Advertentie: bereik met Marokko.nl vrijwel alle Marokkaanse jongeren


PDA

Bekijk originele versie : meer info en tips bij peuterpubertijd



tangia19
07-10-2006, 21:45


Bijna iedere ouder krijgt er vroeger of later mee te maken, een koppig peutertje die enkel zijn eigen zin wil doen en niet tot reden vatbaar lijkt te zijn. Het kind is dwars en verzet zich tegen alle grenzen en eisen die door de ouders gesteld worden. Er wordt dan ook vaak gesproken van de peuterpuberteit. Het is de fase van het 'zelluf doen" en het veelvuldig "nee zeggen". Het nut van koppig gedrag Het is een moeilijke fase zowel voor de ouders als voor het kind. Maar het is ook een noodzakelijke fase en deze fase hoort bij de ontwikkeling van het kind. Het is de eerste stap naar individualisatie en zelfstandigheid. Het kind ontdekt een persoon te zijn die los staat van de ouders, met een eigen mening en een eigen wil. En dat is natuurlijk een heel erg belangrijke ontdekking. De koppigheidsfase, die meestal zo rond de ander half de kop begint op te steken en vaak zo rond de drie en half/ vier jaar weer begint te verdwijnen, is dan ook zeker een belangrijke fase die bijna ieder kind doormaakt. Wel is het ene kind natuurlijk veel koppiger dan het andere kind. Het karakter van het kind speelt hier een belangrijke rol in. Wanneer het kind de koppigheidsfase helemaal niet doormaakt kan het kind later moeite krijgen met grenzen, bazig gedrag gaan laten zien en moeite hebben met de omgang met leeftijdgenoten omdat het moeilijk rekening kan houden met de wensen van anderen. Het is dan ook zeker geen slecht signaal wanneer een peutertje dwars is, slecht luistert of erg zijn eigen zin wil doordrijven. Hoe gek dit ook klinkt het is zelfs wel een goed signaal. Wanneer een kind namelijk dwars durft te zijn betekent dit dat het de relatie met de ouders als veilig en zeker ervaart. Het kind vertrouwt er op dat de ouders ondanks het dwarse gedrag van het kind blijven houden. We zien dan ook vaak dat ouders verbaast aangeven dat hun kind bij anderen altijd zo braaf is en alleen thuis zulk lastig gedrag laat zien. Dit kan tot grote frustratie bij de ouders zorgen omdat de ouders het gevoel krijgen dat het kind hun probeert uit te dagen. Maar dit is niet het geval. Het kind is niet koppig om het dwars zijn, maar is aan het experimenteren met de eigen wil. En vaak durven kinderen dit alleen in de vertrouwde omgeving van hun ouders. Een peuter loopt ook voortdurend tegen zijn eigen grenzen en de grenzen die door de ouders gesteld zijn op en dit kan tot de befaamde peuterdriftbuien zorgen, die ook zeker een onderdeel zijn van de koppigheidsfase. Daarbij is het ook goed om je als ouder te realiseren dat kinderen van deze leeftijd nog niet echt rekening kunnen houden met de gevoelens en wensen van anderen. Het kind is hier verstandelijk gewoon nog niet aan toe, het heeft nog geen inlevingsvermogen. Ze ontdekken net zelf dat ze gevoelens en wensen hebben die los staan van die van hun ouders en anderen. Ze ontdekken een persoon te zijn en ontwikkelen een "ik"gevoel hetgeen leidt tot egocentrisme. In de beleving van het kind draait de wereld om het kind. Dreumessen en peuters plaatsen hierdoor hun eigen behoefte nog helemaal centraal. En peuters zijn zich in het geheel nog niet bewust van de consequenties van hun eigen wil of wensen en hebben een nog maar beperkt ontwikkeld geweten. Peuters doen dat wat verboden is niet, omdat het niet mag en niet omdat het kind beseft dat het verkeerd is. We spreken bij peuters van een extern geweten. Als het kind wel erg koppig is De fase van het koppig zijn hoort dus bij de peuterleeftijd en bij het ene kind wordt deze fase als heviger ervaren dan bij het andere kind. Zoals gezegd kan het karakter van het kind hier een belangrijke rol bij spelen. Ook de reactie van de ouders heeft invloed op het gedrag van het kind. Maar erg koppig gedrag kan ook een signaal zijn dat er toch wel wat meer aan de hand is. Zo kan erg koppig gedrag er op wijzen dat er te hoge eisen aan het kind gesteld worden, waardoor het kind zich gaat verzetten. Anderzijds kan het ook dat er juist te weinig eisen aan het kind gesteld worden of dat er te weinig grenzen getrokken worden, waardoor het kind te veel vrijheid krijgt om dwars gedrag te laten zien. Daarnaast kan onenigheid tussen de ouders over de opvoeding ook tot dwars gedrag bij het kind leiden omdat het voor het kind onduidelijk is wat mag en wat niet mag. Het kind zoekt dan duidelijkheid door de grenzen te gaan aftasten. Wanneer een kind helemaal niet de ruimte krijgt te experimenteren met de eigen wil en de wil van het kind keer op keer gebroken wordt kan dit ook tot zeer koppig gedrag gaan leiden. Er ontstaat dan een machtsstrijd. Omgaan met koppig gedrag Het omgaan met een koppige peuter vraagt veel geduld en begrip maar ook duidelijke grenzen en een consequente aanpak. De ouders moeten er naar streven zo min mogelijk boos te worden en het kind moet leren dat het met huilen of een driftbui niet zijn zin kan krijgen. Belangrijk is wel dat het kind de ruimte krijgt om dingen op zijn of haar eigen manier te doen, zodat het kind ontdekt dat het ook een eigen mening mag hebben en dat het kind ook 'nee' mag zeggen tegen dingen. Het moet alleen ook leren dat niet alles kan gaan zoals het kind dat wil en dat er ook rekening gehouden moet worden met de wensen van anderen. Het kan dan ook goed zijn een peuter een beetje te laten experimenteren met de eigen wil door bij onbelangrijke dingen toe te geven of door keuzes te geven waardoor het kind inspraak krijgt. Het kind afleiden kan soms ook helpen bij het bijsturen van het koppige gedrag van het kind, zodat het kind het gevoel heeft dat zijn/ haar wil niet gebroken is, maar toch meewerkt. Het kan een hele uitdaging zijn om goed om te gaan met een koppige peuter, maar met humor, geduld en begrip voor het kind en het belang van deze fase voor het kind, kan deze fase zowel voor de ouders als de peuter op een goede manier doorlopen worden.

tangia19
07-10-2006, 21:46
Regels en normen Je peuter is inmiddels op de hoogte van de basisregels die er bij jullie thuis gelden. Maar dat betekent niet dat hij deze vlekkeloos opvolgt. Vanuit zijn drang naar zelfstandigheid en onafhankelijkheid test hij de grenzen van jouw gezag. Belonen Een goede manier om het gedrag van je kind te veranderen, is hem te belonen op het moment dat hij iets doet wat jij heel prettig vindt. Als je kind voor het eerst alleen op het potje heeft geplast, of op eigen initiatief zijn speelgoed heeft opgeruimd, kun je hem met een beloning laten merken dat je dit heel erg waardeert. Door hem een compliment te geven of hem te trakteren op een snoepje, weet je kind dat je trots op hem bent en zal hij zijn best doen dit gedrag vaker te vertonen. Hierbij is het belangrijk dat je niet te lang wacht met het geven van de beloning. De relatie tussen het gedrag en de beloning moet duidelijk voor hem zijn. Op die manier zal je kind het beste begrijpen dat hij door zijn gedrag een beloning heeft verdiend. Manieren van belonen Er zijn verschillende manieren om je kind te belonen. Deze manieren hebben we hieronder voor je op een rijtje gezet: Complimenten Tastbare beloning Beloningssysteem Verrassing Omkopen Complimenten Door je kind een compliment te maken, laat je hem weten dat je trots op hem bent. Dit motiveert een kind vaak beter om het gedrag nog eens te vertonen, dan een tastbare beloning zoals een snoepje. Door een complimentje leert je kind welk gedrag je van hem waardeert. Je kunt je kind op verschillende manieren complimentjes maken: met woorden, knuffels, schouderklopjes of een trotse glimlach. Je kind voelt zich al beloond als jij genegenheid voor hem toont. Hierbij is het goed om heel duidelijk het gedrag te prijzen, niet je kind zelf. Zeg liever niet: "Wat ben je toch een knappe meid", maar zeg: "Wat knap dat je zelf op het potje hebt geplast" of "Ik vind het hartstikke goed van je dat je niet hebt gehuild bij de tandarts". Tastbare beloning In plaats van een compliment kun je je kind ook een tastbare beloning geven. Dit is een heel goed middel wanneer je kind een grote stap voorwaarts in zijn ontwikkeling probeert te zetten, bijvoorbeeld wanneer hij zijn best doet om niet meer in bed te plassen. Het is niet verstandig om je kind op deze manier te belonen voor alledaagse dingen, zoals het leegeten van zijn bord. Je kunt er beter voor kiezen een beloning te geven wanneer je kind iets doet, wat niet tot zijn vaste taken behoort. Bijvoorbeeld wanneer je kind geduldig op je wacht wanneer jij een nieuwe broek aan het uitzoeken bent. Een tastbare beloning kan van alles zijn. Je kunt je kind belonen met een leuk uitje, bijvoorbeeld naar de dierentuin of het zwembad. Maar je kunt er ook voor kiezen om hem te belonen met een snoepje of met nieuw speelgoed. Het is in ieder geval goed om de beloningen af te wisselen. Als je kind elke dag een snoepje krijgt, zal het effect verdwijnen. Beloningssysteem In plaats van af en toe een beloning te geven, kun je er ook voor kiezen een beloningssysteem op te stellen voor je kind. Dit kun je bijvoorbeeld gebruiken als je je kind iets wilt aanleren, wat op een gewone manier niet zo goed wil lukken. Stel dat je je kind wilt leren om niet meer te schreeuwen in huis. Wat je dan kunt doen, is een soort kalender maken, waarop je kind voor elke dag dat hij niet heeft geschreeuwd, een sticker mag plakken. Voor een jonge kleuter is deze sticker al een echte beloning. Met een oudere kleuter zou je af kunnen spreken dat hij een cadeautje krijgt, wanneer hij de hele kalender vol heeft. Een beloningssysteem kun je niet gebruiken voor een peuter. Je kind moet hiervoor minstens vier jaar oud zijn. Een peuter kan namelijk nog niet verder kijken dan de dag van vandaag. Hij zal waarschijnlijk heel enthousiast zijn over de beloofde beloning, maar na een paar dagen zal hij toch terugvallen in zijn oude gedrag. Bij een peuter is het beter om de beloning direct na zijn goede gedrag te geven. Dan snapt hij dat het zijn gedrag is, dat tot een beloning heeft geleid. Verrassing Je kindje zal het extra leuk vinden wanneer hij onverwacht wordt beloond voor zijn goede gedrag. Door deze aangename verrassing, zal zijn positieve gedrag sterk worden aangewakkerd. Hij weet nu immers dat zijn vader of moeder trots op hem is als hij zich zo gedraagt! Omkopen Tenslotte kun je je kind ook een beloning in het vooruitzicht stellen. Wanneer je dit doet om iets van hem gedaan te krijgen, spreken we van omkopen. Zo kun je bijvoorbeeld beloven dat jullie morgen pannenkoeken gaan eten, als hij vandaag zijn andijvie opeet. Of je belooft hem een snoepje, als hij nu vijf minuten lief in zijn eentje gaat spelen. Het is niet verstandig om van omkopen een gewoonte te maken. Kinderen die regelmatig worden omgekocht, verwachten op den duur altijd een beloning, en doen alleen nog iets om de beloning te krijgen. Bovendien kan je kind het idee krijgen dat elke handeling waar hij een beloning voor krijgt, vervelend is. Waarom zou hij anders worden beloond? Als je kind niet aan tafel wil komen, kun je hem beter niet omkopen met een snoepje. In plaats van je kind goed gedrag te leren, leer je hem hiermee namelijk aan om de volgende keer weer "nee" te zeggen, zodat je hem nog een keer met iets lekkers om zult kopen. Eigenlijk is het dus het beste om omkopen te vermijden