Bekijk originele versie : Verhaaltje over de Islam
Jawairia
01-10-2002, 15:37
Pompoenen aan de boom
Abdallah was in zijn tuin aan het werk. Hij strekte zich uit onder een notenboom om wat uite rusten. Op dat moment zag hij reusachtige pompoenen op de grond. Hij draaide zijn hoofd en zag piepkleine noten die aan de boom groeiden. Hij zei tegen zichzelf :"Ach, mijn Allah, kijk eens naar die piepkleine noten die aan een grote boom groeien. En kijk dan eens naar die grote pompoenen die op de grond liggen, aan een dun steeltje. Waarom geeft U die grote boom geen vrucht die beter bij hem past. Pompoenen horen aan de boom en noten op de grond!"
Terwijl Abdallah zo dacht, viel er een noot van de boom op zijn hoofd. Hij was heel verbaasd en hief zijn handen geopend naar boven. "O Allahoe Akbar", zei hij,"neemt U mij alstublieft niet kwalijk. Als U naar mij geluisterd had en pompoenen aan de boom geschapen zou hebben, hoe zou mijn toestand dan nu zijn???"
Wie kent er nog meer van die verhaaltjes over de islam??
:zwaai:
OemAbdoellah
01-10-2002, 15:54
assalamoe alaikoem wara7matallah
Na3am subhana allah..
Jij en jouw ouders
Lang geleden was er eens een hele grote appelboom. Een klein jongetje genoot er erg van om elke dag bij de boom te spelen. Hij klom tot de boomtop, at de appels van de boom en soms sliep hij zelfs in de schaduw van de boom. Hij hield van de boom en de boom vond het erg leuk dat de jongen met hem speelde.
De tijd ging voorbij... Het kleine jongetje werd groter en hij speelde niet meer elke dag bij de boom. Op een mooie dag, kwam hij weer terug naar de boom en hij keek bedroefd.
"Kom je met me spelen?" vroeg de boom aan het jongetje ." Ik ben geen klein kind meer, ik speel niet meer met bomen" zei de jongen "Ik wil nu speelgoed maar ik heb geld nodig om die te kopen"
"Sorry, ik heb geen geld" zei de boom....." maar je kan al mijn appels plukken en verkopen, zodat je wel geld hebt".Het jongetje was erg blij. Hij plukte alle appels van de boom en ging met een glimlach op zijn gezicht weg.Vanaf de dag dat alle appels van de boom geplukt waren kwam de jongen niet meer terug.De boom voelde zich verdrietig .
Op een dag kwam de jongen weer terug, en de boom was erg blij."Kom met me spelen" zei de boom.
"Ik heb geen tijd om te spelen "antwoordde de jongen, "ik moet nu werken voor mijn gezin, we hebben namelijk een huis nodig, kun je me helpen?"
"Sorry, maar ik heb geen huis" zei de boom, "maar je kunt mijn takken eraf hakken om een huis te bouwen". De jongen deed dat en ging vervolgens weer weg met een glimlach op zijn gezicht. De boom was blij dat hij de jongen gelukkig kon maken, maar de jongen kwam daarna niet meer terug. De boom werd daar eenzaam en verdrietig door.
Op een hete zomerdag kwam de jongen terug naar de boom. "Kom met me spelen" zei de boom.
Ik ben verdrietig en ik word ouder. Ik wil gaan varen, daardoor ontspan ik mezelf. Boom, kun jij me een boot geven?" "Weet je wat jongen, je kunt mijn boomstam gebruiken om daar een boot van te maken, je kunt dan ver weg gaan varen en gelukkiger worden".Dus dat is wat de jongen deed. Hij hakte de boomstam uit, om een boot te maken waarmee hij ver weg kon gaan varen.
Sindsdien duurde het erg lang voordat de jongen weer terugkwam. Eindelijk,nadat er vele jaren voorbij waren gegaan ging de jongen weer eens op bezoek bij de boom. "Het spijt me jongen, verontschuldigde de boom, maar ik heb niks meer voor jou, mijn appels zijn op"
"Appels? Die kan ik toch niet eten, ik heb geen tanden meer" zei de jongen. "Ik heb ook geen boomstam voor je om in te klimmen"zei de boom. "Klimmen? Daar ben ik nu te oud voor geworden" zei de jongen ” Ik kan je echt niets meer geven, zei de boom met tranen in zijn ogen," het enige wat er nog van mij over is zijn mijn stervende wortels"
"Ik heb niet veel meer nodig"antwoordde de jongen " alleen een plekje om uit te rusten"ik ben moe geworden na al die jaren". "Goed! riep de boom ineens, "oude boomwortels zijn gemaakt om op te leunen en uit te rusten, kom lekker bij me zitten en rust lekker uit!". De jongen ging zitten en de boom was zo blij dat er naast zijn glimlach ook nog eens een traan op zijn gezicht verscheen.
Dit verhaal is voor iedereen. Je moet de boom zien als jouw ouders. Toen we klein waren vonden we het allemaal leuk om met pappa en mamma te spelen...Toen we groter werden deden we dat niet meer, maar we kwamen wel naar pap en mam toe als we iets nodig hadden of wanneer we in de problemen zitten. Het maakt niet uit wat er is, onze ouders zullen er altijd voor ons zijn, en zullen ons alles geven om ons gelukkig te maken. Misschien denk je dat de jongen gemeen is tegenover de boom maar dat is precies de manier waarop wij onze ouders behandelen. Als je jezelf in het verhaaltje van de jongen herkent, begin dan eens wat meer aandacht aan je ouders te geven, wees goed voor ze, net zo goed als ze voor jou zijn. Zij (en dan voornamelijk je moeder!) zijn inshallah jouw sleutel tot het paradijs. Doe je best, en vergeet niet je ouders te vertellen hoeveel je van ze houdt. Ze houden namelijk ook van jou!
OemAbdoellah
01-10-2002, 15:54
De kleine mieren ...
De Profeet (vrede en zegeningen zij met hem) en zijn metgezellen maakten een kamp om uit te kunnen rusten. De Profeet (vrede en zegeningen zij met hem) liep het kamp rond en sprak met de mannen en verzekerde zich er van dat alles in orde was. Toen, niet ver van hem vandaan, zag hij een vuur. Iemand had het vuur aangestoken om zichzelf te warmen. De Profeet (vrede en zegeningen zij met hem) liep naar de man die het vuur had aangestoken en sprak met hem. Opeens zag hij dat er vlakbij een mierenhoop was. De mieren renden vlak bij de mierenhoop en werkten heel hard zoals mieren altijd doen. Sommige mieren waren verder van de mierenhoop verwijderd dan de anderen en de Profeet zag dat er een paar erg dicht bij het vuur kwamen wat de man had aangestoken.
Als ze nog dichterbij kwamen dan zouden de mieren zich verbanden of zich op de een of andere manier pijn doen. De Profeet (vrede en zegeningen zij met hem) was erg ongerust toen hij dit zag. De mieren waren in gevaar. Dat betekende dat Allah's levende wezens in gevaar waren. "Wie heeft dit vuur aangestoken?" vroeg hij. De man die het vuur gemaakt had, keek op. "Ik heb het vuur aangestoken, O Boodschapper van Allah!" antwoordde hij. "Het was koud en ik wou mezelf warmen. "Vlug!" zei de Profeet tegen hem. "Doof het vuur! Doof het vuur." De man gehoorzaamde onmiddellijk. Hij nam een deken en sloeg op het vuur tot de vlammen uitgedoofd waren.
Toen keek de man in het rond en zag dat er mieren waren op de plaats waar het vuur geweest was. Hij realiseerde zich toen, dat de Profeet (vrede en zegeningen zij met hem) zich zorgen om de mieren had gemaakt. Hij wilde niet dat het vuur hun zou schaden en in zijn grote genade beval hij om het vuur te doven. Na dit voorval keek de man altijd goed in het rond voordat hij een vuur aanstak. "Er kunnen mieren of andere dieren in de buurt zijn," zei hij altijd tegen zichzelf. "En Allah verbiedt het de mens om hun schade toe te brengen!"
OemAbdoellah
01-10-2002, 15:55
De wrede vrouw en haar kat...
Er was eens een vrouw die een kat had. Het was een wrede vrouw en ze behandelde haar kat slecht. Op een dag vertelde de Profeet (Allah's vrede en zegeningen zij met hem) zijn Metgezellen een verhaal over de slechte vrouw. "Zij zorgde niet goed voor haar kat," zei Hij. "Ze gaf hem niets te eten of te drinken," Hierdoor werd de kat erg mager en haar vacht begon uit te vallen. De vrouw had een slecht humeur.
Als ze boos was, schopte ze de kat of gooide haar de deur uit en moest ze de hele nacht buiten blijven.Het duurde niet lang of de kat werd bang voor de vrouw. Elke keer dat ze in de buurt kwam, schreeuwde de kat en kroop onder een tafel of een stoel. De buren van de vrouw waren boos op haar. Op een dag kwam een buurman haar opzoeken. "Je bent erg wreed voor je kat!" zei de buurman. "Een kat is ook een schepsel van Allah, net zoals wil dat zijn. Je maakt een grote fout!"
De vrouw werd erg boos toen ze dit hoorde. "Ga weg!" schreeuwde ze tegen de buurman. "Die kat is van mij. Als ik hem slecht wil behandelen dan doe ik dat! Ga weg en Iaat me met rust!" De buurman werd ongelukkig toen Hij hoorde. Toen bedacht Hij een plan om de kat te redden. Hij ging terug naar zijn huis en wachtte tot het donker werd. Naast hem hoorde Hij de wrede vrouw tegen haar kat schreeuwen. "Ga weg jij, jij smerig beest!" riep zij.
"Ik wil je vannacht niet in mijn huis hebben!" De buurman hoorde dat de wrede vrouw haar voordeur opende. Toen hoorde Hij de kat schreeuwen en jammeren alsof de vrouw haar op straat gooide. Toen, sloeg zij de deur dicht. De buurman wachtte even om er zeker van te zijn, dat de vrouw niet weer naar buiten zou komen. Toen ging Hij de straat op. Daar was de kat, die zielig voor de deur van de vrouw zat.
De kat was aan het schreeuwen en snuffelde bij de deur en hoopte dat de vrouw haar weer binnen zou laten. Het hart van de buurman was met medelijden voor de kat gevuld. "Jij arm beest," zei hij. "Kijk eens hoe dun je bent! Hij boog zich voorover en pakte de kat op. Hij aaide het.over zijn kop tot het stopte met huilen. "Ik neem je mee naar mijn huis," zei de buurman, "en ik geef je wat te eten."
Toen hij thuis was vulde hij een bord met wat eten en gaf dat aan de kat. De kat at dat hongerig. Het bord was al spoedig leeg. De buurman vulde het opnieuw. En weer at de kat alles vlug op. Maar tenslotte had de kat genoeg gegeten en ging op de grond liggen en viel in een diepe slaap. De volgende ochtend kon de wrede vrouw haar kat niet vinden. Ze keek overal. Ze zocht in de straat, ze zocht op de markt.
Ze sloeg op de deur en schreeuwde boos. De buurman opende de deur. "Ik weet wel, dat jij mijn kat gestolen hebt!" schreeuwde de vrouw naar hem. "Jij bent een dief. Geef het meteen aan mij terug!" "Nee," zei de buurman. "Je bent een wrede vrouw en je verdient het niet een kat te hebben!" "Ik wil die kat! Geef het terug" schreeuwde de vrouw. Ze werd al bozer en bozer. "Ik geef je de kat niet terug tot je belooft dat je hem vriendelijk zult behandelen" gaf de buurman als antwoord. Toen de vrouw dat hoorde, lachte zij in haar vuistje. "Domme man!" dacht ze. "Ik hoef alleen maar te beloven dat ik mijn kat goed zal behandelen en hij geeft hem aan mij terug!" De vrouw deed dus alsof ze niet meer boos was en glimlachte naar de buurman. "Natuurlijk zal ik mijn kat goed behandelen als je hem aan mij teruggeeft!" zei ze met vriendelijke stem. "Beloofd?" vroeg de buurman. "Ja, ja dat beloof ik" antwoordde de vrouw. "Je zult de kat genoeg te eten geven en hem 's nachts niet op straat gooien?" wilde de buurman weten. "Natuurlijk niet," zei de vrouw gedwee "ik zal de kat te eten geven en er van nu af aan goed voor zorgen. Ik zal de kat nooit meer wreed behandelen!" Hield de vrouw haar belofte?
Nee, dat deed ze niet Maar helaas had de buurman haar geloofd. Hij wist niet dat ze loog. Hij gaf de kat aan haar terug. De wrede vrouw nam de kat weer mee naar huis en behandelde haar slechter dan ze ooit gedaan had. Ze bond een touw om de nek van de kat en dat touw bond ze aan een stoel vast. En opnieuw gaf ze de arme kat niets te eten of te drinken. Het dier werd dunner en dunner en zwakker en zwakker en na een poosje stierf de arme kat.
"Wat is dat vreselijk wat ze gedaan heeft!" riep een van de Metgezellen van de Profeet (vrede en zegeningen zij met). "Wat een ontzettende wrede en slechte vrouw!" "De Profeet (vrede en zegeningen zij met hem) was het hier mee eens. "Allah werd hierdoor ook erg boos op de wrede vrouw," vertelde hij de Metgezellen. De vrouw was niet alleen wreed. Ze had ook nog gelogen. Ze had een grote zonde begaan omdat ze en levend schepsel van Allah zo slecht behandeld had. De man die de dorstige hond te drinken had gegeven was al zijn zonden vergeven door de vriendelijke daad die hij voor een levend dier had verricht. Maar deze vrouw, die haar kat zo wreed had behandeld was niet vergeven en zo stuurde Allah haar naar de Hel.
OemAbdoellah
01-10-2002, 15:56
haha dit zijn leuke verhalen voor uw kinderen/neefjes/nichtjes ;)
wasalam alaikoem
OemAbdoellah
01-10-2002, 16:10
assalamoe alaikoem wara7MATALLAH
Een basisschoolleraar zat les te geven aan groep vijf, in een Arabisch land en hij had het over hoe belangrijk het ochtendgebed is, vooral als je dat in de moskee doet en hoe goed dat gebed door Allah wordt beloond.
Hij had op zo'n mooie en ontroerende manier verteld, dat kinderen van die leeftijd er erg van onder de indruk raakten. Tussen die kinderen was er eentje die vast had besloten om vanaf dat moment nooit meer het ochtendgebed te missen.
Hij zat te denken hoe hij zo vroeg wakker kon worden en omdat niemand bij hem thuis wakker werd voor het gebed en hij niet zomaar de wekker mocht gebruiken, besloot hij om niet te gaan slapen en om te wachten tot het gebedstijd werd.
Zo gezegd zo gedaan, hij sliep niet en toen het tijd was maakte hij zich klaar en ging hij zich ritueel wassen (woedoe). Maar nu wilde hij ook naar de moskee en omdat hij te jong was om alleen in het donker de deur uit te gaan, was dat een probleem. Hij ging voor de deur zitten denken hoe hij toch naar de moskee kon gaan.
Toen zag hij, dat zijn oude overbuurman richting moskee vertrok en hij besloot om hem in alle rust te volgen tot de moskee.
Eindelijk gebeden, voelde het jongetje zich zo goed dat hij nooit meer het ochtend gebed wilde missen. Op de terugweg volgde hij de oude man weer tot aan huis.
Zo ging het een aantal weken door en zijn ouders wisten er niks van.
Op een dag kreeg hij te horen dat zijn oude buurman overleden was. Het kind was zo droevig dat hij uren zat te huilen en niemand kon hem stil krijgen. Zijn vader kwam bij hem en vroeg: "Waarom huil je zo erg om die man, jij kende hem haast niet en zijn kinderen waren te oud om met je te spelen?"
Het jongentje zei: "Ik houd van die man ik had liever gewild dat jij in zijn plaats dood was gegaan!" Zijn vader schrok zo erg van wat hij hoorde dat hij aan zijn zoon vroeg:"hoe kun je nu zo iets zeggen, wat heb ik verkeerd gedaan?" Het kind zei: " Omdat je nooit het ochtendgebed bidt en dus Allah ondankbaar bent en die lieve oude man was de enige achter wie ik elke ochtend naar de moskee ging! Waarom bid je niet pappa?"
Zijn vader was hiervan zo geschrokken en tegelijkertijd zo verdrietig en had heel veel spijt, hij knuffelde zijn zoon en beloofde hem om nooit meer het gebed over te slaan. Sindsdien bidden de twee bijna elk gebed in de moskee.
Einde
wasalam
Jawairia
02-10-2002, 12:50
Hele mooie verhalen. Ik vind het erg jammer dat men er niet mee op kom. Ik weet niet of er boeken zijn te koop met zulke verhalen, want ik geloof als ouders zulke verhalen beginnen te vertellen van jongs af aan, in plaats van kabouter plop, of assepoester of dikkie dik, dan gaan de kinderen op een jonge leeftijd al aan hun geloof denken.
Weten jullie misschien of er boeken te koop zijn met zulke verhalen??
groetjes
OemAbdoellah
02-10-2002, 13:03
Origineel gepost door Jawairia
Hele mooie verhalen. Ik vind het erg jammer dat men er niet mee op kom. Ik weet niet of er boeken zijn te koop met zulke verhalen, want ik geloof als ouders zulke verhalen beginnen te vertellen van jongs af aan, in plaats van kabouter plop, of assepoester of dikkie dik, dan gaan de kinderen op een jonge leeftijd al aan hun geloof denken.
Weten jullie misschien of er boeken te koop zijn met zulke verhalen??
groetjes
assalamoe alaikoemw ara7matalah
beste zuster,
na3am er zijn kinderboekjes te koop
wasalam
Jawairia
02-10-2002, 14:28
Weet je toevallig ook waar ik ze kan kopen, bij een gewone boekhandel lijkt mij dat onwaarschijnlijk. Of heb ik het verkeerd??
Uitgeblust
02-10-2002, 14:42
LIEFDE VOOR JE KINDEREN
Alle arme en behoeftige mensen gingen naar Rasoeloellah en zijn familie om hulp. Rasoeloellah en zijn vrouwen hielpen hen zoveel ze konden.
Op een dag kwam er een oude vrouw en haar twee dochters bij Oemm al-moe'minoen 'Aisha. De oude vrouw had honger en moest iets eten. Ook allebei de dochters hadden erge honger. 'Aisha keek in haar huis rond maar vond niets om aan de oude dame of haar dochters te geven. Toen ontdekte ze een dadel die op de vloer lag. Ze raapte hem op, poetste hem schoon en zei tegen de vrouw: "Misschien heeft Allah deze dadel vandaag voor u bewaard."
De oude vrouw was erg dankbaar voor de dadel. Ze verdeelde hem tussen haar twee dochters, die zo'n honger hadden, dat ze hun deel onmiddellijk verorberden.
Een halve dadel was amper genoeg voor de hongerige meisjes. De liefhebbende moeder had zelf niets genomen, en er was niets anders dat 'Aisha aan de arme familie kon geven. Na een poosje verlieten de oude dame en haar dochters 'Aisha.
Toen Rasoeloe!lah terugkeerde, vertelde 'Aisha het verhaal van de moeder met haar twee dochters. Rasoeloellah kreeg medelijden toen hij van hun toestand hoorde. Hij zei tegen 'Aisha: "Als Allah de mensen kinderen geeft, dan plaatst hij een diepe liefde in hun hart. Als ze Allah's zegening beantwoorden door hun plicht na te komen jegens hun kinderen, dan zal Allah hen beschermen tegen het vuur van de hel."
Rasoeloellah leerde de ouders, dat zorgen voor de kinderen een manier is om Allah te danken voor Zijn vriendelijkheid. Allah beloont ouders voor het liefhebben van hun gezinnen.
Uitgeblust
02-10-2002, 14:45
DE RIJKE EN DE ARME
In de Qur'aan vertelt Allaahu Ta`ala ons over twee vrienden, aan de ene gaf Allaahu Ta`ala twee tuinen met druiveplanten, die omringd werden met palmen. Allaahu Ta`ala gaf hem ook akkers waarin hij groenten en graan verbouwde. Allaahu Ta`ala had hem dus rijk en welvarend gemaakt. Daarentegen maakte Allaahu Ta`ala van zijn vriend een arme sloeber.
In de beide tuinen van de rijke man gaf Allaahu Ta`ala veel vruchten en schoten daarbij in niets tekort. Allaahu Ta`ala liet tussen de beide tuinen een rivier stromen.
Nadat hij zijn oogst binnen gehaald had, schepte hij op tegen zijn arme vriend en hij zei:
Ik heb meer bezit dan jij en ik heb ook een grotere familie en gezin dan jij.
Vol trots ging hij terug naar zijn tuin. Hoewel Allaahu Ta`ala hem alles had gegeven, ontkende hij Allaahu Ta`alas gunsten. Door zijn ondankbaarheid aan Allaahu Ta`ala was hij trots en hebzuchtig geworden. Hij dacht dat alleen hij en de natuur ervoor gezorgd hadden dat er een rivier tussen zijn tuinen liep, dat de planten goed groeiden en dat zijn tuinen en akkers zo veel groente, fruit en graan gaven.
Hij geloofde dat zijn tuinen, bomen, water en alles wat hij bezat voor altijd zou bestaan en dat niemand van hem kon afnemen. Het enigste waaraan hij dacht was dan ook zijn werk, familie, geld en bezittingen. Zijn geloof in de natuur, werk, rijkdom en familie was sterker dan in Allaahu Ta`ala. Daarom zei hij: Ik denk niet dat mijn tuinen en akkers ooit zullen vergaan. En ik denk ook niet dat de Dag des Oordeels (Yawmil Qiyamah) zal komen.
Hij kon niet geloven dat er een leven in het hiernamaals kon zijn. Maar hij zei:
Als er toch een leven hierna (Yawmil Akhirah) is, dan zal ik naar mijn Rabb teruggebracht worden en ik zal nog beters dan deze tuinen en akkers krijgen van mijn Rabb.
Hij vond zichzelf zo'n goede mens dat hij dacht dat Allaahu Ta`ala hem in het Hiernamaals wel zou belonen met het Paradijs (Djannah). Hij dacht dat Allaahu Ta`ala van hem hield. Waarom zou Allaahu Ta`ala hem anders zoveel geld, bezittingen en kinderen hebben gegeven en zijn arme vriend niet. Hij dacht dat Allaahu Ta`ala aan de mensen van wie Hij hield als beloning hier op aarde geld, bezittingen, kinderen en gezondheid gaf. En hij dacht dat rijke mensen ook in het Hiernamaals konden doen en laten waar ze zin in hadden. Dat is natuurlijk niet zo.
Doordat hij niet in de Dag des Oordeels (Yawmil Qiyamah) geloofde, was zijn geloof in Allaahu Ta`ala zwak en zijn liefde voor zijn kinderen, geld en bezittingen groot. Voor hem maakte het niet uit of de Dag des Oordeels (Yawmil Qiyamah) kwam of niet, hem kon toch niets gebeuren, hij was toch rijk en welvarend.
Zijn arme vriend met wie hij in gesprek was, werd erg boos op hem en hij zei tegen hem:
Ontken jij Allaahu Ta`ala die jou uit aarde en dan uit een druppel schiepe je dan tot man gevormd heeft?. Maar Allaahu Ta`ala is mijn Rabb, en ik voeg aan mijn Rabb niemand alsmetgezel toe.
Ik aanbid naast Allaahu Ta`ala geen andere goden, zoals mijn gezin, werk of bezittingen. Hoe kan je Allaahu Ta`ala ontkennen. Toen je dood in je moeders buik zat heeft Allaahu Ta`ala je als baby laten leven, daarna ben je steeds groter en groter geworden en er komt een dag dat Allaahu Ta`ala je ook laat sterven. En op de Dag des Oordeels (Yawmil Qiyamah) zal Allaahu Ta`ala je weer laten leven uit de dood. Buiten Allaahu Ta`ala is geen ander godheid, Allaahu Ta`ala laat alles leven, groeien, bloeien en doodgaan, Allaahu Ta`ala geeft Alles eten en drinken, Allaahu Ta`ala laat alles slapen en bewegen, Allaahu Ta`ala laat het water stromen, de wolken bewegen en de maan, zon en de sterren stralen. En Allaahu Ta`ala heeft, bij het doen van al die dingen, van niemand hulp nodig. Ik zeg niet zoals jij, dat de natuur of ik ervoor zorgen dat alles wat in de tuin en akker is groeit en bloeit, nee, alleen Allaahu Ta`ala doet dat. Ik geloof in Allaahu Ta`ala en de Dag des Oordeels (Yawmil Qiyamah). Ik geloof dat alles door Allaahu Ta`ala gebeurt op de manier hoe Allaahu Ta`ala het wil.
Hij zei ook:Toen jij in je tuin ging, dan had je in plaats van op te scheppen, dat ik minder bezit en kinderen heb dan jij, Allaahu Ta`ala dankbaar kunnen zijn voor al het moois dat Allaahu Ta`ala je gegeven heeft, en je had beter kunnen zeggen: Maashaa'Allaahu Ta`ala laa qoewwata illaa billaah (Zoals Allaahu Ta`ala het wil, alleen in Allaahu Ta`ala is kracht). Allaahu Ta`ala kan mij in het hiernamaals iets beters geven dan jouw tuin. En Allaahu Ta`ala kan een zware regenbui uit de hemel zenden die jouw tuinen en akkers vernietigt en een kale en glibberige grond van maakt. Of dat het water van de rivier er diep wegzakt zodat jij het niet meer kunt vinden. Dan zal je pas zien dat alles wat je bezit in een keer is verdwenen.
Allaahu Ta`alas straf kwam snel. Het regende zo hard dat al zijn vruchten volkomen werden verwoest. Toen de rijke man dit zag, begon hij zich de handen te wringen. Al het werk dat hij in zijn tuinen en akkers gedaan had was voor niets geweest. Hij had niets meer over van al zijn bezittingen. Hij had geen vruchten meer, hij had geen bomen meer al zijn groente en graan was verwoest. De rivier die tussen zijn tuinen stroomde was drooggevallen. Toen hij Allaahu Ta`alas straf had gezien vroeg hij vergiffenis maar hij was te laat ermee. En hij zei:
Ah, had ik aan mijn Rabb maar niemand als metgezel toegevoegd, had ik maar buiten Allaahu Ta`ala geen andere goden, zoals de natuur, bezittingen en familie, aanbeden.
Hij had over zijn grote familie en gezin opgeschept maar toen Allaahu Ta`alas straf kwam, was buiten Allaahu Ta`ala voor hem geen van zijn vrienden en familieleden die hem er tegen konden helpen. Hij kreeg dan ook van niemand hulp. Hij kon zichzelf niet eens redden, laat staan zijn bezittingen.
Als de komst van Allaahu Ta`ala straf zover is, heeft alleen de ware Allaahu Ta`ala nog bescherming te bieden. Hij geeft de beste beloning en de beste uiteinde.
Hiermee is het verhaal van deze twee mensen tot een einde gekomen. Allaahu Ta`ala vertelt ons dan dat het begin en het einde van het leven hier op aarde als water is, die uit de hemel als regen komt. De planten op aarde groeien door dit regen water door elkaar in verschillende geuren en kleuren. Dan worden deze planten droge stengels die de wind wegblaast. Allaahu Ta`ala is over alles machthebber. Bezittingen en zonen en dochters zijn de pracht van het leven op aarde, niet de bezittingen, geld en kinderen maar goede daden (iemaan, salaat, sawm, zakaat, hadj etc) zullen voor altijd blijven. Goede daden hebben bij jouw Rabb betere beloning en een betere verwachting.
Wa'l hamdulillaahi Rabbi'l `aalamien
OemAbdoellah
02-10-2002, 15:46
Origineel gepost door Jawairia
Weet je toevallig ook waar ik ze kan kopen, bij een gewone boekhandel lijkt mij dat onwaarschijnlijk. Of heb ik het verkeerd??
assalamoe alaikoem wara7matallah
ik zie dat je uit rdam komt? je kunt boeken etc kopen bij stichting alaqsa op de vierambachtstraat anders op de zwaanhals(rdamnoord) daar heb je een islamitische zaakje
doe je best
wasalam
amatallah
©2000-2012 Marokko.nl Virtual Community's - La maison du Maroc. Powered by Marokko Media.