ze besloten naar een cafeetje te gaan. Het stonk er naar de rook en
het was vol met marokanen. Waarschijnlijk allemaal bekenden van
Faisel aangezien hij iedereen groette. Hayat bekeek hem. Hij droeg
een leren jas, die te groot voor zijn postuur was. Zijn broek was
een beetje te kort. Hij had kleine krulletjes. Hij draaide zich om
naar Hayat en wees haar een stoel aan. "Ga hier maar zitten" zei
hij. "Hayat, laat ik je hier dus nooit alleen of met je vriendinnen
zien he" zei hij. Hij keek serieus. Hayat werd kwaad. Hij maakte
het haar wel heel gemakkelijk om te zeggen dat ze niet met hem
wilde trouwen. Dus dat besloot ze te doen.
Faisel stond bij de bar, met twee mannen te praten. Even verderop
stonden twee Marokaanse meisjes. Beide in strakke huidverhullende
truitjes gekleed en met een sigaret in hun handen. Ook de makeup
was niet zuinig aangebracht. Faisel rookte ook, en hij had ook een
glas bier voor zich staan. Was dit nou haar aanstaande man waar
haar ouders haar aan wilde geven? dacht ze. Dit wilde ze echt niet.
Ze bleef geduldig zitten wachten tot Faisel kwam. Eerst liep hij
nog naar de twee Marokaanse meisjes. Een gaf hem een kus op zijn
wang. Die andere bietste een sigaret van hem. Hij gaf ze beide een
knipoog en liep naar Hayat. Hij ging zitten. "Zo daar zitten we
dan. Weet je dat ik je heel mooi vind?" zei Faisel. Hayat keek
serieus. Ze wilde het nu zeggen. Ze kon het niet meer voor zich
houden. Ze keek Faisel aan. "Faisel, waarom wil je met mij
trouwen?" Faisels gezicht veranderde van aardig naar serieus.
"Omdat je mooi bent, en gewoon, ik hou wel van je". zei hij. "Hoe
kon hij nou van haar houden, hij kon haar niet eens." dacht Hayat.
En dat zei ze hem ook. "Dat kan toch niet?" zei ze. "Dat groeit
Hayat dat groeit, echt waar" zei Faisel. Ineens kwam het Marokaanse
meisje naar het tafeltje toe gelopen en ging bij Faisel op zijn
rechter been zitten. "Fais, hattinie shie hasra euro? (geef me tien
euro)" zei ze, en terwijl ze het zei bekeek ze Hayat. Faisel werd
rood. Hij duwde het meisje van zijn schoot af en keek haar boos
aan. Het meisje haalde haar hoofd op en liep weg. Nu was het voor
Hayat een peulenschil. "Ik kan niet met je trouwen Faisel, ik hou
gewoon niet van je. En zo te zien zijn er genoeg andere
huwelijkskandidaten voor je." Faisel's gezicht vertrok. Het was
goed te zien dat hij boos was. Hij was woedend. Maar hij hield zich
kalm. "Oke. Dus zo een meisje ben je. Dan is dat lekker je eigen
probleem. Je zult met mij trouwen. Of je wilt of niet." Hayat wist
dat ze als ze nog goed bij haar familie wilde blijven, geen keus
had. Maar ze wilde voor zichzelf kiezen. Kon dat nu dan ook?
Faisel bracht haar naar huis. Na het verlossende woord hadden ze
niets meer met elkaar besproken. Hij zei haar geeneens gedag. Ze
stapte uit de auto en liep naar huis. Haar moeder kwam
aangerend."en, en, en, hoe was het? Ik zei toch al dat het een
goede leuke man voor je was!" Hayat zei niets en liep naar de
toillet. Tien minuten later ging haar telefoon. Prive nummer.
"Hallo" zei ze. "met Faisel. Ik wil met je praten, het duurt niet
lang" zei hij. "Waar ben je dan?" vroeg Hayat. "Ik sta voor je
deur" antwoorde hij. "Goed ik ben over vijf minuten buiten." Hayat
had nu helemaal geen spijt dat ze de waarheid vertelt had aan
Faisel. Ze haalde opgelucht adem. Misschien was het wel een goede
jongen dacht ze.
Niet meer mijn leven.deel 2
Ze trok de voordeur achter haar dicht. In de verte zag ze lichten
knipperen. Faisel reed richting Hayat. Toen hij eenmaal voor haar
stond stapte ze in. "Zullen we een stukje gaan rijden?" zei hij.
Hayat knikte. Tijdens de rit begon Faisel te vertellen dat hij had
nagedacht. Hij accepteerde haar beslissing. Hayat keek hem aan met
een glimlach. "Dank je wel Faisel, en ik weet zeker dat jij
binnekort wel je ware tegenkomt". Faisel lachte. Hij stopte de
auto. Hayat keek voor zich. Ze waren in een afgelegen straat. Wat
er nu zou gaan gebeuren had ze niet voor mogelijk gehouden. Faisel
draaide zich naar hem toe. Met een knopje drukte hij de
deurvergrendeling in. "Goed, jij trouwt dus niet met mij, ik denk
dat niemand je dan nog wil" zei hij gemeen. "Wat bedoel je?" zei
Hayat bang. "Faisel, je maakt me bang, wat wil je?" zei Hayat nog
banger. Faisel pakte Hayat bij haar arm. Ineens kwamen er twee
jongens vanuit de achterbank te voorschijn. Een trok de stoel van
Hayat naar achter en pakte haar hoofd vast. Hij duwde haar hoofd
naar achter en spuug erop. "Tfoe" schreeuwde hij lachend. De andere
jongen trok haar truitje kapot, waar daar na haar bh volgde. Hij
begon ruw en hard in haar borsten te knijpen. Faisel hield haar
armen vast. Hayat was aan het gillen, ze gilde totdat ze zelf
verdoofd werd door haar gegil. Faisel pakte een mes. Hij hield het
voor haar ogen en gaf haar een harde klap in haar gezicht. "Hou je
vieze bek a h.o.e.r voordat ik je doodsteek, dit verdien je!"
schreeuwde hij."Je hebt zeker een vriend jek a vieze h.o.e.r."
schreeuwde hij. Hayat was na het zien van het mes stil geworden. Ze
hoorde en voelde niets meer. Haar lichaam was zielloos leek het. Ze
zag alles vanuit een hoek gebeuren. Faisel scheurde haar jurk
kapot. Hij maakte met het mes haar ondergoed stuk. Daar lag ze.
Naakt. In zijn auto. Hij pakte een been van haar beet. Zijn vriend
hield haar been vast. Het andere been hield Faisel vast. Hij keek
haar aan en spuugde op haar vagina. "Dit verdien je a vieze smerige
****". Hayat was verdoofd. Dit kon niet gebeuren. Faisel pakte zijn
penis vast en duwde hem ruw in haar. Hij pakte Hayat bij haar haar
en verkrachtte haar. Het leken wel uren. Hayat gilde. "neeeeee,
aaaaaah!!!" en ze begon keihard te huilen en hysterisch te gillen.
Faisel legde zijn hand op haar gezicht en kneep erin. Hij begon
steeds zwaarder te hijgen. Zijn sperma spoot hij op haar lichaam.
Toen wilde de vriend. Daarna de andere vriend. Precies hetzelfde.
Hayat was toen buiten bewustzijn geraakt. Faisel had haar om de
hoek van haar straat uit zijn auto gegooid. Ze heeft daar ruim een
uur gelegen. Bijna naakt. Niemand die haar gezien heeft. Ze was
helemaal kapot. Ze sprak in zichzelf. Ze droomde. Dit was haar
leven. Dit werd haar realiteit.
Ze probeerde op te staan. Haar handen waren helemaal nat. Bij de
lantarenpaal bleef ze staan. Ze keek naar beneden naar haar handen.
Rood. Bloed. Er kwam alleen maar bloed uit haar vagina. Ze was stil
en liep door. Normaal kon ze niet meer lopen. Ze was helemaal in de
war. Helemaal alleen. Ze had het koud. De achterdeur was open, haar
ouders en broertje lagen al te slapen. Haar moeder wist dat ze met
Faisel was, maar wilde maar al te graag dat ze veel tijd met hem
doorbracht.
Hayat liep naar binnen. Ze was ontzettend moe. Ze was levensmoe. Ze
liep naar de douch. Spiegel. Ze kon er niet inkijken. Ze kon het
gewoon niet. Ze deed de douche aan. Lauw water. Ze stapte met haar
kapote kleren en al onder de douche. Nog steeds stroomde het bloed
uit haar vagina. Ze sloot haar ogen. Toen begon ze te huilen. Ze
huilde met een zacht geluid, maar in haar hart schreeuwde ze. Ze
heeft twee uur onder de douche gezeten. Ze liep haar kamer binnen.
Voelde zich nog steeds vies. Ze had een ongeloofelijke pijn in haar
vagina. Ze wilde dood. Ze ging op bed liggen. Ze pakte een doosje.
In het doosje zaten slaappillen, die ze ooit van de dokter gehad
heeft nadat ze door de hitte niet kon slapen toen ze een jaar
geleden naar Marokko geweest was. Ze nam zonder aarzelen de pillen
in. Ze was helemaal leeg van binnen. Ze sloot haar ogen en ging op
bed liggen. Ze wilde dat het voorbij was.
Hayat liet het potje pillen vallen op de grond. Ze voelde zich
misselijk worden en nog geen paar minuten daarna begon ze over te
geven. Haar moeder hoorde haar. Ze kwam aangelopen en deed het
felle licht aan. Hayat was nog steeds aan het overgeven. Haar
moeder zag de blauwe plekken op haar lichaam. Ze hielp Hayat al
overgevend van het bed en bracht haar naar de douche. Haar moeder
fluisterde zachte lieve woordjes naar haar toe. Met een washandje
probeerde ze zo zacht mogelijk haar lichaam schoon te maken. Overal
waren blauwe plekken. Haar moeder keek haar aan. "Hoe komen die
daar Hayat, wie heeft dat gedaan?" Hayat begon te huilen. "a moi,
Faisel heeft dit gedaan, hij heeft mij verkracht mama" zei ze. Haar
moeder stopte even. Ze keek Hayat ongeloofig aan. "Hayat, wat zeg
je me nou?" zei haar moeder. Hayat probeerde op te staan, en weer
kwam er bloed uit haar vagina. Haar moeder schrok, hield haar hand
voor haar mond en begon te huilen. Hayat pakte een handdoek.
"Waarom, waarom heeft hij dit gedaan Hayat?" zei haar moeder. Hayat
antwoorde zachtjes "omdat ik niet met hem wilde trouwen". Haar
moeder's gezicht vertrok. Ze was boos. "En waarom wilde je dat dan
niet? Nu zal je helemaal niemand meer krijgen" zei haar moeder.
Waarom had haar moeder van die harde woorden, waarom was de eer van
de familie belangrijker dan de de mensen die erin zaten. Ze haatte
haar moeder dat moment.
Haar moeder hielp Hayat naar bed. "Tegen abbah zeggen we wel dat je
gewoon ziek bent." zei haar moeder. Hayat had blijkbaar alle pillen
overgegeven. Ze viel in bed als een blok in slaap.
De volgende morgen naderde. Hayat sliep. Ineens voelde ze een harde
bons. Ze kon het nog niet plaatsen. Het begon pijn te doen. Ze
opende haar ogen. Haar vader. "Jij h.o.e.r. jij smerige h.o.e.r.
sta op! zei hij. "Papa papa wat is er?" zei Hayat. De ogen van haar
vader zeiden genoeg. Nog nooit had ze hem zo gezien. Zo kwaad. Hij
trok haar aan haar arm. Ze stond nu naast hem. Hij pakte haar bij
haar haar en trok haar met haar hoofd naar beneden. Hij schopte met
zijn knie tegen haar hoofd en duwde haar tegen de muur aan. Ze
viel. Hij schopte haar in haar buik. Hayat voelde het niet meer. De
eerste klappen zijn altijd het ergst vond ze, maar daarna voel je
het gewoon niet meer. Je bent verdoofd als het ware. Hij trok zijn
riem en sloeg haar daarmee op haar rug. Ze probeerde weg te
kruipen. Toen hoorde ze ineens de stem van haar moeder. "Saffie,
genoeg zo." zei haar moeder. Nam haar moeder het voor haar op? Was
haar moeder toch de vrouw die meer van haar kinderen hield dan van
de buurt? "Die andere jongen wil haar nu ook niet meer, want ze
ziet er niet meer uit" zei haar moeder. Niet dus. Ze was echt
alleen. Welke andere jongen? Over welke andere jongen hebben ze
het?
Toen haar ouders naar beneden zijn gelopen, kwam Said, het broertje
van Hayat voorzichtig met een koud washandje. Hij was pas dertien,
maar hij leek wel de enige met een hart voor Hayat. "Faisel heeft
gebeld vanmorgen. Hij zei dat hij jou gezien had met een andere
jongen en dat jullie het aan het doen waren". Hayat zakte in
elkaar. Haar leven was vanaf nu af aan verpest, door een zielig
jaloers persoon. Ze wist dat ze nog neit van hem of haar ouders af
was. "Said, beloof me een ding, dat dit voor je blijft. Ik ga hier
weg."
Said zweeg. Hij keek naar de grond. Diep in zijn hart wist hij dat
ze niet anders kon. "Ik hou van je Hayat, maar als jij er niet
bent, wie heb ik dan?" zei Said met tranen in zijn ogen. Hayat
dacht na. Ze kon Said niet zomaar alleen laten, dat kon ze niet.
"Said, ik hou ook van jou lieverd, ik blijf wel, alleen voor jou."
zei ze. Said omhelsde Hayat. "Nee Hayat, je moet nu gaan, anders
laten ze niets van je over. Ik hoorde papa al tegen mama zeggen dat
ze je naar marokko willen brengen." zei hij zachtjes. Hayat's ogen
branden. Hoe konden ze dit nou doen, ging er door haar hoofd. "Je
moet gaan Hayat". Said stond op en liep haar kamer uit. Even later
kwam hij weer terug. Hij had daar een paar briefjes van tien die
die gespaard had om een nieuw computerspelletje mee te kopen. "Nee
Said, ik hoef het niet, ik heb zelf wel geld lieverd, ik red me
wel" zei Hayat. Said deed net alsof hij haar niet hoorde en stopte
het in haar tas. Ze moest echt weg, ze had geen keuze.
Maar hoe kwam ze ongemerkt het huis uit. Hayat pakte haar tasje. Ze
deed eerst haar deur dicht. In het tasje stopte ze foto's die ze op
school gemaakt had, wat ondergoed, haar leukste broek en trui,
tandenborstel, paspoort en een paar cd's. In haar sokkenla had ze
geld liggen dat ze had opgespaard. Het was zeventig euro. Daar
moest ze voorlopig wel mee rond komen. Maar waar moest ze naar toe?
Ze ging naar school. Daar zou ze nu wel iets kunnen eten, en
misschien zou ze dan iemand tegen komen bij wie ze kon overnachten.
Al was het maar voor een nacht. Eerst moest ze het huis uit zien te
komen. Zachtjes liep ze van de trap af. Haar moeder was in de
keuken bezig. Haar vader in de tuin.
Perfect. Zachtjes deed ze de deur van de hendel en liep naar
buiten. Ze liet hem gewoon open staan, en wist niet hoe snel ze weg
moest komen.
Ze rende, ze rende alsof ze werd achterna gezeten door een horde
wolven. Ze voelde de wind in haar haar. Toen ze de hoek om was
voelde ze de vrijheid. De vrijheid die ze zo gemist had, die zo ruw
van haar afgenomen was. Nog steeds voelde ze pijn bij haar vagina.
Ze bleef rennen, steeds harder. Ze voelde haar ogen branden, de
tranen stroomde over haar wang. Het intreseerde Hayat niet meer hoe
ze er bij liep, ookal zat haar lichaam onder de blauwe plekken en
bloed. Ze moest weg.
hoi maroca
Dit is een verhaal dat is geschreven door een marokko.nl lid. Het is geschreven door Cheetah en je kunt het terugvinden in de verhalenrubriek. Het is inderdaad een zeer mooi verhaal, met helaas een trietste afloop.
groetjes
N
Ze dacht na. Ze kon niet naar school. Mensen zouden haar zien, en
die Marokaanse ratten zouden het gelijk aan haar vader doorspelen.
Ze pakte haar mobiele telefoon, en ze belde Imane. "tuuuuut,
tuuuuuuut, ja hallo?" antwoorde een lieve stem. "Imane, met Hayat,
ik ga weg, ik kan het niet meer, ik hou van je en neem nog contact
met je op. Oh en lieve Imane, zeg neit dat ik je gebeld heb,
alsjeblieft, thallah lieve meid" zei Hayat en verbrak direct de
verbinding. Ze kon ook verder niets zeggen want ze wist zelf niet
eens waar ze naar toe moest. Naar het station. De trein. Amsterdam!
schoot het door haar hoofd. Daar had ze geen familie en vandaar uit
zou ze misschien wel iets kunnen vinden, een flatje of een kamer
ofzo.
9 euro 90 alsjeblieft, zei de vrouw achter het loket. De vrouw
bekeek Hayat goed. "Kind, gaat het wel?" vroeg de vrouw
geintresseerd. "Hayat keek de vrouw aan en zei "dit heeft de man
gedaan die mij op deze wereld heeft gezet." en ze liep weg. In de
trein viel ze in slaap. Die nacht daarvoor had ze nauwelijks
geslapen. "Dit is halte Amsterdam Centraal Station, eindhalte voor
deze trein!" galmde het uit de boxxen. Hayat stond vermoeid op en
pakte haar tas. Haar gezicht deed heel erg pijn. Ze had nu zestig
euro. Ze besloot een hotel te zoeken voor de aankomende nacht.
Eerst een hotel, dan wat eten. Maar hoe moet ik aan geld komen als
het op is? dacht ze. Werk zoeken. Er was vast wel genoeg werk
tevinden. Al was het maar schoonmaken. Ze ging naar het VVV
kantoor. "Goedemiddag meneer, ik zoek een hoteletje, maar heb in
principe alleen een bed en een douche nodig." zei ze. "Een goedkoop
hotelletje, als u die tram neemt neemt en uitstapt bij
Rembrandplein dan loopt u de eerste straat naar rechts in en komt u
bij het Titus Hotel. Best te betalen." zei de man. "En om hoeveel
geld gaat het dan?" vroeg Hayat zachtjes. "Ik bel wel even voor je,
want het moet ook nog vrij zijn" zei de man.
Niet meer mijn leven Deel 3
Moe en hongerig stapte Hayat de tram in. Ze zou voor een nacht
dertig euro kwijt zijn. Ze zou snel werk moeten vinden. Zwart werk.
In de tram was ze alleen. Tenminste dat dacht ze. Een paar stoelen
voor haar zat iemand. Ze stapte uit waar de man van de VVV haar
gezegd had. Ze stond bij de deur en haalde een diepe zucht. Ze
dacht aan haar ouders. Wat dachten ze nu? Wat ging er nu door hun
heen. Laat ze maar voelen. dacht Hayat. Haar lichaam begon pijn te
doen. Ze wilde alleen maar slapen. Maar eerst iets eten halen, de
hele dag heeft ze nog niets gegeten.
Ze stapte uit. Keek om zich heen. Ze liep de weg af, de stoep op.
Ze keek weer goed om zich heen of ze het hotel zag. In de verte zag
ze een geel lichtgevend bord, was dat het? Nee dat was een
snackbar. Ze had toch trek in eten dus wilde ze daar naartoe lopen.
Ze keek in haar tas en zocht het geld bij elkaar. Een hand raakte
haar schouder aan. Ze draaide zich om. "Kan ik je ergens mee helpen
zoeken, volgens mij kom je niet hier vandaan" zei een stem. Hayat
bekeek de jongen goed. Hij had een engelen gezicht. Ze was in een
klap vergeten dat ze naar haar hotel zocht. "Eh ja ik moet naar
mijn hotel. En ik moet iets eten halen." zei ze verstrompeld.
Ineens realiseerde Hayat zich de verwondingen aan haar gezicht. Ze
keek gelijk naar beneden. Ze draaide zich om en liep weg. "Wacht,
meisje, wat is er met je gebeurt?" zei de jongen. Hij trok Hayat
naar een lantarenpaal. Ze stonden beide in het licht. Hayat bekeek
hem. Hij was mooi, heel mooi. Hij straalde iets zachts uit, iets
onbekends, veiligs. "Miskiena, wie heeft dit gedaan?" vroeg hij.
Hayat zei niets. "Niemand joh". De jongen keek haar met medelijden
aan. "Je werkt toch niet he" zei hij. "Nee, maar wat bedoel je?"
zei Hayat. "Oke, ik bedoel dit heeft toch geen man gedaan, je werkt
toch niet als prostituee he meisje?" zei de jongen. Hayat snapte
hem. "Nee, nee ben je gek? Dit heeft mijn vader gedaan omdat ik
niet met zijn neef wilde trouwen, mijn achterneef." zei ze weer met
tranen in haar ogen. Waarom vertelde ze dit, ze kon hem niet, dacht
ze. "Ik heet Marouan" zei de jongen. "wil je iets eten of drinken,
je ziet er moe uit meid" zei hij. "Huil niet lieverd, kom we gaan
wat eten". Hayat liep mee.
Ze liepen richting de snackbar. Marouan had haar tas van haar
overgenomen. "Ik heet Hayat, en ik kom uit Rotterdam" zei ze. "Ik
ben gestrand, weet niet meer wat ik moet doen. Ik heb het zo koud
Marouan" huilde ze. "Ik weet gewoon niet meer wat ik moet, wie ik
ben, wat ik voel". Marouan legde haar tas op de grond. Hij deed
zijn arm om haar schouder. Hij trok haar voorzichtig naar zich toe.
Hayat sloot haar ogen. Ze liet alles komen, al haar verdriet, haar
pijn. Ze was ruw kapot gemaakt vannacht. En vanmorgen hebben haar
ouders er nog een schepje boven op gedaan.
Hayat was een sterke meid. Ze heeft altijd aan de eisen van haar
ouders willen voldoen. Ze is weleens verliefd geweest, en die
jongen ook op haar maar heeft dat afgeblazen omdat ze alles volgens
de regels van haar ouders wilde. Ze wist dat ze ooit zou
ontploffen, dat het gewoon een keer teveel voor haar zou worden. De
mishandelingen waren een normale zaak bij haar thuis. Vaak werd ze
eraan blootgesteld. Imane ook. Samen zaten ze weleens op een bankje
te huilen erom. En daarna heel hard te lachen. Dat maakt haar
sterk. Door erom te lachen. Dan kon ze het weer even aan. Maar nu
was het anders. Nu was ze kapot gemaakt.
Hayat voelde zich vertrouwd bij Marouan. Ze kon hem pas vijf
minuten, maar het voelde alsof hij nu de enige was die ze had. "Wat
wil je eten?" vroeg Marouan. Hayat keek naar de grond. Ze schaamde
zich een beetje. Marouan leek het te zien. "Hey, lieverd, wil je
patat? met een broodje kaassoufle ofzo?" zei hij met zijn
Amsterdamse accent. "Eh ja dat is goed" zei Hayat. "Blijf jij hier
maar even wachten" zei hij. Hij liep naar binnen, hij was mooi
gekleed. Een mooi postuur, mooi gezicht, maar wie was deze jongen.
Even later kwam Marouan buiten gelopen met een paar plastic tasjes
met eten en drinken erin. "Ik heb voor jou fanta meegenomen en een
blikje rode fernandes, is dat goed?" vroeg hij. Hayat knikte. Hij
had het eten betaald, dus dan was alles goed, dacht ze in zichzelf.
"Okey hoe heet je hotel?" vroeg Marouan. Hayat was het vergeten.
"Ik ben het vergeten, maar het zou hier in de buurt moeten zijn".
Marouan fronsde zijn wenkbrauw. "Dan weet ik waar het moet zijn, en
dat is best een klein hotelletje". zei hij. Hij liep met haar mee.
Ze liepen de straat uit, en gingen rechtsaf. Daar stond een bord
voor de deur. Hotel Achilles. Hayat herinnerde zich weer dat dit
hem was. Marouan hield de deur voor haar open. Hij liep mee naar
binnen. Gelijk liep hij richting het loket. "Heb je al
gereserveerd?" vroeg hij. "Ja" antwoorde Hayat. De man keek Hayat
aan. Hayat keek weg. Marouan zag het. "Meneer, er is dus
gereserveerd, voor een eenpersoonskamer? Hayat?" Hayat knikte. Het
VVV kantoor heeft gebeld. De man pakte een lijst. In gebrekkig
Nederlands zei hij "Ja, kamer 112. Morgen om 12 uur uitchecken. en
dat word dan 55 euro"en hij gaf haar een sleutel. Hayat schrok.
"Wat 55 euro, maar tegen die man hadden jullie gezegd dat het maar
30 euro was." Hayat raakte lichtjes in paniek.Zoveel geld kon ze er
niet aan uitgeven. Marouan legde ineens 200 euro op de toonbank.
"Dit krijg je als ze 4 nachten ken blijven" zei hij. Hayat pakte
het geld en gaf het terug aan Marouan. "Nee marouan, niet doen" zei
ze. "Stil" zei Marouan kortaf. "Is het een deal?" zei hij tegen de
man. De man knikte en pakte snel het geld. Hij gaf Hayat de
sleutel. Marouan pakte de tassen en liep naast Hayat de gang in.
Hij gaf haar de tassen aan. Hij legde zijn arm op haar schouder.
Hij keek haar aan. In haar ogen, niet naar de blauwe plekken.
"Meisje, red je het een beetje?" vroeg hij. "Zal ik je morgen
ochtend komen ophalen? om 12 uur?" vroeg hij. Hayat dacht na. Hij
was zo lief voor haar geweest. Ze vertrouwde hem. Ze gaf al om hem.
Nog nooit had iemand zoiets voor haar gedaan. Hij was voor haar
opgekomen. Zelfs haar eigen ouders deden dat niet voor haar. "Blijf
je alstjeblieft bij me slapen Marouan?" vroeg ze hem.
Ik bedoel, ik zou het fijn vinden als je bij me kon blijven, zonder
verdere gedachten hoor!" zei ze er snel achterna. Marouan
glimlachtte. "Okey, als je dat goed vind". zei hij.
Ze liepen de trap op. Eerste verdieping, kamer 112. Hayat opende de
deur. De kamer was klein. Er stond geen tv, een hele kleine
badkamer en een tweepersoonsbed. Ze had heel erg veel pijn aan haar
blauwe plekken, maar had ook erg honger. Marouan legde de Hayat's
tas op de grond, en het eten zette hij op een tafeltje. Gulzig at
Hayat haar eten op. Marouan bekeek haar. Hayat zag het. Ze werd
rood. "Wat is er Mar?" zei ze met volle mond. Marouan lachtte.
"Niets hoor meid, niets" zei hij. Hayat voelde zich op haar gemak.
Maar nog steeds ging het door haar heen wat haar ouders nu aan het
doen waren. En hoe het met Said, haar broertje ging. Nadat Hayat
haar eten op had stond ze op. Bloed. Ze zat nog geen tien minuten
en ze bloedde alweer. De pijn daar was nog het ergst. Ze had de
gebeurtenis niet aan Marouan verteld. Hij zag het nog voordat zij
het zag. "Hayat, je bloed." zei hij geschrokken. Hayat keek Marouan
geschrokken aan. Het kwam helemaal door haar broek heen. "Ga staan
Hayat, ga naar de douche, kleed je maar om, heb je een pyama bij
je?" vroeg hij. "Hayat knikte, terwijl ze die niet mee genomen had.
Ze schaamde zich diep. Liep snel naar de badkamer. Ze deed haar
kleren voorzichtig uit. Ze deed de douche aan. Ze stapte onder de
douche. Het bloed liep langs haar benen. Gelukkig werd het steeds
minder. Ze bleef onder de douche staan totdat het helemaal stopte.
Marouan klopte op de deur. "Hayat, ik heb hier iets voor je, kan je
de deur een klein beetje open doen?" vroeg hij. Hayat antwoorde
"ja, momentje alstjeblieft." Ze deed de douche uit en de wikkelde
zich in een handdoek. Haar schouders waren beide bont en blauw, en
haar borsten ook. Ze deed de deur op een kier en riep Marouan.
Ineens zag ze een hand tussen de deur komen met daarin een paar
maandverbandjes. Marouan was maandverband voor haar wezen halen.
Hayat schaamde zich nog erger. Hij dacht dus dat ze ongesteld was.
Ze pakte haar tas naast de badkamer en zocht naar haar ondergoed.
Ze deed haar onderbroek aan en voor de zekerheid deed ze er ook een
maandverbandje in. Ze had geen pyama bij zich, wat moest ze dan
aan.
Waarom dacht ze daar thuis niet over na.
Ze besloot haar trui, die ze diezelfde dag aanhad, aante houden.
Maar nu nog een broek. Dan maar de broek die ze morgen aan zou
doen. Ze keek in de spiegel. Nu pas kon ze goed zien wat er met
haar gezicht gebeurd was. Gelukkig waren het plekken die wel zouden
helen, maar op het moment zelf schrok Hayat. Haar wangen waren
beiden dik en blauw, en ook haar oog. Boven haar wenkbrauw had ze
een helend wondje zitten en haar lip was ook dik. Ze was bijna niet
te herkennen, het enige wat nog echt van haar was waren haar ogen.
Haar mooie lichtbruine ogen, die een verhaal vertelde. Er stond
angst in getekend. Ogen liegen niet zeggen ze, en dat was bij Hayat
zeker het geval. Ze was doodsbang, doodsbang voor wat de toekomst
haar brengen zou. Ze voelde nog steeds de penissen in haar vagina
zitten. Ze voelde zich smerig. Ze kon niet meer naar zichzelf in de
spiegel kijken. Haar rug deed pijn, alles deed pijn, maar niets kon
ze vergelijken met de pijn die ze in haar hart voelde. Ze wilde
niet meer, ze kon niet meer. Ze huilde, huilde verschrikkelijk. Ze
was alleen, alleen in zichzelf, ze was weggegaan en kon nooit meer
terug. Ze moest nood gedwongen opnieuw beginnen. Hayat kon dat
niet. Niet alleen. Maar voor nu was Marouan bij haar. Al was het
maar een nacht.
Hayat waste haar gezicht nogmaals met wat water. Ze droogde haar
gezicht met een handdoek af. Pijn. Ze drukte. Nog meer pijn. Laat
het dan maar nat zijn, dacht ze. Ze deed de deur open. Marouan had
zijn schoenen uitgedaan en had voor zichzelf op de grond een
slaapplaats gemaakt met behulp van zijn jas en een extra kussen die
onder het bed lag. Hij zat daar. Hayat liep naar het bed en ging op
het bed zitten. Marouan ging liggen. Hij legde zijn hand onder zijn
hoofd. Hayat kon het niet helpen, maar ze bleef op hem letten.
Angst. Ze voelde een angstaanval opkomen. Ze huilde. Dit kon niet.
Ze draaide zich snel om. Marouan had niets in de gaten. "Hayat" zei
hij ineens rustig. "Ben je nog wakker?" vroeg hij. Hayat droogde
snel haar tranen en draaide zich om. Marouan zag haar ogen. Hij zag
dat ze verdriet had. Hij kon het niet plaatsten. Hayat zag er
slecht uit, maar Marouan hield al van haar. Op vele fronten. Hij
voelde dat maar durfde niets aan haar te laten zien. Zijn gevoel
was oprecht.
"Ja" antwoorde Hayat. "lieverd, hoe oud ben je?" zei Marouan. "Ik
ben net 18 geworden". antwoorde Hayat. Marouan zweeg. "Hayat, wat
is er allemaal gebeurd, of wil je er niet over praten? Dan hou ik
mijn mond." zei Marouan. "Ik kan er niet over praten Marouan. Maar
hoe oud ben jij eigenlijk en vertel iets over jezelf." zei Hayat.
"Oke, eh, ik word 21, ik zit op kickboxen, voetbal en fitness, ik
ben van school af, geen zin.." zei hij met een kleine glimlach op
zijn gezicht. "Ik woon nog thuis." eindigde hij. "ja ik niet meer,
en ik weet niet meer waar ik naar toe moet ook hierna." zei Hayat.
Weer voelde ze die tranen branden. "Ik weet helemaal niets meer
Marouan, ik voel me zo vernederd zo kapot, wat ze met me hebben
gedaan, het is allemaal mijn schuld Marouan." zei Hayat inmiddels
echt huilend. "Nee het is nooit jou schuld, kijk wat ze hebben
gedaan, je vader heeft je helemaal verot geslagen a lieverd, dat is
toch niet jou schuld? wat je ook gedaan heb." zei Marouan en hij
leunde naar Hayat toe. Hij aaide haar met zijn hand over haar wang.
"Marouan. Ze hebben me verkracht." zei Hayat zachtjes. Marouan
schrok. "Wie, lieverd, wie" zei hij rustig. Hayat haalde diep adem
en vertelde hem het verhaal. Ze legde uit hoe pijnlijk het was, hoe
vernederend, hoe erg ze haar ermee kapot hebben gemaakt. Ze was
tien minuten tijd haar onschuld verloren, ze was geen meisje meer
maar een verpeste vrouw. Marouan ging naast Hayat op bed zitten.
Hij fluisterde dat ze nog steeds een ontzettend mooie lieve meid
was. Hij ging met zijn hand door haar haar. Net zolang tot hij niet
smeer hoorde. Net zolang tot ze in slaap viel.
Hayat viel in slaap. Marouan bekeek haar. Hij haalde diep adem. Wat
heeft dit arme meisje meegemaakt. Hoe hebben ze haar dit aan kunnen
doen, je'l mgarba dacht hij. Hij had dit nog nooit meegemaakt, nog
nooit had hij zo snel en zoveel om een meisje gegeven. Hij zag haar
die avond uit de tram stappen. Haar uitstraling, zo mooi hij kon
het niet beschrijven kon hij niet zomaar laten gaan. Hij besloot
toen om ook uit de tram te stappen. Hij bekeek haar en schaamde
zich om direct op haar af te stappen. Hij zag haar rond kijken. Aan
de manier waarop ze dat deed concludeerde hij dat ze niet uit
Amsterdam kwam. Hij besloot toen om naar haar toe te gaan, voordat
het te laat was, voordat ze weg zou gaan, weg zou gaan uit zijn
blik. Hij hield van haar.
Hij gaf haar zachtjes een kus op haar voorhoofd en ging op de grond
liggen. Hij viel in slaap. Hayat voelde zijn kus. Ze deed net alsof
ze sliep. Ze voelde zijn zachte lippen tegen haar hoofd gedrukt. Ze
opende gelijk haar ogen. Marouan zag het niet en ging dus gelijk
slapen. Ze keek naar hem hoe hij lag. Zijn lichaam in de
loophouding. Hij was echt heel mooi, stevig gespierd gebouwd. Zijn
ademhaling klonk als een mooi lied in Hayats oren. Ze viel snel
daarna in slaap, op het ritme van zijn ademhaling.
De volgende ochtend werd Hayat als eerste wakker. Ze keek op haar
Marouans telefoon. Half zeven. Ze stond op en ging douchen. Haar
lichaam was nu minder gezwollen dan die dag ervoor, maar de pijn
was hetzelfde. Ze had die nacht ook niet meer gebloed. Opgelucht
deed ze de douche aan en stapte eronder. Weer voelde ze van binnen
die pijn, die pijn die ze kreeg omdat ze weer helemaal terug in de
realiteit was. Haar lichaam voelde moe aan. Dat was ze ook. Ze
zeepte zichzelf zachtjes in. Haar vagina voelde nog wel gevoelig
aan. Ook had ze nog moeite om haar benen stevig dicht naast elkaar
te laten staan. Ze miste Said. Een half uurtje later droogde ze
zichzelf af en kleede ze zich aan. Vandaag zou ze echt opzoek naar
werk moeten. Voorzichtig deed ze de deur open. Marouan lag er niet
meer. Hayat raakte licht in paniek totdat ze een briefje vond. "Ik
ben zo terug Hayat" stond er. Ze maakte het bed op en ging er op
liggen. Ze sloot haar ogen en vijf minuten later viel ze als een
blok in slaap.
Na ongeveer een kwartier ging de deur open. Hayat schrok wakker en
draaide zich om. Het was Marouan. Hij had een tas bij zich.
"Goeiemorgen lieverd" zei hij. "Goedemorgen" zei Hayat glimlachend
terug. "Ik heb even ontbijt gehaald." zei hij. Hij opende zijn tas
en haalde daaruit een zak crossantjes, een pak met plakjes kaas,
een pak melk, hagelslag en boter uit. Van het tafeltje maakte hij
een ontbijtbankje. Hayat keek toe en kon zich niet goed voorstellen
waarom iemand zoiets voor haar zou doen. Diep van binnen voelde ze
iets, ze wilde bij Marouan zijn, alsof ze hem al jaren kon.
Samen aten ze gierig het ontbijt op. "Hoe moest ze Marouan ooit
bedanken." dacht Hayat. "Marouan, ik wil je echt bedanken, ik weet
niet hoe, maar ik wil je echt bedanken. Waarom doe je dit voor me
Marouan, waar heb ik zoiemand als jou aan verdient, je geeft me een
slaapplaats, je geeft me eten" Hayat was even stil, Marouan keek
haar aan. "en je geeft me liefde..." zei ze erachterna met tranen
in haar ogen. Marouan kwam naast haar op bed zitten. Voorzichtig
nam hij haar in zijn armen. Beide sloten ze hun ogen. Het duurde
maar even, maar er ging iets door hun beide heen. Een gevoel van
veiligheid, geborgenheid. Marouan strijkte met zijn hand door haar
haar. Hij gaf haar een kus op haar hoofd. "Zolang ik hier ben hoef
je je geen zorgen te maken Hayat, ik ben er voor je." Hayat sloeg
haar armen nu ook om Marouan heen. Zo zaten ze een paar minuten.
Totdat Marouans telefoon ging. "Ja" zei Marouan ligt geiiriteerd.
Hayat hoorde een mannenstem op de achtergrond. Na een kort
gesprekje hing hij op. "Dat was mijn broer".
"Marouan, ik ga zo naar buiten ik moet werk hebben." zei Hayat.
"Denk je dat je zo een goede indruk maakt lieverd?" zei Marouan
rustig. "O ja, die plekken, ik ben er zo aan gewend dat ik ze
vergeet, maar ik heb toch geld nodig Marouan" zei Hayat. Marouan
legde zijn hand op de hare. Hayat voelde haar buik kriebelen. Zijn
aanraking, ookal duurde het maar kort, deed haar trillen. "Maak je
daarover maar geen zorgen."
Die dag bleef Hayat gewoon in het hotelkamer. Marouan had via het
hotel een tv voor haar gehuurd, zodat ze zich niet hoefde te
vervelen. Hij was even weggegaan. Een uur of twee later kwam hij
terug, met alweer het middageten. Marouan wist een ding zeker. Hij
hield echt van Hayat en hij wilde hij nooit meer kwijt. Hayat
voelde zich een stuk beter. Iemand die voor haar zorgde zonder
enige tegenvoorwaarden.
"Hayat" begon Marouan. "Hoe gaat het met je?Ik bedoel hoe voel je
je?" vroeg hij. Hayat haalde een diepe zucht en voor dat ze er erge
in had zei ze "goed, omdat jij bij me bent." Ze begon gelijk te
blozen, maar zei wel in een keer de waarheid. Ze voelde zich goed
omdat de man waar ze in een klap verliefd op werd bij haar was.
Marouan voelde precies hetzelfde maar liet er niets van merken. Ze
keken elkaar even aan en er heerste een spanning die ze beiden
voelden. De avond brak aan. Marouan vroeg of Hayat iets wilde gaan
doen, naar de film ofzo. "Nee, ik heb niet echt zin om naar buiten
te gaan, ik heb toch geen leuke kleren ofzo, daarom moet ik echt
werken Marouan. "Nee lieverd, jij hoeft niet te werken ik zorg
voorlopig wel dat alles goed komt. Maak je geen zorgen." zei hij
zachtjes.
Hayat keek hem aan. "Waarom doe jij dit Marouan, waarom
doe je dit voor me?" Marouan keek de andere kant op. Hij wilde het
zo graag zeggen maar hij durfde het niet. "Gewoon, omdat ik een
goed plaatstje in de hemel wil" zei hij met een kleine glimlach op
zijn gezicht. Hayat lachtte. Voor even was ze haar ellende
vergeten, en dat kon alleen Marouan haar laten doen. Hayat maakte
zich ernstige zorgen om Said, hoe zou het met hem zijn? ging er
door haar heen. "Lieve Marouan, zou je nog iets voor me kunnen
doen? Zou je alsjeblieft naar mijn huis kunnen bellen en zeggen dat
je voor Said belt, mijn broertje?" vroeg Hayat. Marouan knikte
direct. Ze drukte het nummer in. Haar handen trilden. Hij ging
over. Ze gaf hem direct aan Marouan.
"Hallo?" hoorde ze van de andere kant van de lijn. Het was Said!
Dat wist Hayat gelijk. Ze tikte Marouan aan en fluisterde zachtjes
dat het Said was. "Marouan gaf gelijk de hoorn aan Hayat,"praat
maar met hem." zei Marouan rustig. "Said, met Hayat, doe maar
netalsof ik een vriendje van je school ben oke." zei Hayat. "Ja,
voor school, een werkstuk, dat moet bij meneer Vonk" begon Said mee
te liegen. "Said, ik mis je, en ik hou van je, gaat alles goed met
je?" vroeg Hayat. "Eh, ja hoor, ik wil" en toen was het even stil.
"oke, mama is de kamer uit, alles is goed met mij, mama en papa
zijn woest, maar ik mis jou ook Hayat" zei Said. "Ze komt weer, bel
me vaker alsjeblieft, ik mis je zo Hayat." zei Said met een
verontrustte stem. "Ik hou van je Said, en ik beloof je vaker te
bellen." zei ze. "Goed dan stuur ik hem morgen wel naar de leraar"
begon Said weer te liegen. "Beslemma broertje" zei Hayat en drukte
de telefoon uit. Ze legde hem op het tafeltje. Ze plofde neer met
haar hoofd op het kussen. Ineens begon ze te huilen. Was dit haar
leven? Haar ouders die woest op haar zijn omdat ze niet de perfecte
dochter meer is? Marouan kwam naast haar liggen en legde zijn arm
om haar middel. Hij drukte haar tegen zich aan. Hij huilde met haar
mee. Hayat zag het en ze zoende hem. Ze liet alles gaan. Ze drukte
haar lippen op de zijne. Ze sloeg haar arm om zijn schouder. Geen
woorden. Ze hielden elkaar stevig vast. Toen ging ze met zijn hoofd
tegen zijn borst liggen. Ze sloot haar ogen. "Hayat" begon Marouan.
"Ik hou van je" zei hij. Hayat opende direct haar ogen. "Hoe kan je
nou van mij houden, van zo iemand als mij?" begon Hayat weer direct
te huilen. "Leg me dat eens uit hoe kan dat?"
Marouan ging naast haar zitten en hield haar vast. "Omdat je een
heel mooi meisje bent, van binnen en van buiten. Wat ze met jou
hebben gedaan heeft geen effect op jou ziel gehad. Daarom hou ik
van je" zei hij rustig. Hayat wist niet wat ze hoorde, en huilde
maar door. Ze draaide haar gezicht naar Marouan toe. "Ik hou ook
van jou Marouan, hoewel ik niet meer van mezelf hou". Samen gingen
ze weer liggen in elkaars armen en vielen beiden zo in slaap.
De volgende ochtend werd Hayat al een stuk relaxter wakker. De
zwellingen waren nu vrijwel bijna helemaal weg, en de blauwe
plekken werden ook iets minder. Om haar middel voelde ze de arm van
Marouan. Voor heel even, heel even maar sloot ze haar ogen weer. Ze
geniette van het moment. Het moment dat ze bij de jongen was die
haar in zo een korte tijd al zoveel liefde had laten zien. "Nooit,
nooit laat ik je gaan" dacht Hayat.
Een paar minuten later werd Marouan wakker. Een paar seconden na
dat hij zijn ogen opende gaf hij Hayat een kus op haar achterhoofd.
Hayat draaide zich voorzichtig om. "Goeiemorgen a schoonheid djelie
(van mij)" zei Marouan met een schorre slaperige stem.
"Goeiemorgen" zei Hayat. Ze keken elkaar aan en begonnen toen beide
zonder reden te lachen. "Hoe laat is het?" vroeg Marouan. "Het is
kwart over tien. Ik voel me echt uitgeslapen" zei Hayat. "Dat komt
omdat ik je vasthield" zei Marouan met een snikielachje. "Ja, ik
denk het ook" zei Hayat serieus. "Ik heb de hele dag zo gelegen, ik
wilde niet dat je van mijn zijde week" zei Marouan. Hayat gaf hem
een kusje op zijn neus en stond op. Ze rekte zich uit. "Jallah,
Hayat, vandaag gaan we de stad in." zei Marouan. Hayat stond op en
liep direct naar de douche. Haar gezicht begon steeds meer op het
oude te lijken, de zwelling van haar oog was geheel verdwenen en de
blauwe kleur leek ook bijna helemaal weg te zijn. Aangekleed en al
verlieten ze de hotel kamer.
"Eerst iets eten halen Hayat" zei Marouan. Samen liepen ze door de
straten en kwamen uit in de stad. Het was best druk. Marouan was
een knappe jongen en kreeg best veel aandacht van meisjes. Hayat
voelde zich er nog onzekerder door. Marouan merkte het. Hij pakte
haar hand en gaf haar midden in de volle Amsterdamse stad een kus.
Bij een klein restaurantje liepen ze naar binnen om iets te eten.
Hayat voelde zich schuldig. Marouan had al zoveel voor haar gedaan.
Waar zou ze nu zijn zonder hem. Ze gingen aan een tafel zitten.
Direct kwam er een ober aan. "Weet u het al?" vroeg hij. "Eh, doe
voor mij maar een koffie en een kaascroisantje, en ook een
appelflap" zei Marouan. "Wat wil jij schat?" vroeg hij Hayat. "Eh,
ik wil alleen iets drinken, een thee." zei Hayat zachtjes. "Doe
voor haar maar een thee, en ook een kaascroisant en ook maar een
appelflap, dat lus je toch wel he?" vroeg Marouan. Hayat werd rood.
Ze knikte. Na het ontbijt stonden ze op en liepen het restaurant
uit. "Oke ik ken heel wat winkels, maar ik weet die smaak van
vrouwen nooit." zei Marouan. "Ik hoef niets lieverd, ik heb echt
niets nodig" loog Hayat. Marouan keek haar aan. "Oke, maar waar wil
je eerst naartoe?" zei hij net alsof hij haar niet gehoord had.
Hayat bleef staan. "Oke, wat jij wil, dan koop ik het voor je, maar
als je het dan niet leuk vind moet je niet gaan zeuren he lieverd"
zei Marouan met een glimlach op zijn gezicht. "Kom, Mango daar
houden vrouwen toch van?" zei Marouan terwijl hij haar aan haar
hand mee trok. Die dag waren ze samen flink aan het winkelen
geweest, en ookal zag Marouan haar alleen al kijken naar een
kledingstuk dan wilde hij al dat ze het aan ging passen. Voor het
ondergoed nam hij haar mee naar een sjieke dure zaak en bleef
netjes buiten wachtten. Hayat kwam dan ook naar buiten, dat ze
zogenaamd niets goeds kon vinden, dus was Marouan noodgedwongen om
ook weer mee naar binnen te gaan. Ze hebben samen die dag heel wat
afgelachen. Hayat voelde zich geestelijk dankzij Marouan al heel
wat beter. Die avond besloten ze samen nog wat te gaan eten.
Hayat" zei Marouan. "Je heb mijn leven in een heel ander daglicht
geplaatst." zei hij. "Ik weet het niet, nooit heb ik zoiets voor
een meisje gevoeld, ik wil, zoals ik het nu voel, mijn leven met
jou doorbrengen." Hayat zweeg. Ze keek naar de grond. Marouan tilde met zijn hand
haar kin op.
Hij keek in haar ogen en zag tranen. "Ik hou van je
Marouan, maar wat wil je met zoiemand als mij, ik ben niets anders
dan een vuile afvaldoek" zei ze. "Hayat, stil, ik hou van je, ik
wil dat jij mijn vrouw wordt, ik wil nog zo snel mogelijk met jou
trouwen." zei hij ineens. Hayat was stil geworden. Deze woorden
hadden haar doorboord, ze voelde een hele tinteling door heel haar
lichaam gaan. Hij wilde haar voor altijd, hij wil mij voor altijd.
ging het door haar heen.
"Ik wil dat jij de moeder van mijn kinderen word Hayat, ik hou van
je met heel mijn hart. Uit zijn zak haalde hij een doosje. Hij
opende het doosje. Er zat een gouden ring in met een grote diamant.
Hij schoof de ring bij Hayat om haar vinger. De tranen liepen bij
Hayat over haar wang, nog steeds was ze ontdaan. "Ik hou van je
Hayat, word mijn vrouw, ik smeek je" zei Marouan. Hayat glimlachte,
haar ogen straalden. "Ik hou ook van jou Marouan, ja tuurlijk word
ik je vrouw!" lachtte ze. Van het eten kwam niets meer. Ze besloten
naar het hotel terug te gaan. Totdat er iets verschrikkelijks
gebeurde. Iets wat ze niet hadden zien aankomen. Iets wat hun beide
levens voor altijd kapot gemaakt heeft....
Niet meer mijn leven deel 4
Lachend liepen ze samen naar het hotel. "Mijn vrouw" zei Marouan.
"Hmmm, hoe klinkt dat?" zei hij met een glimlach op zijn gezicht.
"Het klinkt als dit:" zei Hayat voordat ze hem een hevige zoen op
zijn mond gaf. Ze liepen het hotel in. Ze waren samen zo gelukkig.
Hij zou haar man worden, de vader van haar kinderen. Samen zouden
ze gelukkig worden, de wereld over reizen, maar het kon niet ver
genoeg zijn, zolang ze maar samen waren en van elkaar. In de
hotelkamer gingen ze door met hun leuke avond. Kietelend en lachend
brachten ze de avond door. Samen gingen ze liggen op bed. "Hayat,
ik hou van je, je bent het beste wat er in mijn leven is
voorgekomen" zei Marouan. "Marouan, ik hou ook van jou, voor
altijd" zei ze terug. Ze kropen tegen elkaar aan. Marouan sloeg
zijn armen om haar lichaam en streelde haar over haar zij. Hayat
had haar arm ook over zijn zij heen. Zo vielen ze in slaap.
Een paar uur later werd Marouan wakker gebeld. "Ja" nam hij moe op.
"Ja, ik kom eraan." zei hij. "Schatje, ik moet weg, ik hou van je,
voor altijd, maar ben zo terug. Enne, geen gekke dingen doen he, ik
hou van je.." zei hij en hij stond op. "Waar ga je naartoe Marouan,
blijf bij me, alsjeblieft, blijf bij me.." zei ze bang. "Ik wil
niet dat je weggaat zo laat, waar moet je nog naartoe?" vroeg ze.
"Ik moet even wat dingen regelen, ben echt binnen een uurtje terug
schatje." Hij liep naar Hayat toe en gaf haar een kus. Hayat begon
te huilen. "Waarom huil je lieverd?" vroeg Marouan. "Omdat ikniet
zonder je kan Marouan." zei Hayat. Hij ging naast haar zitten. Hij
sloeg zijn armen om haar heen. "Ik ben zo snel mogelijk terug, je
weet dat ik van je hou, jij bent mijn alles. Daarom zal ik altijd
terug komen." Marouan stond op. Hij had haar hand nog vast. Met
zijn andere hand droogde hij de tranen van Hayat weg. Hij boog
voorover en kuste haar. Nog eenmaal, nog een keer lang. Want dat
zou hun laatste kus zijn.
Hayat hoorde de deur dicht gaan. "Wat gaat hij nog zo laat doen?"
dacht ze. Aan de telefoon hoorde ze een mannenstem dus hij ging
niet naar een meisje ofzo. Ze haalde een diepe zucht, en draaide
zich in het bed om. Ze keek naar haar ring en gaf er een kus op.
Wat hield ze veel van Marouan, ze hield zo veel van hem. Nooit zou
er een ander meer voor haar zijn. Ze viel in slaap.
De volgende ochtend werd ze al vroeg wakker. Marouan was er nog
steeds niet. Waar was hij toch? Hayat begon zich zorgen te maken.
Ze deed de tv aan. Het was half zes in de ochtend. Marouan was nu
dus al ruim vier uurtjes weg. En hij zou binnen een uur terug zijn.
Wat is er toch aan de hand. Had hij haar ook verlaten? Vond hij
haar toch vies, omdat haar lichaam nu een afvaldoek was? ging het
door Hayat heen. Ze ging op bed liggen en de tranen stroomde over
haar wangen. "Marouan, waar ben je, kom alsjeblieft terug" zei ze
huilend. Ze stond op en kleedde zich aan. Op de grond lag zijn tas.
In de tas zat nog een klein cadootje verpakt met "Hayat" op de
voorkant geschreven. En ook een roosje. Hayat haalde diep adem.
"Marouan, je houd nog steeds van me schatje, ik wacht op je" zei ze
zachtjes in zichzelf en ging weer op bed liggen. Hij zou zo wel
komen. Ze viel in slaap. Rond twaalf uur werd ze weer wakker. Nog steeds geen Marouan. Wat
is er toch aan de hand? Hayat raakte nu echt in paniek. Huilend
begon ze te schreeuwen. Waar was de enige persoon op deze hele
teringwereld die om me gaf? De enige die me respecteerde en
accepteerde hoe ik was? ging het door haar heen. Ze wilde naar
buiten, om hem te zoeken, maar stel je voor dat hij dan naar de
hotelkamer terug zou keren? Dan zou hij haar niet vinden. Dus bleef
ze de dag binnen. Misschien was hij thuis, en had hij op zijn kop
van zijn vader gekregen. Met die gedachten probeerde ze zichzelf
gerust te stellen. Maar ze wist wel beter. Die nacht toen hij
wegging had ze al een voorgevoel. Maar Marouan wilde het niet
geloven, hij zou binnen een uur terug zijn zei hij. Hayat werd
langzaam steeds paniekeriger. Ze besloot naar beneden naar de
receptie te gaan, of hun iets wisten.
Nee. Ze hadden hem 'snachts weg zien gaan maar verder niets
gehoord. Hayat ging weer naar haar hotelkamer. Ze ging op het bed
liggen en deed de tv aan. Niets op tv. Ze werd misselijk. "Waar ben
je!!" schreeuwde ze ineens keihard huilend en ging op de grond
liggen. "Er is iets Marouan, er is iets, waar ben je mijn engel,
waar ben je, kom terug, alsjeblieft..." schreeuwde ze. Ze stond op
en al huilend deed ze haar jas aan. Ze moest en zou hem gaan
zoeken. Bij de receptie vroeg ze zodra ze hem gezien hadden hem
konden waarschuwen dat Hayat naar hem opzoek was, en dat hij in de
hotelkamer moest blijven. Waar zou ze beginnen?
De zoektocht zou al snel eindigen. Ze zou haar Marouan snel vinden.
Met dikke rode ogen liep Hayat langs straten. Ze wist niet hoe ze
moest lopen. Maar het maakte haar niet uit. Zolang ze Marouan maar
zou vinden. Maar hoe? Ze kon hier verder niemand, hoe zou ze hem
kunnen vinden. Ze liep en liep en liep. Langs alle pleinen,
grachten, straatjes die er ze maar kon vinden. Net zolang totdat
haar voeten haar haast niet meer konden dragen. Huilend en
teleurgesteld ging ze op een muurtje zitten. Hoe zou ze hem moeten
vinden? Het begon al te schemeren. Ze had nog niets gegeten. Niets
kon haar maag nu vullen. Hij was al gevuld, maar dan met angst.
Angst die ze nog nooit gevoeld had. Ze besloot weer terug naar het
hotel te gaan. Het idee dat hij daar misschien nu zou zijn,
motiveerde haar om te rennen. En dat deed ze. Ookal wist ze niet
waar ze zijn moest. Na ongeveer anderhalf uur, en veel vragen aan
mensen had ze het gevonden. Ze liep direct naar de receptie om de
sleutel te halen die ze daar achter gelaten had. "Jongedame, er is
een meneer voor jou geweest, hij beloofde dat hij om half elf terug
zou komen, dat is dus nu over een klein half uur." Hayat's hart
klopte eindelijk weer normaal. Dat moest Marouan zijn geweest.
Oeeeeee als ze hem te pakken zou krijgen, ze zou echt boos op hem
worden. Wie denkt hij dat hij is dat hij mij zo behandelen kan!
dacht Hayat boos. Ze liep naar haar kamer. Eigenlijk was ze niet
boos, ze was heel opgelucht. Zo opgelucht dat ze van blijdschap de
kamer snel ging opruimen. Het was half elf. Nog geen Marouan. Om
kwart voor elf ging de hoteltelefoon. Hayat nam een beetje onzeker
op. "Eh hallo?" zei ze. "Er is een jongeman voor je, kom je even
naar boven? Of kan hij naar de kamer komen?" vroeg de receptionist.
"Laat hem maar naar boven komen hoor." zei Hayat. Eindelijk kon ze
Marouan in haar armen houden. Na een paar minuten hoorde ze geklop
op de deur. Het was vreemd dat Marouan niet gelijk naar boven kwam.
Hayat haaste zich naar de deur. Ze opende hem. Het was Marouan
niet. Ze kon deze jongen niet. De jongen was bleek, lijkbleek, en
huilde. "Jij bent Hayat?" vroeg de jongen zacht. "Ja" zei ze bang.
Haar ogen werden vochtig. Hayat werd bang, wat was er aan de hand?
dacht ze bij zichzelf. "Ik ben de broer van Marouan. Ik kom net van
het ziekenhuis. Marouan is overleden."
Hayat keek de broer aan. Het ging allemaal ineens heel raar. Hayat
ging op haar knieen zitten en keek naar de grond. Ineens leek het
alsof ze pas een paar seconde later het nieuws besefte. Vanuit het
niets begon ze te schreeuwen.
"AAAAAAAAAAAHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHH" bleef het maar doorgaan.
Netzolang tot ze niet meer kon. De broer ging naast haar zitten en
probeerde haar te kalmeren, maar dat ging niet goed omdat Hayat van
de wereld was. Ineens ging het gegil over naar hard gehuil. Gehuil
van een meisje, dat weer alleen op de wereld was, en nu helemaal
niemand meer had. Een meisje die haar engel verloren had, haar
wederhelft. "Waarom God, waarom..."huilde ze hard verder. Marouan's
broer stikte haast in zijn eigen tranen en hield Hayat vast. Samen
zaten ze zo op de grond. Helemaal alleen, toch met zijn tweeen. Ze
waren beide iemand kwijt geraakt die veel voor ze betekende. Alles
voor ze betekende.
"Hayat" huilde de jongen. "Marouan is neergeschoten, hij leefde nog
in het ziekenhuis en..." zei de jongen. Hij kwam niet meer uit zijn
woorden, het enige wat hij nog kon was huilen.
Alleen maar huilen,
met Hayat in zijn armen. "Hij vroeg direct naar jou, en vertelde
mij dat je hier zat, en dat ik tegen je moest zeggen of je naar het
ziekenhuis wilde komen" zei de jongen huilend. Hayat ging op het
bed zitten met haar hoofd tussen haar benen. "Ik was al eerder
geweest, maar toen was je er niet." zei hij. "Ik was naar hem
opzoek" zei Hayat zwaar snikkend. "Toen ik terug naar het
ziekenhuis kwam, vertelde ik hem dat je niet in je hotelkamer was.
Toen zei hij dat als ik je sprak dat hij heel veel van je houd, en
dat hij je nooit verlaten zal, nooit. Tien minuten later was hij er
niet meer. Zijn hart stoptte er gewoon ineens mee, terwijl het
eerst juist heel goed ging." zei de jongen, en hijbegon weer nog
harder te huilen. Hayat ging op het bed liggen. "Ook zei hij dat ik
je iets moest geven." De jongen haalde een tas te voorschijn.
"Lieve Hayat, ik kom straks terug, ik ga even naar mijn familie
toe, hier heb je een telefoon, dan bel ik je later op." zei de
jongen en hij liep de hotelkamer uit. Hayat was van de wereld. Ze wilde niet meer leven. Ze liep de
badkamer in en keek zichzelf in de spiegel aan. Ze werd nog
misselijker dan dat ze zich al voelde en kotste over zichzelf heen.
Hysterisch begon ze te gillen. "Marouaaaaaan, Allah, neeee,
alstublieft Vader nee, hij was de enige die ik had, waarom hij
Vader, waarom?" huilde ze. Ze ging op de grond liggen. Ze voelde
niets meer, ze rook niets meer, haar lichaam was verdoofd. Haar
ogen waren op de tas gericht, maar ze kon niet opstaan. Ze sloot
haar ogen. Nee, ze opende ze gelijk weer, want ze zag Marouan in
haar hoofd. Ze voelde zijn aanraking. Het zou een verschrikkelijke
nacht worden.
Hayat kroop uiteindelijk voorzichtig naar de tas. Ze pakte hem vast
en wreef hem langs haar gezicht. Marouan had deze tas aangeraakt.
Ze opende de rits rustig. Haar ogen waren alleen op de tas gericht.
Ze zette hem tussen haar benen. Ze opende hem. Er zat geld in. Veel
geld. Heel veel geld. Marouan had Hayat beloofd altijd voor haar te
zorgen. Dus dit bedoelde hij ermee. Hoe kwam hij aan het geld? het
maakte Hayat niets uit, het geld betekende niets meer voor haar.
Marouan zelf zou er niet mee terug komen.
Het pakje! dacht ze ineens. Hij had ook een klein pakje met een
roos in zijn andere tas. Ze droogde haar tranen en haalde een diepe
zucht. Het hielp niets. Ze kon haar tranen niet tegenhouden. Ze
opende het pakje. Er zat een kettinkje in. En een hangertje. Op het
hangertje stond gegraveerd; Marouan&Hayat 4-ever. Hayat liet het
kettinkje vallen en begon weer hard te huilen. Ze was hem kwijt aan
de dood. Zo snel, zo onverwachts. Ze had hem nodig, nu harder dan
ooit. Het verdriet dat ze vroeger had was niets vergeleken bij wat
ze nu voelde, helemaal niets. Het was niet te beschrijven wat ze
voelde.
Ik zal nu het einde inluiden van het verhaal, van hoe het verder
vergaan is met Hayat. Het is niet goed gegaan. De ring die ze van
Marouan had bleek ook gegraveerd te zijn. "Marouan love Hayat"
stond erin. Hayat kon het niet meer volhouden. Ze voelde zich zo
alleen, verlaten en leeg van binnen. Zo onvoorstelbaar leeg. Ze
sprak ook inzichzelf, met het idee dat Marouan naast haar stond. Ze
beweerde ook dat hij voor haar verscheen. Haar dagen bestonden uit
huilen en huilen. Ze heeft toen op een sombere ochtend, niet in
Amsterdam, maar in een andere plaats voor de trein gesprongen en
heeft haar leven verloren laten gaan.
rachidas
28-10-2002, 12:59
iwa dit heb ik nou miljoenen keren gelezen ......................
iedereen plaats dit !
het ging niet zo gemakkelijk....Ik moest de tekst steeds verdelen omdat die teveel tekens bevat....
Dus sorry!!
Maar eens je op dreef bent gaat dat wel!!!:-)
Origineel gepost door rachidas
iwa dit heb ik nou miljoenen keren gelezen ......................
iedereen plaats dit !
ewa!!!!
niet iedereen heeft dit gelezen he!!!
Dus ......
xxxxxxx
Tfoe 3laa monsters, k.u.t marocs
©2000-2012 Marokko.nl Virtual Community's - La maison du Maroc. Powered by Marokko Media.